*

 
dossier

Archief

Eindelijk weer eens optimisme bij Sparta

MATTY VERKAMMAN − 01/02/96, 00:00

ROTTERDAM - Dwars tegen de algemene opinie in dat het einde van het transfersysteem ook het begin van het einde van de club zal betekenen, richt Sparta zich op een structurele plaats in de sub-top van de eredivisie. Terwijl de omgeving van het Kasteel in Spangen weinig optimisme uitstraalt, acht Sparta zich met de gisteren vastgelegde nieuwe hoofdsponsor voor de komende drie seizoenen juist de koning te rijk.

Na het spectaculaire gelijkspel, onlangs tegen Ajax, dacht Sparta-trainer Henk ten Cate na dit seizoen nog in een zwart gat te vallen. Omdat maar liefst achttien contracten aflopen en het transfersysteem ten grave wordt gedragen, stelde Ten Cate somber vast dat hij in de zomer waarschijnlijk op het nul-punt moet beginnen. Hoe positiever waren gisteren ineens de geluiden bij de club die dit seizoen zo sterk voor de dag komt. Met het vastleggen van de Goudse Verzekering als hoofdsponsor is een basisbedrag van circa een miljoen gulden per jaar gemoeid. Via een glijdende schaal kan op grond van de prestaties dat jaarlijkse bedrag maximaal worden verdubbeld. Voor Sparta-begrippen gaat het inderdaad om veel geld. De huidige shirtsponsor betaalt nog niet de helft van de nieuwe som. Maar anderzijds ligt Sparta nog ver achter bij de commerciële geldstromen die subtoppers als Vitesse, FC Twente, Willem II en NAC weten te genereren. En dat zijn nu juist de clubs, waar Sparta het toch van denkt te kunnen winnen als het gaat om de jacht op talentvolle spelers. Omdat voorzitter Peter van de Burg in Zuid-Amerika was, ventileerde vice-voorzitter Jan Bossink gisteren tussen de feestelijke champagne door het nieuwe optimisme van Sparta. Overigens leek hij daarbij uit te gaan van het op niet meer dan drijfzand gebaseerde principe waarbij de wens de vader van de gedachte is. Hoe zou Sparta met, pak 'm beet, FC Groningen, kunnen concurreren, wanneer de nieuwe noordelijke hoofdsponsor per jaar al weer drie keer zo veel schuift als het bedrijf ('Sparta heeft nergens tegenstanders en heeft bijvoorbeeld ook in de media een brede sympathie') dat zich zo graag met Sparta identificeert? Bossink: “Onze spelers moeten zich eens afvragen of zij er bij een andere club wel echt op vooruit kunnen gaan.”

Met de nieuwe sponsor groeit de begroting volgend seizoen bij Sparta met circa 45 procent. Hiermee wordt de grens van zes miljoen gulden gepasseerd. Bossink: “Het streven is om in het jaar 2000 met een begroting van minimaal tien miljoen te werken.”

In dat jaar, zo gaf de vice-voorzitter ook nog eens aan, wil Sparta het eerste seizoen op de Rivium-locatie bij Capelle aan den IJssel al gespeeld hebben. Al in het nieuwe seizoen zou Sparta overigens de grens van een begroting ter hoogte van zeven miljoen wel eens kunnen passeren, want zoals alle clubs is Sparta in hoopvolle afwachting van de onderhandelingen die de KNVB op televisie-gebied voert. Die structurele inkomsten zullen vermoedelijk acht keer zo hoog uitvallen als nu nog het geval is. Hoeveel miljoen extra gaat dat de clubs uiteindelijk opleveren? Vooralsnog weet niemand het.

Het bestuur van Sparta zegt zich intussen groen en geel te ergeren aan de clubs die door de stormachtige ontwikkeling op het transfergebied in het geheim aan het 'shoppen' zijn geslagen. “Jawel”, zo zei Bossink, “ook van Sparta worden spelers benaderd, zonder dat wij als werkgever worden geïnformeerd. Het is triest om te zien dat de clubs die via een gentleman's agreement eerder afspraken elkaar eerlijk te informeren, die afspraak nu aan hun laars lappen.” Met deze opmerking ventileerde Sparta het geluid van de voetbalbestuurder oude stijl. Nog altijd kunnen de clubs zich amper voorstellen dat zij niets meer te vertellen hebben over een speler wanneer het overeengekomen contract is afgelopen.

Of dit daadwerkelijk het geval zal zijn, weet Sparta's technisch directeur Thijs Libregts zo net nog niet. “Het transfersysteem is internationaal afgeschaft, nationaal nog niet.” In de wandelgangen denken de clubs nog steeds aan een bepaalde overgangsregeling. Maar met het arrest van het Europese Hof in de zaak-Bosman in de hand, zal vermoedelijk ook een Nederlandse rechter bij een verlangde toetsing van spelerszijde, de clubs geen enkel houvast meer geven. “Het transfersysteem is dood”, zo heeft voorzitter Jos Staatsen van het bestuur betaald voetbal kort en bondig laten weten. Libregts: “Dat is natuurlijk een ongelukkige uitspraak van Staatsen geweest, nu de KNVB zich intern nog over dit vraagstuk buigt.”

Thijs Libregts is de man die voor Sparta momenteel probeert de huidige, zo veelbelovende spelersgroep intact te laten. “Als er echt een fantastisch aanbod voor een speler als Dennis de Nooijer komt, kunnen we natuurlijk niet meer meedoen. Sparta kan concurreren op subtop-niveau, met dat uitgangspunt wil ik met de spelers onderhandelen.”

Veel te onderhandelen is er vooralsnog echter niet. Libregts: “De spelersvakbond adviseert de spelers met een aflopend contract voorlopig niets te doen. Ik vraag me af of dat een verstandig advies is. Tot wanneer moeten die spelers dan blijven wachten? Het is best mogelijk dat wij straks op zeker moment uitgaan van een situatie waarbij we niet meer rekenen op het aanblijven van een speler. Toch moeten we in de zomer een groep compleet hebben. De speler die te lang wacht, komt misschien wel zonder werk te zitten.”

mailIcon print |