Korte samenvatting van de Elfstedentocht 1997: volksvermaak geheel ingeblikt aangeleverd door de media. Althans volgens lidnummer 8695, vanaf vandaag lidnummer 1 van de vereniging De Echte Elfstedentocht.
Maar gelukkig zijn er schaatstochten: de magie van glijden door een verstild Nederlands polderlandschap, verlicht door een waterige winterzon, is elke keer weer een magische belevenis. Ook de milde vorm van ontberingen die een schaatstocht met zich meebrengt is fijn. Zoals bij bergbeklimmen of bergwandelen is het een zware fysieke inspanning waar de sporter in alle eenzaamheid zijn gevecht tegen de elementen levert, ver weg van de bewoonde wereld. Schaatsen is een van de mooiste bewegingen die er zijn en het is een verademing om niet, zoals op de kunstijsbaan, om de honderd meter een bocht naar links te hoeven maken.
En dan zijn er de schaatsers en schaatsverenigingen. Het is bijna magisch hoe er in vorstperioden een hele sociale infrastructuur tot leven wordt gewekt. Geheel belangenloos worden door vrijwilligers van schaatsverenigingen toertochten uitgezet, die tegen een minimale betaling gereden kunnen worden. 'Schaatsvolk is goed volk' zegt mijn vader altijd en dat klopt.
Geen wonder dus dat ik de kans om de Friesche Elfstedentocht van 1997 te rijden met beide handen aangreep. Wel was er enige zorg over de vraag of het verantwoord was om 200 kilometer te rijden zonder een kilometer natuurijs in de benen. Maar ja, een kans om de Elfstedentocht te rijden laat je niet liggen.
Vrijdag dus in de trein naar Leeuwarden. Bij aankomst schoten er drie verschillende cameraploegen plaatjes van de leegstromende trein. Tja, al die media, dat hoort sinds 1985 ook bij de Elfstedentocht. 's Avonds op tv uitsluitend beelden van de Elfstedentocht, op vier kanalen tegelijk. Wat vooral opvalt is dat er op al die vier kanalen vrijwel niets te melden is, de live-uitzendingen zijn gevuld met nietszeggende interviews. Om de drie zinnen horen we de termen 'fantastische sfeer' en 'geweldig feest'.
Zaterdag, de wandeling van het station naar de Frieslandhallen. Een zatte, lallende toeschouwer maait met zijn arm in mijn richting, ongetwijfeld 'grappig' bedoeld. Ik weet nog net uit te wijken, anders was hier mijn Elfstedentocht al ten einde gekomen.
Het wachten voor het vertrek is mooi, samen met duizend andere gekken in een kooi, nu al bang voor de wind. De vaselinepot gaat rond, we smeren allemaal ons gezicht goed in. Om 7.02 gaat de kooi open, startnummers 8000 tot 8999 stromen naar buiten; onder hen ook nummer 8695.
De eerste 20 kilometer zijn fantastisch. Over superijs zoeven we richting Sneek, terwijl links van ons de zon langzaam maar zeker de horizon verlicht. Bij elk dorpje staan mensen te joelen, de lucht is vol Kom-op-zet-'m-op's en Je-bent-er-bijna's.
IJlst, Sloten, Stavoren, een uurgemiddelde van twintig kilometer per uur. Tijdens een pauze in Stavoren hoor ik 'piep-piep-piep...piep-piep-piep', alsof een wekker afgaat. Naast me grijpt iemand in zijn binnenzak en haalt een zaktelefoon tevoorschijn. Ik kijk om me heen en zie dat vijf mensen aan het bellen zijn met familie, verzorgers of de aandelenbeurs. Dit klopt niet, dit hoort niet bij een Elfstedentocht, hoor ik mezelf denken. Hoezo strijden in eenzaamheid, hoezo ver van de bewoonde wereld?
Windjack aan, klaar voor de vijftig kilometer naar Harlingen. Het is bijna niet te doen, het waait zo afschuwelijk hard. Tussen Hindeloopen en Workum loop ik tegen de man met de hamer op. De windkracht moet 5 of 6 zijn, is echt niet te harden. Mijn gebrek aan training wreekt zich, ik krijg kramp in mijn bovenbenen en kan niet meer aanzetten om te kunnen reageren op de voortdurende tempowisselingen van mijn groepje. Mijn denken wordt langzaam en warrig, een milde trip lijkt het wel, de scheuren in het ijs een fascinerend lijnenspel.
Workum gehaald, drinken, eten. Ik kan maar niet wennen aan die zaktelefoons, overal zitten schaatsers te bellen. Zouden ze hun zaktelefoon ook gebruiken als ze in de supermarkt niet weten welk merk wasmiddel ze mee moeten nemen, vraag ik me af.
Workum-Bolsward, het kon dus nog erger. Uiteindelijk komt dan toch Bolsward in zicht. Bij het stempelen zie ik dat ik een gemiddelde van tien kilometer per uur heb gereden. Onder de indruk van deze prestatie geef ik mezelf een pauze. Ik ga bij een 'koek-en-zopie' zitten naast een zaktelefonerende mederijder en kijk om me heen. Het is onvoorstelbaar druk in Bolsward, hele mensenhagen langs de route. Een brullend en brallend groepje jongens fungeert als gangmaker. Het heeft veel weg van carnaval, ook al zo'n fantastisch feest met een fantastische sfeer waar ik fantastisch niet goed van word. Dus na eten en drinken snel op naar Harlingen.
Ergens tussen Bolsward en Harlingen valt het besluit: Ik zal deze Elfstedentocht niet uitrijden. Het zwaarste stuk moet nog komen, vol in de wind tussen Franeker en Dokkum, met slecht ijs op de Blikvaart. Het Elfstedenkruisje is me geen hernia waard. Om drie uur stap ik in Harlingen van het ijs af en ga bij mijn ouders in huis opwarmen. We kijken televisie, en op tv is alles fantastisch. Ook als er helemaal niets meer te melden is weet Annet van Tricht nog wel een vraag te stellen, de zendtijd wordt gevuld met fantastische mensen die het fantastisch vinden om de fantastische sfeer van dit fantastische evenement mee te maken.
Ik begin aan de terugtocht naar huis. In Harlingen duwen en trekken fantastische mensen die elkaar willen belemmeren om de trein in te komen. Op station Leeuwarden komt een journalist een 'leuk, sfeervol' plaatje schieten van de wachtende treinreizigers. Hij zet de camera neer op het tegenoverliggende perron, en maakt vervolgens wat gebaren met zijn handen; de wachtende meute begint 'spontaan' te joelen en te zingen. Ik hoor de voice-over van het Journaal al bij de beelden: “In gemoedelijke sfeer verlieten de tienduizenden Elfstedenbezoekers de Friesche hoofdstad.” Even later komt de trein. De meute komt in beweging, dringt en duwt, de mensen blijken fantastisch te kunnen vloeken en schelden.
Umberto Eco omschreef ooit eens slechte smaak als het opdringen van een geprefabriceerd effect. Dat is de kortste samenvatting van de Elfstedentocht anno 1997: volksvermaak geheel ingeblikt aangeleverd door de media. Het is zo fantastisch, iedereen moet er bij zijn.
Voor lidnummer 8695 hoeft het niet meer. Vanaf vandaag ben ik lidnummer 1 van de geheime, nog op te richten vereniging De Echte Elfstedentocht. De Echte Elfstedentocht zal in het geheim worden gereden, een dag vóór de Media-Elfstedentocht. Media, zaktelefoons en publiek zijn tijdens de Echte Elfstedentocht ten strengste verboden. Dat zou pas echt fantastisch zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.