*

 
dossier

Archief

De vraag is niet óf de overheid Fokker helpt, maar met hoeveel meer dan een miljard

VINCENT DEKKER − 06/01/96, 00:00

AMSTERDAM - Het is niet langer de vraag óf Fokker wordt gered, maar met hoeveel honderden miljoenen guldens extra de Nederlandse overheid het bedrijf wil versterken. De totale reddingsoperatie gaat van Nederlandse kant zeker meer dan een miljard kosten.

De onderhandelaars van Fokker's moederbedrijf Dasa en de Nederlandse overheid laten al weken niets van zich horen, en op 31 december vorig jaar verstreek de datum waarop de twee partijen het eigenlijk eens hadden willen zijn over Fokker's redding. Ogenschijnlijk is er dus nog volop spanning over het voortbestaan van de Nederlandse vliegtuigfabrikant.

Uitlatingen van indirect betrokkenen als parlementariërs en vakbondsbestuurders maken echter duidelijk dat de werknemers, toeleveranciers en klanten hun grootste zorgen van zich af kunnen zetten. De komende jaren kunnen er op Schiphol-Oost vliegtuigen gemaakt blijven worden. En ze zúllen ook daadwerkelijk gemaakt worden. Want in de spannende laatste maanden van vorig jaar mocht Fokker van Dasa 25 nieuwe orders aanvaarden. 'Mocht', want met die orders legt Fokker, en daarmee Dasa, zich voor langere tijd verplichtingen op. De orders tonen het vertrouwen van Dasa en klanten in Fokker.

Knoop

Aanvankelijk was het de bedoeling dat Dasa en de overheid in oktober vorig jaar de knoop over Fokker's voortbestaan zouden doorhakken. Toen die maand aanbrak zonder uitzicht op witte rook, werd dat door menigeen als een slecht teken opgevat. De twee grootaandeelhouders konden het maar niet eens worden over een reddingsplan en dus leek een faillissement een steeds reëlere mogelijkheid.

Dasa gaf echter een duidelijk signaal door zich tot eind december garant te stellen voor alle verplichtingen van Fokker. Met een negatief eigen vermogen was Fokker technisch gesproken al bankroet. Halverwege december verlengde Dasa de garantstelling, en wel tot de gesprekken met de overheid zouden zijn afgerond.

“Dat de onderhandelingen langer duren, kan voor Dasa grote gevolgen hebben. Een paar maanden meer kan, door nieuwe orders, consequenties hebben voor jaren”, meent G. van den Heuvel van de Industrie- en voedingsbond CNV. Hij is ook om andere redenen niet al te ongerust over het uitblijven van onderhandelingsresultaten: “Niemand gelooft dat de overheid niets zal doen.”

Dat vertrouwen in Den Haag lijkt terecht, gezien de houding van de regeringsfracties van PvdA, VVD en D66, die alle in principe voor steun zijn. Het CDA heeft zelfs al laten weten dat wat haar betreft er heel hard met de geldbuidel gerammeld mag worden. “Maar die heeft als oppositiepartij dan ook makkelijk praten”, meent PvdA'er W. van Gelder. Hij drukt zich liever in voorzichtiger bewoordingen uit, maar ook dan wordt duidelijk dat Fokker toch al gauw op 850 miljoen kan rekenen. Van Gelder: “Dat geld, leningen die via het NIVR-fonds lopen en staatsgegarandeerde leningen, zouden we bij een faillissement toch ook kwijt zijn.”

Dasa heeft echter nog een argument achter de hand om van minister Wijers van economische zaken meer dan die 850 miljoen te vragen. Wijers' voorganger Andriessen stemde in de zomer van 1994 in met hulp aan Fokker via een technolease. Fokker verkocht zijn technische kennis aan de Rabobank, die de koopprijs onmiddellijk mocht afschrijven en zo een belastingvoordeel van zo'n 500 miljoen gulden had. Van dat voordeel werd 437 miljoen doorgesluisd naar Fokker. Door de verkoop van haar kennis kan Fokker er zelf niet meer op afschrijven. Als het bedrijf winst gaat maken zal men daardoor meer belasting moeten betalen. Wil de overheid de technolease-gelden ooit nog via belastingen kunnen terugvangen, dan zal Fokker echter wel moeten blijven bestaan.

