“Ik blijf aan die jongens denken. Zij hadden een agressieve kant als gevolg van hun oorlogsverleden, maar ook een menselijk gezicht. De hardheid waarmee de samenleving ze nu aanpakt, blijft me achtervolgen. Ik vind het erg dat jonge mensen met meer dan gemiddelde capaciteiten in een zwart gat vallen en hun eigen leven kapot hebben gemaakt.”
De 52-jarige Huite Sierd Zijlstra en zijn bijna even oude vrouw Jitty Coers werden op 24 augustus in het noorden van Costa Rica door zeven voormalige contra-rebellen ontvoerd. Rechtse Nicaraguaanse guerrillastrijders die in de jaren '80 met steun van de Verenigde Staten oorlog voerden tegen het linkse sandinistische bewind in Managua. De twee Nederlanders, beheerders van een grote teakhoutplantage in Hacienda Altamira, op zo'n 200 kilometer van de Costa Ricaanse hoofdstad San Jose, kwamen op 17 september na betaling van 200 000 dollar losgeld vrij.
Een vergelijking met de Molukse gijzelingen in Nederland willen ze absoluut niet trekken. “Die waren veel gewelddadiger. Fysiek geweld is er tegen ons niet gebruikt. En wij zaten 'opgelost' in het Nicaraguaanse oerwoud. Een heel andere situatie dan bij de Drentse gijzelingen. We zijn er goed vanaf gekomen en daardoor kunnen we ook oog hebben voor de andere facetten van het drama.”
Zijlstra en Coers praten in hun huisje op de teakhoutplantage van de onderneming Flor y Fauna in alle rust over hun bijna drie weken durende ontvoering. Een geschiedenis met spannende en angstige momenten, maar ook met tragisch-komische voorvallen. En als de twee Nederlanders al wrok zouden koesteren tegen de mannen die hen hun vrijheid ontnamen, begrip en medeleven hebben ze zeker ook. Zijlstra probeerde onlangs twee van de ontvoerders in hun gevangenis in Ciudad Quesada in Costa Rica te bezoeken. Hij wilde met ze praten, hij wilde hun gezichten zien, weten of ze werden mishandeld. Nu heeft de politie in Costa Rica in vergelijking met die in de buurlanden een goede reputatie, maar je weet maar nooit. Hij kreeg geen toestemming.
Jitty Coers: “Nee, ik heb er geen nachtmerries aan overgehouden. Ik ben niet bang, wel wat sneller geemotioneerd geraakt. En ik had heel vaak het idee dat het niet goed zou aflopen.” Huite Zijlstra: “Of we na afloop in therapie zijn gegaan? Nee hoor, ik heb ook nooit zo in nood gezeten. Ik ben vrij opstandig geweest in het hippietijdperk. Heftige botsingen gehad met de autoriteiten. Het omgaan met conflicten is mij niet vreemd. Weet je wat het moeilijkste was? De Tijd. Die eindeloze dagen, die nog eindelozer nachten. Ik at niet. Ik sliep niet.”
Op een avond in augustus gebeurde het. Kort na het avondeten. Honden op het terrein van het echtpaar begonnen te blaffen. Zijlstra ging naar buiten. Achter een auto vandaan verschenen drie mannen. “Ik had het idee dat het Costa Ricaanse agenten op patrouille waren. Het was een onwezenlijke en komische situatie. Ze leken precies op de gebroeders Dalton, een kleintje voorop, naar achteren toe oplopend in grootte. In ganzenpas kwamen ze achter de auto vandaan. Toen ik hun gemaskerde gezichten zag en op de grond moest gaan zitten, dacht ik dat het om een overval ging.”
De ontvoerders waren met z'n zevenen. De chauffeur bleek de weg op het terrein goed te kennen. Later zeiden getuigen en medeverdachten dat hij Esteban Paiz was, bedenker van het ontvoeringsplan, voormalig werknemer van Flor y Fauna, goede kennis van het ontvoerde echtpaar en korte tijd zelfs nog officieel bemiddelaar tussen ontvoerders en plantage-eigenaar Ebe Huizinga. Paiz en een medeverdachte zitten nu vast in Ciudad Quesada. Vier anderen worden in Nicaragua vervolgd, omdat zij daar zijn gearresteerd en dit land geen uitleveringsverdrag heeft met Costa Rica. De zevende verdachte is nog voortvluchtig. Heel veel pleit tegen Paiz, maar het echtpaar zegt geen harde bewijzen te hebben dat hij bij de ontvoering betrokken is geweest. “Ik zie hem nog steeds als de bemiddelaar, maar dat hij nu ook de man achter de schermen blijkt te zijn, is een vreemde gewaarwording.”
“We zijn menselijk behandeld”, zegt Zijlstra. Coers, relativerend: “Hoewel, menselijk? Drie weken in dezelfde kleren, is dat menselijk? En we hadden weinig te eten, maar dat gold ook voor de ontvoerders. Ze leefden op dezelfde manier als wij.” Impliciete bedreigingen waren er, evenals de vele, vele geruststellingen. Zijlstra: “Het was hen alleen maar om het geld te doen. Ze hadden niks tegen ons persoonlijk en als het losgeld maar snel werd betaald, was er niets aan de hand. Zolang hun actie niet in gevaar kwam, hoefden we niets te vrezen.”
