Voor het eerst sinds 1912 is er weer helderheid over de indeling in soorten van de vruchtetende vleermuis. Bioloog Wim Bergmans is voorlopig aan het einde van een lange zoektocht door regenwouden en museumcollecties. Mét een ontdekking van formaat die niet iedereen welgevallig was.
Bergmans promoveert vandaag aan de Universiteit van Amsterdam op een inventarisatie van de Megachiroptera, vleermuizen die geen insecten eten maar vruchten. Ze komen vooral voor in Afrika en Azië. Jarenlang was de bioloog druk met het opsporen en catalogiseren van kenmerken die de ene vleermuissoort onderscheidt van de andere: de grootte, de beharing, de kleur, het aantal tanden.
Bergmans trok door dampende regenwouden en langs verstofte museumcollecties. Het uit 1912 daterende Britse standaardwerk over vruchtetende vleermuizen is nu op tientallen punten herzien.
Saai? Bergmans weet wel beter. Met zichtbare opwinding denkt hij terug aan 1978, toen hij als assistent-conservator van het Amsterdamse Zoölogisch museum te elfder ure zijn directeur moest vervangen op een congres over potvissen in San Diego, Californië.
Reuze boeiend, die potvissen, maar het ging Bergmans vooral om de week die hij op eigen initiatief aan het snoepreisje had vastgeplakt. De bioloog toog naar het Museum voor natuurlijke historie in Los Angeles. Daar bevond zich een belangrijke collectie overblijfselen van vruchtenetende vleermuizen, die toen al jaren nadrukkelijk zijn belangstelling had.
Groot was zijn verbazing toen hem door de Amerikaanse vakgenoot die de ladenkasten met vleermuishuiden en vleermuisbotjes beheerde de toegang tot de collectie werd ontzegd. “Hij verklaarde zelf bezig te zijn met een onderzoek naar de dieren”, vertelt Bergmans. “Na veel aandringen ging hij ermee akkoord dat ik in een schriftelijke verklaring beloofde niet eerder te zullen publiceren dan hij. Pas toen mocht ik de collectie bekijken.”
Bergmans zette zijn handtekening en trok de eerste laden open. Zijn geoefend oog zag al snel: hier was iets merkwaardigs aan de hand. “Het was een rommeltje. Er was in geen jaren naar omgekeken. Die conservator had helemaal geen onderzoek gedaan. Hij heerste over het materiaal alsof het van hem persoonlijk was.”
Had hij de Amerikaan wel goed begrepen, informeerde Bergmans nog. Stond hij echt op het punt te gaan publiceren? Jazeker, kreeg hij te horen. Hoofdschuddend trok de Amsterdamse bioloog de allerlaatste lade open. Hij bekeek de vleermuisresten van nabij en zei tegen de verblufte Amerikaan: “Joh, ik geloof dat jij een nieuwe soort in je collectie hebt.”
Aan het vervolg denkt Bergmans niet graag terug. De Amerikaan liet zich ten slotte overtuigen en stelde voor de ontdekking gezamenlijk te publiceren. Bergmans ging akkoord, reisde terug naar Nederland en stuurde van daaruit alle mogelijke informatie.
In Berlijn én in het Natuurhistorisch museum in Leiden stuitte hij vervolgens op in alcohol bewaarde vleermuizen die bij nader inzien óók tot de nieuwe soort bleken te behoren, iets dat hij aan Los Angeles meldde. Vele maanden later kwam er eindelijk antwoord: een concept-artikel dat aan alle kanten rammelde. Bergmans publiceerde toen zelf maar. Myonycteris relicta (van 'relict', overblijfsel) werd de naam die hij 'zijn' vleermuis in 1980 in het vakblad Zoölogische verhandelingen meegaf.
De Amerikaan reageerde furieus, maar het einde van het liedje is dat Bergmans zijn onderzoek gewoon afrondde en dat zijn buitenlandse collega elders emplooi heeft moeten zoeken. De ontdekking van de nieuwe vleermuis staat inmiddels definitief op alleen Amsterdamse naam.
Het 'geboortebericht' van de vleermuis is een bijzonderheid in het proefschrift van de bioloog, die in de daaropvolgende jaren méér ontdekte: vleermuizen die bij de verkeerde soort waren ingedeeld bijvoorbeeld. En ook twee nieuwe vleermuismijten en een nieuwe vleermuisvlooiensoort.
Van Myonycteris relicta zijn er intussen hooguit een dozijn exemplaren gesignaleerd, in museumcollecties en in de natuurlijke omgeving: de kustbossen van Kenia en Tanzania. Zelf heeft Bergmans nog korte tijd naar de vleermuis gezocht in Zimbabwe. Tevergeefs. Bij de onderzoeker thuis hangt inmiddels een schilderij aan de muur, met daarop een fraaie relicta - als een huisdier dat hij zelf heeft uitgevonden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.