Het Nederlandse vakbondsbeleid heeft veel lof geoogst, vooral ook van buitenlandse regeringsleiders die hun vakbonden en hun 'arme kant' nog aan de criteria van het Europa van de bankiers moeten zien te onderwerpen. Dit beleid van lage lonen heeft samen met een hoogconjunctuur en overheidssteun voor het bedrijfsleven geleid tot exorbitante winsten en asociale inkomens- en vermogensverhoudingen.
De FNV heeft al flinke ononderhandelbare looneisen aangekondigd. Gelijk heeft zij, in het huidige kapitalistische Nederland. Toch is een dergelijk vakbondsbeleid van Amerikaanse snit niet wat de oprichters van de PvdA na de oorlog voor ogen stond. Zij wilden samenwerking tussen progressieve christenen, links-liberalen en de sociaal-democraten voor een samenleving juist niet gebaseerd op graaien en snaaien.
Misschien willen behalve PvdA en FNV ook het CDA en CNV hun gedachtengoed nog eens overwegen. Goudzwaard en geestverwanten willen af van de jaarlijkse loonronden. Zij willen de loonruimte niet bijna volledig aan de werkgevers laten en ook niet volledig aan de werknemers, maar gebruiken voor de vorming van fondsen om dat te financieren, waarvan het paarse kabinet beweert dat het daarvoor geen financiën heeft. Als naast loonmatiging ook nog de belasting op vermogenswinsten en milieu-onvriendelijke produkten wordt opgevoerd komen er voldoende middelen vrij om werkgelegenheid te scheppen voor iedereen, en om andere zaken aan te pakken die het sociale en fysieke voortbestaan van onze samenleving waarschijnlijker maken.
Of de PvdA en/of de FNV daartoe nog te bewegen zijn? Toen mijn ouders en ik in 1947 als 'doorbraak-christenen' lid werden van de PvdA, waarschuwde mijn moeder ons voor het materialisme in de sociaal-democratische beweging: “Ze praten daar altijd over centen en procenten, zelden over 'iets hogers'.” Hoe meer ik het bekijk, mijn moeder had gelijk.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.