Van een onzer verslaggeefsters AMSTERDAM - Wanneer iemand een jaar na het afsluiten van een levensverzekering aan kanker sterft, is dat voor de rechter niet voldoende reden om de verzekeraar toestemming te geven voor onderzoek naar fraude, vreest het Verbond van verzekeraars. “Pas wanneer er andere aanwijzingen zijn voor fraude dan alleen statistische gegevens kan een verzekeraar een onderzoek instellen,” zegt woordvoerder Willem Terwisscha.
“En om die aanwijzingen te krijgen zou je rare dingen moeten doen, zoals met de buren praten. Los daarvan vinden we het als verzekeraars pijnlijk voor de nabestaanden om nader onderzoek in te stellen. Dat is niet te verkopen.” Het Verbond van verzekeraars heeft daarom voorgesteld dat verzekeringsgeneeskundigen het recht krijgen om medische dossiers van overledenen in te zien binnen een zekere termijn na overlijden.
Uit peilingen door levensverzekeraars blijkt dat de sterfte onder mensen met een levensverzekering de laatste jaren drie keer zo hoog is als statistisch te verwachten zou zijn. Omdat de verzekeraars fraude vermoeden, spreken zij al een aantal jaren met de artsenkoepel KNMG, met de bedoeling tot een gezamenlijke regeling te komen die fraude met levensverzekeringen moet terugdringen. Volgens de verzekeraars verzwijgen jaarlijks enkele honderen mensen dat ze een ernstige ziekte hebben, wanneer ze een levensverzekering afsluiten. Het gaat hierbij niet om de duurste levensverzekeringen, want wanneer het verzekerde bedrag hoog is, bijvoorbeeld een miljoen, stelt de verzekeraar een medische keuring verplicht.
Het zou bij deze fraude vooral gaan om middenklasse levensverzekeringen, die worden gecombineerd met bijvoorbeeld een hypotheek op een huis van drie ton. Voor dergelijke polissen hoeft de nieuwe verzekerde alleen een schriftelijke medische verklaring in te vullen. Het is dan eenvoudig om een ziekte te verzwijgen.
De schade voor de verzekeraars bij levensverzekeringsfraude bedraagt volgens hun schatting enkele tientallen miljoenen per jaar. Een groot bedrag, maar toch niet meer dan enkele promilles van het totale bedrag dat zij jaarlijks bruto aan levensverzekeringen uitkeren. In 1996 was dat 17 miljard. Terwisscha: “Daar zitten dan ook de collectieve verzekeringen in. Het gaat ons in dit geval om de individuele polissen. De uitkeringen daarvan bedragen zo'n 10 miljard per jaar.”
Verzekeringsmaatschappijen verdienen al jaren het meest op hun levensverzekeringen. De nettowinst van de gezamenlijke levensverzekeraars bedroeg in 1996 3,5 miljard. In totaal staan er 25 miljoen levensverzekeringen uit, voor een bedrag van 678 miljard gulden.
De verzekeraars vermoeden dat het aantal fraudes stijgt, maar cijfermatige bewijzen daarvoor hebben zij nog niet. “We weten wel dat de vorm van fraude steeds bekender wordt en we vermoeden dat mensen vaker een ziekte verzwijgen wanneer ze een levensverzekering afsluiten. Het point of no return is bereikt”, aldus Terwisscha.
Het Breed platform verzekerden en werk is, net als de artsenkoepel KNMG en minister Borst van volksgezondheid, tegen het plan van het verbond van verzekeraars. Het Breed platform wil inzicht in de cijfers van het verbond van verzekeraars waaruit de hogere sterfte zou blijken. Het platform vindt dat deze cijfers totnutoe niet helder genoeg zijn.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.