Van onze correspondent UTRECHT - “De vakbonden staan een beter functionerende overheid in de weg. Door zich op te werpen als verdediger van verworven rechten blokkeren de bonden noodzakelijke veranderingen.”
Met deze uitspraak heeft de nieuwe commissaris van de koningin in de provincie Utrecht, Boele Staal, zich direct al impopulair gemaakt bij de vakbonden van overheidspersoneel. Staal zei gisteren bij zijn installatie, dat “de bonden soms de belangrijkste conservatieve factor lijken te zijn in de noodzaak tot betere kwaliteit en productiviteit van overheid en semi-overheidsorganisaties”.
“Het vasthouden aan verworven rechten zoals bij het openbaar vervoer en de politie lijkt mij een kwestie van buigen of barsten. Dat dient niet het welzijn van de werknemer en zeker niet van de burger.” Volgens Staal zijn “eigentijdse en marktconforme” arbeidsvoorwaarden de uitkomst van een moderniseringsproces en niet de inzet.
De Staten van Utrecht zijn blij met de benoeming van Staal. Hij heeft prominente functies bekleed bij de politie, in het bedrijfsleven en in de politiek als senator voor D66. Die brede ervaring maakt Staal geschikt om te voldoen aan de profielschets van “modern bestuurder met visie, boegbeeld van de provincie, met een daadkrachtige aanpak en openstaand voor burgers”.
Wel is twijfel geuit of de 50-jarige Staal niet méér manager dan bestuurder is, een rol waarin zijn voorganger Beelaerts van Blokland uitblonk. De nieuwe commissaris liet dat gisteren in het midden, maar gaf in zijn eerste toespraak wel enkele krachtige statements af.
Zo moet de overheid niet groter en bij voorkeur zelfs kleiner worden. Dat kan door zich te concentreren op beleid “in plaats van te verzanden in finesses van de uitvoering” en de uitvoering van dat beleid aan andere partijen over te laten. Bij het maken van beleid moet de overheid zich meer door de vraag van burgers en bedrijven laten leiden dan door interne afwegingen.
Staal pleit niet voor meer markt en minder overheid, maar voor “maatschappelijk ondernemerschap” van een overheid die marktbehoeften weet in te schatten, risico's durft te nemen en taken bedrijfsmatig laat uitvoeren. Het in politieke en ambtelijke kringen gangbare streven naar consensus en het volledig oplossen van problemen “zijn een op zichzelf staande oorzaak voor improductiviteit van het overheidsapparaat en dus een negatieve bijdrage aan de kloof tussen overheid en burger”.
Staal is zijn loopbaan begonnen bij de politie, waar hij het tot hoofdcommissaris in Almere heeft gebracht. De omvorming van rijks- en gemeentepolitie tot regionale korpsen heeft volgens Staal geleid tot een beheerscrisis, met “een parlement dat wensen heeft, een minister die er niet over gaat, een regionaal college dat er echt niet direct partij in is en een Openbaar Ministerie in een spagaat tussen gezag en beheer, die ten koste gaat van haar oorspronkelijke gezagspositie”.
Bij de formatie van een nieuw kabinet moet de vraag aan de orde komen of het niet beter is om nationale politie in het leven te roepen. “Het slechtste argument is te zeggen dat er nu eens rust moet zijn. Zo herstel je geen fouten.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.