Van een onzer verslaggevers AMSTERDAM - 'Van pennebakje tot videorecorder, alles is te sponsoren', constateert het vorige week verschenen 'Jaarboek sponsoring & fondsenwerving'. In 1995 werd in onderwijs en wetenschap voor 30 miljoen gulden aan sponsorgelden gestoken.
Ter vergelijking: sport (550 miljoen) en televisie (200 miljoen) springen ver uit boven de andere sectoren: cultuur (75 miljoen), gezondheidszorg (40 miljoen), amusement en recreatie (25 miljoen), natuur en milieu (20 miljoen) en ontwikkelingssamenwerking (10 miljoen). Maar onderwijs is een groeimarkt, constateert het jaarboek, dat een uitgave is van het tijdschrift 'Sponsoring'.
De rekenflippo's die met de chips van Smith op de scholen worden geïntrodueerd, zijn dan ook bepaald geen unieke commerciële verschijning meer. Later dit jaar, heeft staatssecretaris Netelenbos van onderwijs beloofd, komen er regels waaraan de sponsoring in het onderwijs wordt gebonden.
Maar nu staat het de scholen nog vrij om bedrijven affiches in de scholen te laten ophangen in ruil voor sponsoring van lokalen, kantines (Albert Heijn exploiteert een aantal schoolkantines om de naambekendheid onder jongeren te vergroten) of zelfs gangen.
'Sponsoring' noemt het geen volstrekt nieuw fenomeen: 'de kerk voorziet christelijke scholen bij voorbeeld al vele decennia van bijbels'. Maar er is wel een nieuwe situatie ontstaan. De bezuinigingen op onderwijs maken schoolbesturen makkelijker toegankelijk voor sponsors. Die zien niet alleen dat de jeugd steeds meer te besteden heeft, maar ook dat de school als medium voor reclameboodschappen belangrijk is.
Kinderen krijgen via de televisie dagelijks een nauwelijks beheersbare stroom van commerciële boodschappen te verwerken, maar de school straalt autoriteit en kwaliteit uit. Dat maakt dat daaraan verbonden commerciële boodschappen ook beter op de jeugd inwerken.
Planmatiger
Scholen, leerde onderzoek van 'Sponsoring' in 1994, gaan steeds planmatiger om met sponsoring. De onderzoekers voorspellen dan ook dat de gevolgen hiervan op korte termijn zichtbaar zullen worden. “De huidige situatie van de onderwijsmarkt als 'kopersmarkt' zou wel eens snel kunnen veranderen in een 'verkopersmarkt', waarbij de verkopers (de potentiële sponsors) de vorm van de inspanningen gaan dicteren en kopers (schoolleidingen) tegen elkaar gaan uitspelen.”
De school als een voetbalclub of als bepaler van het vakkenpakket? De onderzoekers van 'Sponsoring' waarschuwen het onderwijs al: “Bedrijven zullen in de toekomst steeds meer het effect gaan inzien van commerciële toepassingen binnen het onderwijs en scholen zullen steeds afhankelijker worden van het bedrijfsleven.”
“Scholen zullen moeten inzien dat bedrijven voor het geld dat zij in een school willen investeren een tegenprestatie verlangen. Ze zullen hun beleid moeten aanpassen en - als het even kan - speciale functionarissen aanstellen die zich met deze nog zo gevoelige materie gaan bezighouden.”
Behalve de sponsoring van lokalen en kantines, staan scholen ook steeds vaker toe dat bedrijven er sampelen, dat wil zeggen, dat zij in scholen een product (chocoladerepen, abonnementen op tijdschriften) mogen aanprijzen of uitdelen. Ook worden schoolevenementen als feesten en sportdagen steeds meer gesponsord.
Maar de echte groei zit 'm in de sponsoring van lesmateriaal, niet alleen met televisies, videorecorders of computers, maar behalve de rekenflippo's bij de chips bieden bedrijven als Shell en Lego al veel langer eigen lesmateriaal aan.
Met de groei is ook de discussie op gang gekomen, uitmondend in de naar aanleiding van Kamervragen beloofde regeling van staatssecretaris Netelenbos, opdat, zegt 'Sponsoring', “zowel bedrijfsleven als andere betrokkenen de vruchten kunnen plukken van een zinvolle samenwerking.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.