Je zult toch Dr. Zaad heten en een kliniek willen openen waar je mensen gaat klonen. Woody Allen zou het niet bedacht hebben. De Amerikaanse dokter Seed is de booswicht die de immorele kliniek wil inrichten en hij ziet er ook zo uit, als de kloon van slechte artsen in films zoals 'Rosemary's Baby' en 'Coma': duifgrijs, met overgewicht, vertrouwenwekkend. Ook zijn verkooppraatje klopt diabolisch: eerst vinden mensen het vreselijk, dan accepteren ze het en tenslotte zijn ze enthousiast, meent hij te weten. Een mensenkenner. En hij doet het voor arme, kinderloze stellen.
Een groot deel van de vrij algemene afkeer van het klonen heeft te maken juist met onze fascinatie voor de exacte kopie; we tonen ons verontwaardigd, omdat we het diep in ons hart weleens zouden willen zien. Elke keer als ik het schaap Dolly op televisie zie, probeer ik er iets bijzonders aan op te merken. Het lukt niet, het lijkt een volstrekt gewoon beest, zozeer zelfs, dat ik me ook telkens weer afvraag of we niet voor het lapje gehouden worden door een complot van schapenhouders. Maar wat we ons van gekloonde mensen voorstellen zien we in de film 'The Boys from Brazil', waar een paar kloontjes van Hitler de deur voor Laurence Olivier opendoen. Ze lijken sprekend, en juist dat stemt tot verbazing. De dichteres Szymborska schreef over de eerste foto van Hitler: “Wie is dat snoesje in dat babyjurkje toch? Dat is nu de kleine Adolf, 't zoontje van de Hitlers.” Maar deze Hitlertjes lijken precies op hun nare voorzaat, zelfs de lok klopt. Hetgeen ons op de vraag brengt of een kloon bij zijn geboorte nul is of de leeftijd van zijn genetische vader heeft.
De hele kloonkwestie heeft te maken met de vraag in hoeverre wij erfelijk bepaald zijn en in hoeverre de omgeving ons beïnvloedt. Eeneiige tweelingen, de tot nu toe enig aanvaarde want onbedoelde vorm van klonen, laten zien dat ze nooit voor de volle 100 procent identiek zijn. Meer dan eeneiige tweelingen zullen kunstmatige klonen niet op elkaar lijken, al was het maar omdat ze bijvoorbeeld, anders dan de tweeling, al ongelijke omstandigheden in de moederbuik zullen aantreffen. Waarna vervolgens de opvoeding de zaak nog eens komt diversifiëren. Precies kopiëren gaat dus tóch niet, al lijkt Dolly precies op dat andere schaap. Niet dat ik nu vóór het experimenteel klonen ben, dat zij verre van mij, maar als er nu eens toevallig...
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.