Van Gelder bevestigt dat dit argument meespeelt, maar moet tegelijkertijd toegeven dat de kans klein is dat het hele technolease-bedrag ooit nog wordt terugbetaald. Over de afgelopen drie jaar heeft Fokker een verlies geleden van in totaal ruim twee miljard (uitgaande van iets meer dan een miljard over vorig jaar). Het zal heel wat jaren duren voordat Fokker ruim twee miljard winst heeft gemaakt, en pas daarna zal weer sprake zijn van belastingafdrachten.

P. van Bers van de Industriebond FNV ziet nog meer redenen voor de overheid om geld in het bedrijf te steken: “Als Fokker omvalt, loopt de overheid inkomstenbelasting van duizenden werknemers mis en moeten in plaats daarvan enorme werkloosheidsuitkeringen worden betaald.”

Fokker wil graag af van de verplichting om per verkocht vliegtuig enkele miljoenen af te lossen van de ontwikkelingsleningen. Dat geld gaat vooral naar het eerder genoemde NIVR-fonds waarmee in de toekomst nieuwe vliegtuigontwikkelingen bekostigd zouden moeten worden. Als de overheid Fokker die honderden miljoenen kwijtscheldt, zal het fonds nauwelijks nog geld bevatten voor toekomstige projecten.

Slechte zaak

“Wij zouden dat een slechte zaak vinden”, aldus FNV'er Van Bers. “Als Fokker straks met Europese concurrenten moet onderhandelen over samenwerking, moet het natuurlijk sterk genoeg zijn om enige eisen te kunnen stellen. De vakbonden hebben de overheid dan ook gevraagd om nieuwe leningen voor het NIVR-fonds beschikbaar te stellen.”

PvdA'er Van Gelder wil daar niet veel over kwijt, maar geeft na enig aandringen toe dat als Dasa een verhaal op tafel legt dat toekomstperspectief biedt, “het natuurlijk aan de orde kan komen dat over nieuwe toestellen wordt gepraat”. Er is met andere woorden ook bij de PvdA ruimte voor meer steun. Van Gelder zal dan geen bezwaar maken tegen “15 of 20 miljoen extra”. Dat is echter een onrealistisch laag bedrag, en hij geeft toe het alleen maar te hebben genoemd om niet te hoeven melden waaraan werkelijk moet worden gedacht.

Bij de onderhandelingen is ondertussen nog steeds Dasa aan zet om te reageren op een voorstel van Nederlandse zijde. De reactie werd al voor de kerstperiode verwacht, maar om onduidelijke redenen hebben de Duitsers hun standpunt nog niet kunnen bepalen.

Momenteel ligt de zaak stil. Zowel minister Wijers als zijn onderhandelaar, de vroegere Unilever-topman en huidige president-commissaris van Philips F. Maljers, is tot half januari op vakantie. Bij Dasa in München geeft een antwoordapparaat aan dat ook daar nog alles in vakantierust verkeert. Een woordvoerder van Wijers wil nog net toegeven dat de minister 15 januari weer aanwezig zal zijn maar weigert verder elk commentaar op de kwestie Fokker.

Van den Heuvel van de Industrie- en voedingsbond CNV denkt dat met het antwoord van Dasa de onderhandelingen nog niet zullen kunnen worden afgesloten: “Het kan wel februari of maart worden.”

Inzet is nu vermoedelijk dus de hoogte van de extra steun die Dasa van Wijers wil hebben. Is de Nederlandse bijdrage in Duitse ogen te gering, dan zou Dasa Fokker bijvoorbeeld kunnen dwingen de divisie Aerostructures, die onderdelen maakt, versneld te verzelfstandigen, vreest Van den Heuvel. Een flink deel van de 2 000 banen daar staat dan op het spel.

mailIcon print |