*

 
dossier

Archief

Nog altijd veel meer geweld in steden dan op platteland

FRANK VAN DAM − 22/01/98, 00:00

'Redeloos geweld lijkt zich als een olievlek over het platteland te verspreiden', schreef Trouw woensdag 21 januari over een onderzoek van het ministerie van justitie naar slachtofferschap van geweldmisdrijven, zoals die zijn gepubliceerd in het tijdschrift Opportuun. Het onderzoek van Justitie vergelijkt de ervaringen van burgers met criminaliteit (mishandeling en bedreiging) op twee verschillende tijdstippen in 25 zogeheten 'politieregio's'.

Het onderzoek laat zien dat het slachtofferschap van geweldsmisdrijven tussen 1993 en 1997 het sterkst is gestegen in Twente, Zuid-Limburg en de Gooi- en Vechtstreek. Vervolgens wordt de conclusie getrokken dat vooral op 'het platteland' het geweld toeneemt. Om twee van de meest verstedelijkte regio's in Nederland (Zuid-Limburg en Twente) als platteland te beschouwen, gaat te ver. Dat de tragische dood van Meindert Tjoelker erbij wordt gesleept om een dergelijke conclusie te ondersteunen, is een geval van exemplarische bewijsvoering en raakt kant noch wal: Leeuwarden ligt weliswaar in het overwegend rurale Friesland, maar kan met bijna 90 000 inwoners nauwelijks een plattelandsgemeente worden genoemd.

Het onderzoek leert ons dan ook niets over de ontwikkeling van het aantal geweldsmisdrijven op het platteland. Daarvoor is de gekozen regionale indeling veel te grof. Als we, in navolging van het Centaal Bureau voor de Statistiek, het platteland beschouwen als een relatief dun bevolkte en weinig bebouwde ruimte, en op basis van het criterium 'adressendichtheid' plattelandsgemeenten van stedelijke gemeenten onderscheiden, dan levert een blik op de criminaliteitsstatistieken van datzelfde CBS een geheel ander beeld op.

Beperken we onze blik tot geweldsmisdrijven en misdrijven in de categorie 'vernielingen en verstoringen van de openbare orde', dan leert een vergelijking van cijfers uit 1991 en 1996 dat het aantal geweldsmisdrijven per hoofd van de bevolking in plattelandsgemeenten in vijf jaar tijd weliswaar is gestegen met 16,7 procent, maar dat dit in de grote en middelgrote steden in diezelfde periode is toegenomen met 17,2 en in de kleinere steden en suburbane gemeenten met maar liefst 36,8 procent.

Daarbij is het aantal geweldsmisdrijven per hoofd van de bevolking op het platteland nog steeds vier maal zo laag als in de grote steden en tweemaal zo laag als in de kleine steden. Het aantal vernielingen en verstoringen van de openbare orde is op het platteland (opnieuw gemeten per hoofd) tussen 1991 en 1996 zelfs afgenomen, en wel met 6,6 procent, terwijl in de grote en middelgrote steden sprake was van een toename van 14,3 procent en in de kleine steden van 7,5 procent. Het aantal misdrijven in deze categorie ligt op het platteland per hoofd van de bevolking bovendien tweemaal zo laag als in de steden.

De 'rurale idylle' bestaat nog altijd, zie de moorden in Anjum: 'Zoiets verwacht je in Amsterdam, niet bij ons', verklaarde een inwoner. Zo'n verdediging van schijnbaar bestaande plattelandswaarden gaat wellicht te ver. Het is namelijk heus niet allemaal pais en vree op het platteland. Maar laten we reëel blijven, en ons niet laten meevoeren op de golven van een hype. Geweldsmisdrijven zijn, de zaak-Anjum ten spijt, vooral een stedelijk probleem. Ook in Friesland, Groningen en Drenthe.

mailIcon print |