Er woedt onder meer in Trouw een defensiedebat. Het bedroevende is, dat het debat aan het verkeerde eind begint: de centen. De financiële onderbouwing van verkiezingsprogramma's is de bepalende factor geweest voor voorgestelde bezuinigingen op het defensiebudget. Voor een cruciaal onderwerp als veiligheid is dit onvoorstelbaar.
Dat het defensiedebat niet louter aan de militairen moet worden overgelaten, zoals John Grin in Trouw (13 januari) waarschuwt, is juist. Dat de politici zich meer in het debat zouden moeten mengen ook. Je kunt je wel afvragen of je zo'n belangrijk onderwerp kunt overlaten aan politici in verkiezingstijd.
Wat zullen de consequenties zijn van bezuinigingen op de Amerikaanse betrokkenheid bij de Europese veiligheid en het streven naar een grotere Europese betrokkenheid bij veiligheidszaken? Vanaf een afstand lijkt het of het provincialisme in Den Haag regeert.
Bosnië heeft ons lessen geleerd. Als de nood hoog is, is de Navo met haar unieke multinationale geïntegreerde militaire structuur als enige in staat om effectief in te grijpen. Dit imago van effectiviteit straalt af op andere Navo-activiteiten van de de laatste jaren. Voor grootschalige vredesoperaties is de participatie van de VS - militair én politiek - onmisbaar. De Europese Unie zal voorlopig te verdeeld blijven voor een geloofwaardig en daadkrachtig gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid. Of we het nou leuk vinden of niet, voor onze veiligheid zijn wij nog in hoge mate afhankelijk van de VS. En dit brengt mij op een probleem dat de politici serieus dienen mee te nemen in hun afweging.
De Amerikanen grijpen de Navo-uitbreiding aan om de Europeanen nu echt zover te krijgen een groter deel van de kosten voor de eigen veiligheid op zich te nemen.
Een ander punt dat de Amerikanen steeds meer naar voren brengen is hun wens om de Navo in te zetten bij conflicten in de wereld waarbij zowel Amerikaanse als Europese belangen in het geding zijn. De VS verwachten van hun bondgenoten een grotere solidariteit; de VS hebben geen zin meer om alle kastanjes uit het vuur te halen voor het toch ook welvarende Europa.
Of wij het met deze perceptie eens zijn of niet, is niet zo relevant. Feit blijft dat de transatlantische band voor de Europese - en dus Nederlandse - veiligheid van cruciaal belang blijft.
Ook politici in verkiezingstijd dienen zich hier rekenschap van te geven. Op zijn minst moet ook dit soort machtspolitieke noties een belangrijke plaats innemen in een diepgravend defensie- en vooral veiligheidspolitiek debat, voordat er weer in de grabbelton van defensie wordt gegrepen.
Het is toch ironisch dat iemand zoals Jan Pronk zijn partijgenoten (en anderen) op grond van de praktijk moet duidelijk maken, dat een Nederlandse inzet bij internationale vredesoperaties “niet op een koopje kan”.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.