De ontvoering inspireerde andere duistere groepen om van zich te laten horen. Op een gegeven moment eisten drie groepen losgeld, maar de enige echte ontvoerders behoorden tot het zogeheten Comando María Felix. Hadden ze behalve hun zucht naar het grote geld nog een ideologie, een politiek ideaal? Zijlstra voerde nachtenlange gesprekken met de ontvoerders, maar zij legden vaak tal van tegenstrijdige en onsamenhangende verklaringen af. “Ze waren naar eigen zeggen allemaal wees. Ze hadden niemand op de wereld. Alleen vijanden en elkaar. Eén wilde een stuk grond kopen. Hij had zes jaar met zijn machete op het land geploeterd en was er geen cent wijzer van geworden. Ze wilden met het losgeld honderd AK-47's kopen. Een guerrilla-oorlog beginnen tegen de communistische regering van de neoliberale sociaal-democratische Costa Ricaanse president Figueres. 'De recente onlusten in de havenstad Puerto Limon', zeiden ze, 'dat is het startpunt. We gaan mensen ronselen en de sociale onrust voeden'. Of het serieus was, weet ik niet. Het leek ons interessantdoenerij. De agressiefste types waren ook de leugenachtigste en psychisch onevenwichtigste. De oudste ontvoerder, de meest rancuneuze, moest met grootse denkbeelden zijn eigen onzekerheid verbergen.”
Maar eigenlijk waren het aardige jongens, harde werkers met redelijke capaciteiten. Zijlstra: “Dubbele en gespleten persoonlijkheden. Mensen met een oorlogsverleden die, al naar gelang de omstandigheden, konden veranderen in angstige en agressieve mensen.” Coers: “Toen het eten op was, gingen ze op rooftocht. Ze overvielen en bedreigden mensen in de omgeving om aan eten te komen. Zelfs kinderen.”
Huite Zijlstra ging bijna meteen in hongerstaking. Uit protest tegen de ontvoering. “Ik wilde het hen lastig maken. Als ze niet op zouden schieten, hadden ze immers niets meer te verhandelen. En als mij iets zou overkomen, zou ook Jitty geen handelswaar meer zijn.” Gedurende de gehele gijzeling heeft het echtpaar geloerd op een kansje om te ontsnappen. Maar de ontvoerders sliepen nooit, tenminste een van hen stond 'altijd op scherp.' Zijlstra praatte in op de 22-jarige Jesus Reyes, vermoedelijk de jongste ontvoerder, die wel voor rede vatbaar leek te zijn. “Ik zei, dat hij er beter af zou komen, als hij zich uit eigen beweging zou bedenken. Maar hij was vooral bang voor de anderen.”
De Costa Ricaanse krant La Nación meldde onlangs dat Reyes, die nu met justitie samenwerkt en de politie de plaatsen van het verborgen losgeld aanwees, overplaatsing naar een andere cel heeft gevraagd. Hij is bang door zijn medeverdachten te worden vermoord. Het echtpaar noemt de angst van Reyes terecht. “Als je het vanuit het standpunt van menselijk overleven bekijkt, is Reyes dubbel dom, maar ook moedig geweest: zich inlaten met de ontvoering en nu zijn kameraden verraden.”
De ex-contra's konden zich amper voorstellen dat de ontvoering erg voor hen was. Ze hoefden immers niet te werken. Op sommige momenten toonden ze zich zeer bezorgd. Coers: “Als ik hoofdpijn had, kwamen ze met pillen aanzetten. Als ik huilde, vroegen ze of ik pijn of verdriet had. Eén keer begon ik midden in de nacht heel hard te huilen. Ze stonden machteloos bij me. Hevig verontrust. Niemand zei wat. Maar uiteindelijk bleven ze toch onvermurwbaar: het losgeld moest worden betaald.”
Zijlstra: “Ze probeerden ons goed te verzorgen. De vogeltjes die ze hadden gevangen, mochten niet doodgaan. Tegen mij zeiden ze iedere keer 'Eet nou wat, eet nou wat'.”
De ontvoerders eisten aanvankelijk meer dan vier miljoen gulden. Geleidelijk zakten ze met hun prijs, omdat het echtpaar hun duidelijk maakte dat niemand dat bedrag kon of zou betalen. Zijlstra schreef brieven naar plantage-eigenaar Huizinga. Van de ex-contra's moest hij melden dat de situatie zeer ernstig was en dat hij bijna dood was - dan zou het bedrijf sneller met geld over de brug komen. Maar Zijlstra verzweeg zijn hongerstaking en schreef dat alles onder controle was.
De ontvoerders staan lange gevangenisstraffen te wachten. Huite Zijlstra: “Ik weet zeker dat ze daar slechter van worden. De cel is niet de oplossing. Helaas lijkt er geen alternatief te zijn. 't Zou mooier zijn, als die jongens zelf tot het inzicht kwamen dat ze verkeerd hebben gehandeld.” Jitty Coers: “Zolang de armoede in Nicaragua blijft bestaan, kunnen dit soort gijzelingen opnieuw gebeuren.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.