Tournee. Deze maand nog: 11 en 13/2 Enschede, 19/2 Hengelo, 22/2 Varsseveld. Vrijdag 28/2 ontvangt Willem Wilmink de Johnny van Doorn-prijs in de Stadsschouwburg van Arnhem. Informatie: 0546-86.19.58
Hoe zeer die erkenning hem toekomt, blijkt uit zijn huidige theaterprogramma ''t Kon slechter'. Na afloop van zijn optreden in het Hoftheater in Raalte heeft Wilmink alweer snel het hoogste woord aan de tafel. Over Johnny van Doorn gaat het, vanwege de toekenning van die prijs de enige keer dat hiju hem ontmoette. Dan neemt hij meteen ook maar even het werk in ogenschouw van de vorige prijswinnaars: Simon Vinkenoog en Carla Bogaards. En we krijgen het over de brug van Zaltbommel en Wilmink declameert Nijhoffs beroemde gedicht. Volgt het Twentse dialect, waarna hij een afslag neemt naar de betekenis van het woord 'poepen' in Vlaanderen en de hygiëne in de Middeleeuwen. En als het vertrek van Kluivert bij Ajax valt, heeft hij nog een mooie anekdote paraat over Abe Lenstra.
Wie de 60-jarige Wilmink zag optreden en hem nu zo hoort vertellen, kan zich moeilijk voorstellen dat hij anderhalf jaar geleden een hersenbloeding kreeg. Die deed vrezen voor het vervolg van het schrijverschap dat hij bemint, maar ook voor de overlevering van die duizenden prachtvertellingen in zijn hoofd en zijn privégeluk, want hij is een zeer temperamentvol mens, wiens gemoed zich door ziekte moeilijk laat temmen. Gelukkig herstelde hij spoedig, al doet hij het sindsdien wel wat kalmer aan. Hij schrijft nog veel, maar van spreekbeurten en andere culturele activiteiten houdt hij zich voortaan afzijdig. Alleen met de kleinschalige theaterprogramma's die hij sinds 1987 met bevriende muzikanten opvoert, ging hij door. Een papegaai wordt doodongelukkig als hij, gekortwiekt of gekooid, van gezelschap verstoken blijft. Voor Wilmink geldt hetzelfde, want in hem huist naast de schrijver die afzondering behoeft ook nog de troubadour die met zijn werk naar buiten wil treden. Nu hij andere openbare ontmoetingen mijdt, vormen deze optredens daarvoor een ideale mogelijkheid.
Vóór zijn hersenbloeding maakte Wilmink drie theaterprogramma's waarin hij de hele band Quasimodo (voorheen Jakkes), onder leiding van Karel Bosman, achter zich had staan. Tijdens de voorbereiding van ''t Kon slechter' werd duidelijk dat zowel de band als Wilmink zichzelf tekortdeed. Quasimodo heeft nu een eigen voorstelling met zijn werk. Wilmink treedt voortaan alleen op met Quasimodo-leden Karel Bosman (zang en gitaar) en Frank Deiman (zang en piano).
Liet Wilmink zich in het verleden nog wel eens verleiden zijn accordeon om te gespen, ook die extra spanning gaat hij voortaan uit de weg. De kwaliteit lijdt er niet onder. Hij zit rustig op het podium met een stapel van zijn indrukwekkende aantal boeken voor zich. Daaruit leest en zingt hij, waarbij hij slechts een enkele keer achter zijn tafeltje vandaan komt. En hij luistert aandachtig toe wanneer Bosman of Deiman afwisselend of samen en op muziek van Harry Bannink of zichzelf nummers van hem vertolken. Die leidt hij dan steeds in met een anekdote over de ontstaansgeschiedenis ervan (zoals een verliefdheid of ontwapenende herinneringen uit kinder- of studententijd) of met wat losse opmerkingen, waaruit zijn nog sterk kloppende rode hart spreekt. Door de zeer afwisselende keuze en de fraaie wijze waarop de nummers associatief aan elkaar geschakeld worden, is ''t Kon slechter' een bijzonder indrukwekkende ode aan Wilminks literaire werk. Maar zeker ook aan zijn kwaliteit als performer in de troubadourtraditie van Charles d'Orléans en François Villon, om maar eens twee van zijn collega-dichter-zangers te noemen over wie Wilmink zo boeiend kan vertellen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.