*

 
dossier

Archief

ANSICHTKAARTEN

MONIC SLINGERLAND − 12/01/98, 00:00

Mocht ik ooit oud worden en in een stille kamer komen waar alle dagen eender zijn, dan haal ik die doos tevoorschijn die nu voor mij op tafel staat.

Er zitten ansichtkaarten in en de oudste is van zeventien jaar geleden.

In de doos zitten niet alleen kaarten die bij mij op de gangmat vielen, maar ook kaarten die ik naar anderen stuurde. Niemand heeft dat nog in de gaten gekregen, maar ik heb er een handje van om die kaarten tijdens een bezoekje van een bijzettafeltje te grissen en in mijn tas te stoppen. Voor de doos. Mijn oudedagsvoorziening.

Zeventien jaar ansichtkaarten, dat is een beknopte geschiedenis van een leven, vol onbelangrijke details, zoals een bedankje voor een gegeven paraplu waar ik anders niets meer van zou weten (achterkant: “Het is nu echt genieten in de regen”; voorkant: acht pinguïns met kleurige paraplu's). Maar wel een geschiedenis met een geheide hoofdlijn. Alle vrienden komen erin voor, alle verhuizingen zitten erin. In de periode dat we nogal vaak ons boeltje pakten schrijft iemand die ik nu al weer zeven jaar niet gezien heb: “Is dit adres nog wel van toepassing?” Wat zien die kaarten zonder postcode er trouwens kaal uit.

De oudste kaarten zijn aan ons beiden geadresseerd. Dan komt er steeds verandering in de bovenste regel van de adressering. Het eerste kind is steeds met duidelijk genoegen genoemd. Ook de afzenders krijgen kinderen. Op de kaarten komen steeds meer namen. Nu en dan verdwijnt er ook een naam of komen er nieuwe combinaties.

Van een aantal kaarten is de tekst sinds vandaag gevlekt en doorgelopen en van andere is het hoekje met de postzegel er afgeknipt.

Het oudste kind is een postzegelverzameling begonnen. Na enig nadenken geef ik hem de doos. Mam, wat vind je belangrijker, de voorkant of de achterkant, vraagt hij met het oog op het afweken. Allebei, zeg ik.

Achteraf schrikt hij wel van die vlekken en happen, maar dat die kaarten er niet meer uitzien als gisteren vind ik niet erg. Later, als ik in die stille kamer zit, zal ik de hoekjes en vegen zien en denken: o ja, toen begon hij postzegels te sparen. Zo groeit de geschiedenis in de ansichtkaartendoos.

mailIcon print |