*

 
dossier

Archief

'Ondanks diens discriminatie haat ik Theodor Holman niet'

TON CRIJNEN − 07/01/95, 00:00

“Als christen wil ik een voorbeeld stellen.” Zo verklaart inspecteur van politie Frits Tieleman zijn juridische actie tegen de columnist Theodor Holman. Deze schreef op 2 juli in Het Parool: “Nog steeds vind ik iedere christenhond een misdadiger”. Reden voor Tieleman komende dinsdag voor de Amsterdamse politierechter financiële vergoeding van de journalist te eisen voor de immateriële schade die hij naar eigen zeggen leed door diens “discriminerende en beledigende uitlatingen”.

Tieleman voelt zich “diep gekwetst en uitermate beledigd” door de column van Holman. “Ik word daarin met een hond vergeleken en voor crimineel uitgescholden. Hieruit spreekt zo'n felle haat tegen een bevolkingsgroep, zo'n diepe minachting ook, dat je zeker van discriminatie kunt spreken. Desondanks haat ik hem niet. Maar als we het kwaad niet bij de wortel aanpakken, is het straks niet meer te beheersen.”

Tieleman beseft heel goed dat sommigen zijn reactie overdreven vinden, maar: “als betrokkene in plaats van christen nou eens het woord jood of moslim had gebruikt, zou heel Nederland op z'n achterste benen staan, en terecht. Zijn christenen soms vogelvrij? Dat kan niet waar zijn in een rechtsstaat.

Ik heb er diep over nagedacht voordat ik deze stap zette. In mijn omgeving waren er mensen die zeiden: “Niet doen, lijd omwille van Christus”. Maar dat spreekt me in dit geval niet aan. Er staat immers geschreven: 'Gij zijt het zout der aarde'. Christenen hebben op grond daarvan soms de taak bijtend en zuiverend te werken. Dit is zo'n moment. Hier worden mensen beledigd louter en alleen omdat ze in Jezus Christus geloven. Dat gaat me veel te ver en daarom ben ik naar de rechter gestapt. Ik vind het een zaak waar alle christenen in dit land zich achter moeten stellen.”

“Overigens heeft meneer Holman tot 10 januari, de dag waarop de zaak voor de rechter dient, de tijd zijn excuses aan te bieden. Als hij openlijk schuld belijdt ben ik de laatste om dat niet te accepteren. Maar tot nog toe heb ik daarvan niets bespeurd. Het enige wat hij doet, is de zaak bagatelliseren en in het belachelijke trekken. Onlangs nog voor de radio.”

In de woonkamer van het rijtjeshuis waar Tieleman, docent milieukunde op het politieopleidingscentrum Noord-Holland, met vrouw en acht kinderen (“drie pleeg”) leeft, neemt de afbeelding van het kruis een prominente plaats in. Hij legt uit: “Wij geloven heel stellig dat Christus gekomen is om de zonden van de mensheid op zich te nemen. Dat is een wezenlijk onderdeel van ons functioneren, in het gezin en daarbuiten.” Wonend in een nieuwbouwwijk van Hoofddorp, hartje Haarlemmermeer, kerkt het gezin-Tieleman bij de baptistengemeente in het centrum van Haarlem.

Tieleman (44) zegt: “Ik realiseer me dat ik in de ogen van bepaalde mensen, zeker in die van meneer Holman, een fundamentalist ben. Een christelijke variant van wat je in Iran of Algerije tegenkomt. Zo word je gestigmatiseerd wanneer je opkomt voor de vrijheid van godsdienst, een recht dat in de grondwet ligt verankerd. In werkelijkheid ben ik helemaal geen religieuze messenslijper, geen man die de barricaden op gaat. Maar ditmaal ben ik tot in mijn ziel geraakt.

Met zijn verwerpelijke gedachten die elke vorm van gewoon fatsoen missen, beledigt deze man mensen die volgens bijbelse normen willen leven en die hun kinderen opvoeden in de vreze des Heren. Het wordt tijd dat wij, christenen, tegen dit soort vormen van lage discriminatie in het geweer komen. We moeten ons niet als schapen naar de slachtbank laten leiden. Anders gaat het op den duur van kwaad tot erger.'

Voor Tieleman reden zich in de strafzaak te voegen die mr. J. Cordia, Parool-abonnee en redacteur van het Nederlands Dagblad tegen Holman heeft aangespannen.

'Voegen in strafzaak' houdt in dat men een vereenvoudigde civiele procedure koppelt aan een strafrechtelijk proces. Tot een veroordeling tot schadevergoeding (maximaal 1 500 gulden) kan het alleen dan komen als de verdachte in het strafproces schuldig wordt verklaard. Maar over de uitslag maakt Frits Tieleman zich geen zorgen.

De inspecteur zal de eventuele schadevergoeding storten in een anti-discriminatiefonds. Welk weet hij nog niet. Lachend: “Maar het wordt zeker een christelijke instelling.”

Inmiddels hebben zich zes anderen bij hem gevoegd, zodat de Parool-journalist, indien veroordeeld, stevig in de buidel zal moeten tasten.

Betaalde waarschuwing

Tieleman, die tevreden constateert dat zijn medestanders een breed christelijk panorama beslaan, noemt het een “betaalde waarschuwing”. Hij denkt dat het anderen ervan kan weerhouden eenzelfde weg in te slaan. “Want nogmaals, als je het kwaad niet tijdig indamt, zou het wel eens een vloedgolf kunnen worden. Dat hebben velen in de jaren dertig met betrekking tot het antisemitisme miskend.”

De Amsterdamse officier van justitie heeft de klacht die gelijktijdig was ingediend tegen de uitgeefster van Het Parool, de krant waar Holman in dienst is, niet laten resulteren in een strafvervolging. Tieleman onthoudt zich wat deze zaak betreft van commentaar totdat hij samen met zijn advocaat, mr. W. Hendriks uit Arnhem, de motieven van de officier heeft bestudeerd. “Daarna zal ik beslissen of ik een procedure bij het Amsterdamse gerechtshof ga starten.”

Op de vraag of hij ook in het geweer was gekomen als Holman niet de christenen maar de joden of de moslims had aangepakt, zegt Tieleman: “Als men mij om steun had gevraagd, zou ik geen seconde hebben geaarzeld. Discriminatie is altijd en overal verwerpelijk. Daar ben ik volstrekt duidelijk in.”

mailIcon print |