Minister Dijkstal van binnenlandse zaken en de ambtenarencentrales hebben na maanden touwtrekken een principe-overeenstemming bereikt over de pensioenen: de 700 000 ambtenaren kunnen voortaan binnen een bandbreedte van tien jaar zelf bepalen wanneer ze met pensioen gaan. De gemaakte afspraken moeten nog worden voorgelegd aan de achterban, van een akkoord in strikte zin is dus nog geen sprake, maar wat zich tot dusverre aftekent mag al wel een doorbraak worden genoemd.
Vanzelfsprekend hangt er aan dit akkoord ook een prijskaartje. De vut-regeling zoals we die kenden en die op termijn onbetaalbaar dreigde te worden, maakt plaats voor een soberder regeling. Bovendien betekent vroeg met pensioen gaan vooral ook minder pensioen krijgen. In de praktijk zullen daarom ongetwijfeld veel ambtenaren ervoor kiezen door te blijven werken.
Neemt niet weg dat dit akkoord een ontsnapping betekent uit de doodlopende weg van de vut: denk aan de vergrijzing en het geringere arbeidsaanbod in de komende jaren. Maar bovenal betekent het dat een eerste stap is gezet naar het grote goed van een flexibel pensioen. Een fraai resultaat na maanden van moeizame onerhandelingen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.