*

 
dossier

Archief

Dat kan niet, op school: een ongewone vader

Door: redactie − 21/06/95, 00:00

'Waar zullen we vanmiddag naar toe?'

Dus houden we een gezinsreferendum. Want de democratiche verschuiving naar microniveau, waarbij de burger z'n licht mag laten schijnen over alle levensgelukbepalende beleidszaken is ook aan dit gezin niet voorbijgegaan. Graag zag ik nationale referenda over de PTT-uniformen (die het midden houden tussen Russisch legersurplus en een afgewezen Star Trek-ontwerp), de lantaarnpalen op het Damrak (wansmaak, weg!) en opstelling en tactiek van het Nederlands elftal (uiteindelijk hebben we daar allemaal verstand van).

Voor het zondagsuitje-referendum besluiten we tot een verkorte procedure.

We vullen beiden een stemformulier in, promoveren de prullenbak tot stembus en deponeren onze ingevulde formulieren bij de bevoegde autoriteiten. Voor het gemak en ter beperking van de kosten zijn we dat zelf.

Helaas blijken ondanks de 'onverwacht hoge opkomst' (de vaste Journaal-zinsnede) van 66 procent (omgerekend toch twee op de drie, maar zoals ik al zei moest z'n moeder werken) de stemmen te staken. Vijftig procent van de kiezers wil naar het Zuiderzee-museum. De andere helft van de stemgerechtigden heeft een voorkeur voor het glasblaasmuseum in het Drentse Hoogeveen.

De gezinsraad, hier vertegenwoordigd door twee prominente leden, staat voor een dilemma. Wat zouden Patijn en Peper besloten hebben? Kunnen we Berlusconi om advies vragen?

Moeten we het gezin opsplitsen in deelraden met eigen burgemeesters en eigen bevoegdheden? Onder wie valt de afwas, het verschonen van de kattebak, het draaien van de bonte was? Maar veel prangender: wordt het de Noordhollandse polder of de Drentse zandgronden?

Gelukkig bieden het weer (steeds natter) en het museumboekje uitkomst: we gaan naar het Muiderslot. Niet zo ver, alweer een tijdje niet geweet en bij de rondleiding vertellen ze daar zo aardig welke spreekwoorden en zegswijzen afkomstig zijn uit het middeleeuwse leven. 'In de luren gelegd' werden kleine babytjes in de tijd van slotvoogd P.C. Hooft, strak in doeken gewonden als hardhandig middel tegen de Engelse ziekte en bedekt met warme lappen tegen de verkoudheid. En als een hummel bezweek onder de liefde en de hitte, was het 'te heet gebakerd'.

Het uitje verloopt naar wens. Weliswaar krijgen we op het Muiderslot geen flippo's, maar het regent minder dan verwacht en het kind vindt dat ik me goed gedraag. Want dat schijnt er nog wel eens aan te mankeren. Ik doe niet gewoon genoeg, vindt hij. En net nu hij in die typische basisschoolfase komt, waarin het erom gaat zo volledig mogelijk op te gaan in de groep, kun je een ongewone vader natuurlijk niet hebben.

Hij zit nog in een overgangsstadium. De liefdevol door beide oma's gebreide truien kunnen bijvoorbeeld nog wel, vaders opmerkingen niet. 's Morgens word ik door hem na een afscheidszoen stante pede weer de school uitgestuurd.

Voordat ik m'n mond open over de samenscholingen van moeders in roze joggingpakken die ekaar van een half uur voor openingstijd tot een uur na de bel onderhouden over de prijs van de andijvie, vakantie met de caravan, hun nieuwe haarspoeling en: de was!

Terwijl het vooral ongeloof is, dat ik even wil uiten. Jarenlang heb ik gedacht dat die vfrouwen in wasmiddelenreclames nep waren of tenminste vanuit het Duits nagesynchroniseerd. Blijken ze echt te bestaan, elke ochtend op het schoolplein, live! En ze praten echt over...

Maar ik mag er niks over zeggen. 'Pap, doe toch niet altijd zo bijzonder!' Schrijven mag wel. Ik ben benieuwd hoe lang nog.

mailIcon print |