*

 
dossier

Archief

Commando's dreigen schip op te blazen; situatie in belegerd dorp nog onduidelijk

Door: redactie − 17/01/96, 00:00

Van onze correspondent MOSKOU - Tsjetsjeense commando's hebben gisteravond een Turkse passagiersboot op weg naar Rusland gekaapt en dreigen het schip op te blazen in de drukke Straat van Bosporus als het belegerde gijzelingscommando in Dagestan niet vrijuit mag gaan. Met deze actie lijken de Tsjetsjenen hun dreigement te verwezenlijken dat ze Rusland zullen opzadelen met een golf van terreur.

De Turkse boot zou uit de havenstad Trabzon aan de Zwarte Zee op weg gaan naar de Russische badplaats Sotsji, eveneens aan de Zwarte Zee, toen de 120 passagiers en 45 bemanningsleden te maken kregen met zes gemaskerde en gewapende mannen die zeiden dat ze Tsjetsjenen zijn. Het schip lag nog voor anker toen de mannen hun actie begonnen. Volgens een vrouw, die wist te ontkomen, zijn er gewonden gevallen toen de Tsjetsjenen de Russen onder de passagiers apart zetten. De overvallers hadden gezegd dat ze de Turken geen haar zouden krenken.

Veel Russen maken korte trips naar Turkije om daar goedkope handelswaar in te slaan, waarmee ze hun inkomen aanvullen. Veerboten zijn veelal volgepakt met deze amateur-handelaars.

De kapers van het schip trachten kennelijk hulp te bieden aan het Tsjetsjeense gijzelingscommando dat in het Dagestaanse dorp Pervomaiskoje wordt belegerd. Russische troepen zijn er na een tweede dag van zware beschietingen nog steeds niet in geslaagd het verzet van dit commando te breken. Redding van de ongeveer honderd gijzelaars die nog in het dorp vastzitten, lijkt voor de Russen op het tweede plan te komen.

Russische woordvoerders klinken steeds pessimistischer. Nu al is er een enkeling die zegt dat de beschietingen van het dorp misschien een week moeten duren voordat de Tsjetsjenen door hun munitie heen zijn. Het commando zou een stelsel van loopgraven hebben ingericht.

Sinds de beschietingen maandagmorgen begonnen zijn ongeveer dertig gijzelaars vrijgekomen. Vierentwintig van hen wisten te ontkomen tijdens de verwarring op de eerste dag van de beschietingen. Zij werden door Russische troepen ontdekt toen die de rand van het dorp wisten te bereiken. De Tsjetsjenen zouden ook een klein groepje gijzelaars hebben vrijgelaten om de buitenwereld te vertellen wat er echt in het dorp is gebeurd. Volgens de Tsjetsjenen verspreiden de Russen alleen maar leugens over executies van gijzelaars en mishandelingen. De Russen houden de bevrijde gijzelaars echter weg van de pers.

Het Russische persbureau Interfax wist echter bij monde van een gijzelaar te melden dat er nog minstens 250 Tsjetsjenen standhouden in het dorp.

De Russen zeggen dat zij honderd Tsjetsjenen in het dorp hebben gedood. Bovendien zouden ze met een luchtbombardement een groep van 150 Tsjetsjenen op enkele kilometers van het dorp onschadelijk hebben gemaakt. Die groep zou het gijzelingscommando te hulp hebben willen schieten.

Het is ondoenlijk deze beweringen op waarheid te toetsen. Beide partijen geven zich, bij gebrek aan onafhankelijke waarnemingen in de buurt van het dorp, over aan desinformatie.

In de Tsjetsjeense hoofdstad Grozni werd gisteren een personeelsbus met ongeveer dertig werknemers van een warmwater-centrale gekaapt door onbekenden. Of deze actie ook op touw is gezet door de opstandelingen, is niet duidelijk. Over het lot van de mensen was gisteren niets bekend.

De eergisteren benoemde nieuwe stafchef van president Jeltsin sloeg gisteren op zijn eerste persconferentie een harde toon aan over de Tsjetsjenen. “Als die gangsters hun straf weten te ontlopen, dan zullen de mensen niet geloven dat de federale autoriteiten in staat zijn recht en orde te scheppen in het land”, zei Nikolai Jegorov. Zijn uitlatingen wijzen erop dat het Kremlin de dood of arrestatie van de Tsjetsjenen een hogere prioriteit geeft, dan de bevrijding van de resterende gijzelaars.

In partijpolitieke kringen stuit de bestorming van het dorp op afschuw. Zowel de communisten als de liberale oppositiepartij van de econoom Javlinski bereiden een motie van wantrouwen in de regering voor. Maar gisteren, tijdens de installatie van het in december gekozen parlement, was er geen tijd voor de gijzelingscrisis. Alle aandacht van de parlementariƫrs was gericht op het verdelen van de invloedrijke posities in het parlement.

mailIcon print |