Van onze verslaggevers DEN HAAG, AMSTERDAM - De politieke druk op de Groningse hoofdofficier van justitie, Daverschot, neemt toe. Bij twee van de drie coalitiepartijen, PvdA en D66, leeft inmiddels de overtuiging dat hij de leiding van het parket in Groningen uit handen moet geven. Minister Sorgdrager beslist binnenkort over zijn positie.
Daverschot zelf gaat zich beraden of hij aan kan blijven, zo heeft hij gisteravond in een verklaring laten weten. De crisis bij politie en justitie in Groningen heeft inmiddels aan twee van de drie leden van de zogenoemde 'driehoek' de kop gekost. Burgemeester Ouwerkerk besloot woensdag te stappen, omdat hij niet genoeg vertrouwen kreeg van de raad, na falend politie-optreden tijdens rellen op 30 december in de Oosterparkbuurt.
Korpschef Veenstra had drie weken geleden al zijn functie neergelegd: over de kwestie-Oosterparkbuurt heen kwam een rapport van onderzoeksbureau Bakkenist naar de bestuurlijke verhoudingen tussen de top van justitie en politie in Groningen. In dat rapport, opgesteld naar aanleiding van het openlijke geruzie tussen politie en justitie bij de aanpak van de zaak-Lancée, kreeg Veenstra forse kritiek te verduren.
Nu Veenstra en Ouwerkerk zijn vertrokken, richt de politieke aandacht zich op Daverschot. PvdA-Kamerlid Van Heemst: “Het beeld in dat rapport was dat het openbaar ministerie een behoorlijk aandeel had in de foute verhoudingen tussen politie en justitie. Het zou me dan ook bijzonder verbazen als de derde hoofdrolspeler in de driehoek ongeschonden uit de strijd zou komen.”
Ook volgens zijn D66-collega Scheltema is het beter als Daverschot de leiding van het Groningse parket opgeeft. “Er zijn ten aanzien van de hele driehoek kritische opmerkingen gemaakt. Om Groningen echt een goede nieuwe start te laten maken, is het gewenst met een schone lei te beginnen”, zegt ze.
VVD-Kamerlid Korthals gaat nog niet zo ver. “Voor die theorie is best wat te zeggen”, meent hij. “Er moet een goed werkbare driehoek komen. Maar ik vind dat nu eerst de minister van justitie aan bod is.”
CDA-Kamerlid Koekkoek: “Ik heb al eerder duidelijk gemaakt dat ik vind dat de minister moet ingrijpen in de top van het parket. De leiding moet worden gesaneerd. Maar ik heb het aan de minister overgelaten hoe dat moet gebeuren. Ik wacht af waar zij mee komt. Ik verbaas me over de uitlatingen van mijn collega's.”
In zijn gisteravond verspreide verklaring zegt Daverschot dat hij op korte termijn gaat overleggen met het college van procureurs-generaal. “Het is duidelijk dat een moment van bezinning nodig is om de gevolgen van het vertrek van de heer Ouwerkerk te overzien.”
Daverschot zegt het te betreuren dat Ouwerkerk is opgestapt. Hij vindt het moment van vertrek 'pijnlijk' en 'ongelegen', omdat er juist brede steun was uitgesproken voor het plan van aanpak dat Ouwerkerk samen met waarnemend korpschef Brand en de hoofdofficier had opgesteld.
Het plan beoogde de 'driehoek' beter te laten samenwerken en de organisatie van het regiokorps te verbeteren. Het kreeg de steun van de burgemeesters in de regio Groningen, van commissaris van de koningin Alders en van procureur-generaal Blok, die in het noordelijke ressort orde op zaken moet stellen.
Daverschot heeft tot dusver altijd geroepen dat hij er niet over peinst zijn functie neer te leggen. Geruchten als zou het ministerie van justitie op basis van het rapport-Bakkenist een strafoverplaatsing van de hoofdofficier overwegen, werden door zijn woordvoerder bestempeld als 'lariekoek'. Daverschot vond dat hij de kans moest krijgen politie en justitie te helpen reorganiseren, een kans die een groot deel van de Groninger gemeenteraad Ouwerkerk eergisteravond niet meer wilde geven.
Ex-korpschef Veenstra heeft er bij zijn aftreden geen geheim van gemaakt, dat de problemen mede te wijten zijn aan Daverschot. In het Nieuwsblad van het Noorden noemde de hoofdcommissaris Daverschot 'een dominante, contactarme heerser met claimgedrag en scoringsdrift'.
In het rapport van Bakkenist worden het openbaar ministerie in Groningen en met name de hoofdofficier stevige verwijten gemaakt. Het OM zou in de uitoefening van het gezag over de Groninger politie hebben gekozen voor een rechtlijnige koers, waarbij het ontbrak aan voldoende respect voor de professionaliteit van het politievak. “De OM-leiding (lees: Daverschot) plaatst vraagtekens bij de wil van de politie om te presteren. De OM-leiding gaat vaker om de korpschef heen, kiest voor de weg van formele brieven om kritiek naar de politie te uiten, en brengt kritiek op de politie naar buiten”, aldus het rapport. Daverschot wordt daarin enerzijds getypeerd als een sterk manager, maar 'hij heeft als bevoegd gezag onvoldoende gevoel getoond voor het veranderingsvermogen van een grote organisatie als het regiokorps'. Daverschot wilde gisteren niet nader ingaan op zijn positie.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.