*

 
dossier

Archief

Herman Verbeek en andere 'christenen tegen het evangelie'

WIM SCHUWIRTH − 23/01/97, 00:00

Vroeger, in de jaren zestig, was er een organisatie genaamd 'Christenen voor het socialisme'. Het lijkt wel of er nu een beweging gaande is, die 'Christenen tegen het evangelie' zou kunnen heten. In de discussie over 'Het verhaal gaat', Nico ter Lindens hervertelling van de Bijbel, laten ook vertegenwoordigers van deze beweging hun stem horen. Zoals onlangs Herman Verbeek. Hij is priester, maar in zijn stuk richt hij zich tot christenen alsof hij dat zelf niet is. De auteur is theoloog

God die mens is geworden? Die leer is onverenigbaar met de Tora. Jezus is, zo stelt Verbeek, een joodse leraar, “zo geheel en al Toragetrouw als een mensenkind maar zijn kan”. Vele hedendaagse theologen houden Jezus van Nazareth voor niet meer dan een bijzonder mens. Echter: in het christendom is overal en altijd geloofd dat er iemand heeft geleefd die én mens én God was, en dat door diens dood en opstanding ons heil is teweeggebracht. Dat geloof gaat terug op het Tweede Testament.

Maar wie kan zich bij 'de menswording van God de Zoon', bij het verzoenend lijden en sterven van Christus Jezus, bij een lichamelijke opstanding, nog iets voorstellen? Uiteindelijk ontkom je er toch niet aan, al die onbegrijpelijke geloofsinhouden overboord te gooien? Met het Eerste Testament heb je al die problemen niet - zo is thans de teneur.

Theologen die Tenach of de Tora centraal of voorop stellen, schurken zich tegen het jodendom. Van die christelijkheid moeten juist joden niets hebben. De 'schurkers' spreken vaak van ontbrekend respect jegens het jodendom. Maar zoals respect jegens de ander pas mogelijk is bij gevoel van eigenwaarde, zo kan het andere - het jodendom, de islam, enzovoorts - pas gerespecteerd worden door een christendom dat gevoel heeft voor eigenwaarde.

Theologen als Verbeek en Van Ligten kunnen genoemd worden christenen tegen het evangelie. Dat zij breken met de christelijke traditie, is hun goed recht. Maar wat mij tegenstaat, is hun stelligheid, geborneerdheid en onverdraagzaamheid. Daarin doen ze in niets voor fundamentalisten onder. Neem Verbeek: Jezus? Dat was een joodse leraar. U heeft het gevoel, dat hij meer was dan dat? Hoe komt u erbij? En hoe kunt u nog geloven in God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest, dat is louter een bedenksel. U hebt zich door al die christelijke godsgeleerden door de eeuwen heen iets op de mouw laten spelden; het wordt niets met u, als u niet wat in het jodendom wordt gezegd, overneemt. U hebt u maar te houden aan de Tora. Weet u overigens wel wat zogenaamd christelijke leidslieden in naam van die tot God verheven mens aan onmenselijks hebben gedaan, wat er met een beroep op dat christelijke evangelie vooral de joden is aangedaan? Hoe durft u nog van uw Heiland, uw Verlosser te spreken? Beseft u wel wat nog dag aan dag met dat belijden wordt aangericht? En als u zich niet inzet voor drugsverslaafden en vluchtelingen, mag u zich zeker niet als gelovig beschouwen. Beter uzelf!

Verbeek mag dan als priester te boek staan, en groen-links door Europa zijn gegaan, hier houdt hij gewoon een eng-gereformeerde Oudhollandse donderpreek.

mailIcon print |