Een onderwijzer of politieagent zou verbijsterd zijn. Een werkgever wil eenmalig 15 procent extra loon betalen en de vakbond wijst het van de hand. Of het ook wat minder mag.
Het is niet verzonnen maar echt gebeurd. Bij de KLM. Het salaris domineerde de onderhandelingen voor een nieuwe cao. KLM wilde best diep in de buidel tasten. Alleen wenste het conjunctuurgevoelige bedrijf zich niet vast te leggen voor de komende jaren. KLM stelde daarom een lage structurele loonstijging voor met daarnaast een flinke eenmalige uitkering.
“Ze wilden wel tot 15 procent gaan”, zegt FNV-onderhandelaar J. Smeets in een deze week gepubliceerd rapport over de cao's die in 1998 zijn afgesloten. Het loon zou structureel hooguit 2,5 procent omhoog gaan, had KLM bedacht. En dat alleen als het ziekteverzuim binnen de perken bleef. Anders ging er nog een procent af.
Maar de vakbond kijkt verder dan een jaar vooruit, legt Smeets haar reactie uit. Als het loon te weinig stijgt, gaat het bedrijf achterlopen bij andere ondernemingen. Juist dat voedt de ontevredenheid van werknemers. Die laten zich volgens de FNV niet in de luren leggen met een incidentele cheque. “KLM dacht dat mensen zo'n flink eenmalig bedrag wel mooi zouden vinden. Maar daar hebben ze zich in vergist. Als het even slecht gaat met het bedrijf, ben je alles weer kwijt.”
Met de uitkomst, 6,5 procent meer salaris over 26 maanden, is Smeets tevreden. Bovendien is er toch nog een eenmalige bedrag afgesproken van 9 procent over dezelfde periode. Een pure poen-cao? “Loon was heel belangrijk het afgelopen jaar. Maar daar hadden de mensen na een paar magere jaren ook wel weer eens recht op.”
KLM was niet de enige cao waar het om geld draaide. De meeste van de 34 belangrijkste akkoorden van 1998 bieden 3,5 procent per jaar. Daar hebben de vakbonden goed op gescoord. Dat geldt niet voor de 'immateriële doelen'. Eén procent van de loonruimte moet naar zaken als scholing, aanpak van de werkdruk en werkgelegenheidsprojecten, zo is de afspraak. Of dat ook gebeurt weet de FNV niet, het is niet te controleren. Los van het geld stelt het ook niet zoveel voor. Een paar cao's uitgezonderd - Unilever, de grootmetaal, de zorg - blijft het bij onderzoekjes naar werkdruk en goede voornemens voor scholing. En in 1998 zijn er minder projecten voor langdurig werklozen afgesproken dan in 1997.
Was 1998 een poenjaar, ook in 1999 gaat het die kant op. De leraren, politieagenten en bankmedewerkers: allemaal maken ze zich op dit moment op voor acties, vooral om meer loon binnen te slepen. De bankwerknemers tonen zich voor hun doen heel strijdlustig met een massale handtekeningactie. De grote kloof tussen de hoge winsten van de banken en het karige bod van 2 procent meer loon, wekt ergernis.
De leraren en de politieagenten gaat het er vooral om de achterstand goed te maken ten opzichte van de marktsector. Daarnaast is er bij hen grote behoefte aan waardering, desnoods uitgedrukt in geld. Als half Nederland erkent dat het belangrijke beroepen zijn waar de werkdruk hoog is en personeelstekorten wringen, laat dat dan maar zien, zeggen ze.
De 'hogere doelen' zullen dus weer moeten wachten. Het is ook veel gemakkelijker procenten binnen te halen. Als de dagenlange sessies met de werkgevers voorbij zijn en de onderhandelaars met wallen onder de ogen het akkoord kunnen laten zien, is de klus geklaard. Met afspraken over scholing, werkdrukonderzoek of banenprojecten begint het werk daarna pas. Dat is een omslag die nog jaren in beslag zal nemen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.