*

 
dossier

Archief

Precisie en zijdeglans in Mahler van Muti en Wiener Philharmoniker

FRANZ STRAATMAN − 10/05/95, 00:00

Om te onderstrepen dat de Wiener Philharmoniker niet geregeerd wordt door een chefdirigent, is dit ensemble naar het Mahler-feest gekomen met drie gastdirigenten. Die koos dit zichzelf besturend orkest ook zelf, waarbij goed in het brein van organisator Sanders werd gekeken. Die dacht aan Bernard Haitink.

Onder diens leiding betraden de Weners zondagavond het geheiligd podium om de derde symfonie te spelen: een voortreffelijke combinatie. Voor de vierde symfonie vroegen de Weners de Italiaan Riccardo Muti en voor de zevende symfonie de Engelsman Simon Rattle. Van lef getuigde die uitnodiging wel, want op dat moment hadden ze nog niet samengewerkt met de energieke chef uit Birmingham.

Niet bekend

De vierde is een miniatuur (relatief gesproken) binnen Mahlers oeuvre. De bezetting komt neer op een groot uitgevallen Mozart-orkest. Er zitten veel kamermuziek-achtige passages in, en veel solo-werk; de eerste violist gebruikt in het tweede deel een instrument dat een toon hoger is gestemd, en moet klinken als eine Fiedel.

Kenmerkend is het klokwerk van achtste noten waarop deze symfonie loopt. Rinkelbelletjes en twee fluiten zetten de lichtvoetige ritmiek in; zij blijft de sfeer bepalen tot in het hemelse lied dat als vierde deel de symfonie besluit. Volstrekt ontspannen en toch veerkrachtig precies sponnen de strijkers hun fijne lijnen die zich soms verdichtten in zestiende noten en trioolfiguren. De zilverige klank kwam prachtig tot uiting, mede door de vloeiende voordracht die Muti met zijn dirigeren bevorderde.

Mahler wisselt de bijkans precieuze sfeer af met tempo-overgangen en feeërieke effecten. Die werden door Muti en het orkest met elan gerealiseerd. Fantastisch was het effect waar Mahler niet alleen Wild en enkele maten verder Schwungvoll als kanttekening toevoegde, maar ook grosser Strich van het strijkorkest wil: wat een klank!

Ontspannen vergleed het tweede deel, waardoor het kamermuzikale samenspel prachtig verliep. Waar operadirigent Muti helemaal zijn waarde jegens de operadirigent Mahler bewees, was in het derde deel. Dat zit vol instrumentaal belcanto; en er wèrd gezongen! Na een briljante explosie gaat het over in een van de mooiste muzieken, het georkestreerde lied 'Wir geniessen die himmlischen Freuden'.

Barbara Bonney zette haar klinkklare sopraan en doordacht-natuurlijke tekstbegrip in voor de allermooiste bijdrage tot nu. De begeleiding van Muti en het orkest was zo sensueel en zijdezacht, dat met recht gezongen werd: 'Kein Musik is ja nicht auf Erden, die unsrer verglichen kann werden'. Muti rondde dit muzikaal paradijs af zoals Mahler precies aangeeft: sich Zeit lassen!

Voor de pauze droeg Jennifer Larmore de vijf georkestreerde Rückert Lieder voor; alleen het vijfde lied 'Ich bin der Welt abhanden gekommen' was gaaf van sfeer en expressie. Het ontbrak Larmore aan tekstbegrip, aan verstaanbare dictie van het Duits en ook aan stemmiddelen voor het Duitse lied.

Vanavond volgt het tweede optreden van het Berliner Philharmonisches Orchester; Bernard Haitink dirigeert 'Kindertotenlieder' en de zesde symfonie; ook op radio 4. Vanmiddag speelt het Nederlands Balletorkest in de Mahler-tent om 12.30 uur een symfonie van een bevriende, jong gestorven medestudent van Mahler, Hans Rott. Mahler zelf roemde het werk; het zou alle elementen bevatten die Mahler zelf in eigen composities uitwerkte. Voor kinderen is er om 14.30 uur een instructief programma over het slagwerk (van trom tot koe-bel) uit Mahlers symfonieën.

mailIcon print |