*

 
dossier

Archief

Atjeh weert alles wat vreemd is

Wilma van der Maten − 28/12/99, 00:00

De Indonesische provincie Atjeh wil los van Indonesië, niets meer, niets minder. Maar lang niet iedereen is even blij met de streng-Islamitische omlijsting van de nationale revolutie.

President Wahid van Indonesië aarzelt in het verre Jakarta nog tussen meer of minder autonomie, in een federatief verband, dat vooral niet zo mag heten. Als zoethoudertje biedt hij een referendum, waarin de bevolking van Atjeh zich kan uitspreken vóór of tegen invoering van de sjaria, de islamitische wet.

Voor de Baiturrahman Moskee in Banda Atjeh worden vier vrouwen voor de ogen van het toegestroomde publiek kaal geknipt. Er liggen lange plukken zwart haar op straat. ,,Het zijn prostituees'', zegt een woordvoerder van de Islamitische Studentenbeweging, die de openbare terechtstelling organiseert. Verdoofd ondergaan de jonge vrouwen hun straf.

In de hoofdstad Banda Atjeh is geen ongesluierde vrouw meer te bekennen. Twee gesluierde vrouwen gekleed in spijkerbroek en met rode lippestift op komen op een brommer voorbij rijden. ,,Het is hier saai geworden'', zegt Amir, student Engels aan één van de universiteiten van Banda Atjeh. ,,Voorheen gingen we iedere zaterdagavond met onze vrienden naar het strand. We dansten en maakten plezier. Maar dat is nu wel afgelopen''. In een paar maanden tijd is Banda Atjeh verandert in een stad waar strenge Islamitische regels gelden. In mei was alcohol nog hier en daar verkrijgbaar. Nu schudt iedere restauranthouder bij navraag zijn hoofd. Zelfs de Chinese winkeliers hebben het niet meer onder de toonbank.

Teungku Faisal Ali, derde secretaris van het presidium van oelama's in Atjeh, kijkt met voldoening terug op de campagne waarmee de raad van oelama's afgelopen voorjaar startte en waarin ze vrouwen vriendelijk verzochten een jilbab, een hoofddoek, te dragen. ,,Onze educatie is aangeslagen, want alle vrouwen volgden ons advies op''. Hij ontkent dat er dwang is uitgeoefend. ,,Maar als vrouwen het niet willen, geven we ze advies de jilbab toch te dragen, omdat Atjeh nu eenmaal islamitisch is''. Teungku Faisal keurt acties als haren knippen af.

Zittend op een trapje voor hun huis dagen gesluierde tienermeisjes jongens uit. In dit moslimdorpje in de jungle aan de oostkust van Atjeh schrijft de traditie voor, dat jongens de nacht in de moskee doorbrengen. Giechelend zwaaien de meisjes de vertrekkende bezoekers uit. Zelf gaan ze naar binnen, want vrouwen horen 's avonds niet buiten. Deuren en ramen gaan dicht. Zoals iedere avond lezen ze tot het slapen gaan, samen uit de Koran. Buiten wordt het stil. In de verte, in het rokerige mannenhuis, schettert de enige televisie van het dorp.

Op het platteland van Atjeh is de Islam al eeuwen verweven met de cultuur. Religie speelt een belangrijke rol in het dagelijkse leven. De moskee is de centrale plek van de gemeenschap. Hier wordt gerouwd en feest gevierd. In de periode dat in deze Indonesische provincie de noodtoestand gold (1989-1998), en de bevolking leed onder de zware repressie, was het gebedshuis de enige plek waar de Atjeeërs hun gevoelens vrij konden uiten. Op 4 december, toen de Beweging voor een Vrij Atjeh de onafhankelijkheidsproclamatie van 1976 herdacht, baden mannen en bij hoge uitzondering vrouwen in de moskee voor de Islamitische staat.

Op dit meest westelijke puntje van Indonesië kreeg de Islam zeven eeuwen geleden als eerste voet aan de grond. De meeste Indonesiërs zijn weliswaar moslim. Maar in Atjeh kijken ze met minachting neer op hun geloofsgenoten, die in hun religie invloeden van de Javaanse mystificatie en hindoeïsme toelieten. De Atjeeërs beschouwen zichzelf als pure Islamieten. Dat is ook de reden dat vijftig jaar na de onafhankelijkheid van Indonesië Atjeh nog steeds een eigen Islamitische staat wil.

Het presidium van oelama's grijpt de huidige roep om onafhankelijkheid aan om een eigen Islamitische staat op de agenda te krijgen. Daarbij wil de raad van geestelijke leiders volledige invoering van de sjaria, islamitische wetgeving. President Wahid stelde onlangs een referendum voor met als optie sjaria.

Maar islamitische wetgeving betekent ook het uitvoeren van harde lijfstraffen, zoals het afhakken van de hand van dieven. ,,Straffen moet je in stappen doen, zo schrijft de sjaria voor'', zegt de geestelijke leider Faisal Ali. ,,Aan dieven en prostituees wordt eerst onderwijs geboden. Ze krijgen een rehabilitatieprogramma, waarna ze mogen terugkeren in de maatschappij. Pas als laatste stap zullen we overgaan tot het afhakken van de handen en het stenigen van prostituees. Maar dat doen we pas als ze echt niet willen leren'', zegt de geestelijke leider onverbiddellijk.

Pater Ferdinando Severi schudt meewarig zijn hoofd. Bijna twintig jaar woont de Italiaanse Fransiscaan in Atjeh. Bij zijn aankomst schreven de geestelijke leiders boze brieven aan de parochie in de Indonesische hoofdstad Jakarta. ,,Ze dachten dat ik hier kwam om zieltjes te winnen. Toen ze zagen dat ik me dienstbaar maakte, accepteerden ze me''.

Iedere zondag wordt de mis in zijn kerkje druk bezocht door Chinezen en Javanen. Roomskatholieke Atjeeërs gaan in het diepste geheim in Jakarta of Medan naar de kerk. ,,Op papier bestaat hier vrijheid van godsdienst. Het islamitische Atjeh weert alles wat vreemd is. Ze zijn tegen buitenstaanders. Die afkeer neemt alleen maar toe'', zegt pater Ferdinando.

Enkele vrouwelijke studenten in Banda Atjeh namen onlangs wraak op de mannen. Tijdens het vrijdagmiddaggebed marcheerden ze door de straten van de hoofdstad en sommeerden alle mannen, die op er rondhingen, onmiddellijk naar de moskee te gaan. Wegens succes wordt de actie binnenkort herhaald.

mailIcon print |