De leerlingen van 'het brugjaar politie' aan het Rotterdamse Zadkine College hebben de laatste maanden wel een paar keer achter hun oren gekrabd. De afgelopen weken werden we overspoeld met berichten over geweld op straat, en dan vooral tegen agenten.
“Dat moet stoppen”, zegt Daniëlle (17). “Jongeren kunnen nu het idee krijgen dat alles mag. Als de politie ook nog op een afstandje staat te kijken terwijl mensen een woning plunderen, dan wordt het bijna aangemoedigd.”
Daniëlle doelt op de rellen in de Oosterparkwijk in Groningen, vlak voor oud en nieuw. De politie durfde niet in te grijpen toen die buurt door een grote groep van voornamelijk jongeren zo ongeveer met de grond werd gelijkgemaakt. Vorige week werden politiemensen in Arnemuiden en in Zuidland aangevallen door groepen jongeren.
Straatgeweld blijft de komende jaren een groot probleem, denken de leerlingen. Daarom moet er duidelijk gemaakt worden wat wel en niet kan. “Het respect is grotendeels verdwenen”, vindt Kevin (19). “Vandaag de dag wordt er niet meer naar politiemensen geluisterd. En mensen zijn kuddedieren, dus een situatie loopt heel snel uit de hand.”
Marieke (18) denkt dat het toegenomen geweld tegen de politie een combinatie is van verkeerde invloeden. “Alcohol en drugs, de opvoeding, het feit dat er voor jongeren weinig te doen is, het speelt allemaal mee. En natuurlijk ligt het ook een beetje aan de politie zelf. Ze staan te ver van de burgers, denk ik.”
“Je vrienden zijn ook heel belangrijk”, vult Maurice (17) aan. “Als die van alles uithalen, kun je er in worden meegezogen. Ik woon in Leidschendam en daar is het op nieuwjaarsnacht ook altijd raak. Maar het zijn wel altijd dezelfde figuren die herrie schoppen.”
De kick die groepsgeweld kan geven, kan voor sommigen ook een reden zijn om met honkbalknuppels op pad te gaan. Marieke: “Tijdens het brugjaar wordt duidelijk hoe groepsgedrag werkt. Wij hebben meegedaan aan een oefening van de Mobiele Eenheid voor de Europese Voetbalkampioenschappen in 2000. Wij waren rellende voetbalsupporters die door de ME in toom gehouden moesten worden. Het geeft dan toch een speciaal gevoel als je je met elkaar tegen de politie keert. Een gevoel van: wie aan de groep komt, komt aan mij.” Begrijpen doen ze dat dus wel, maar waarderen niet. Ze vinden dat er snel oplossingen moeten komen tegen het steeds gewelddadiger worden van de maatschappij. “Strengere straffen voor geweld op straat”, oppert Kevin. “Als je kijkt hoe het met de zaak-Tjoelker is afgelopen, dan ben ik daar best verontwaardigd over. Gevangenisstraffen van twee of drie jaar schrikken niet af, waardoor het geweld alleen maar toeneemt.”
Volgens Marieke staat de politie te ver af van mensen. Daar moeten oplossingen voor komen. “Bij ons in Delft hebben we wijkagenten. In onze buurt komt die regelmatig een praatje maken en houdt de boel goed in de gaten. De jongeren kennen hem en hij kent de jongeren. Dat is voor allebei fijn, want je weet precies wat je aan elkaar hebt.”
Ondanks alle problemen zijn de toekomstige agenten nog steeds enthousiast over het politievak. Het brugjaar dat ze nu volgen is een voorbereiding op de sollicitatie bij een politiekorps. Wat Kevin betreft kan het 'echte werk' niet snel genoeg beginnen. “De hele sfeer bij de politie staat mij wel aan”, zegt Kevin. “Ook een soort groepsgevoel.”
Voor de anderen is het vooral de aard van het werk. Marieke: “Elke dag is weer anders en je doet tenminste nuttig werk.” Dat je dan tijdens de arbeid wel eens in het nauw kan komen, hoort erbij. Maurice: “Ik beschouw het als het risico van het vak. Als dakdekker kan je ook naar beneden vallen en je rug breken. Het is overal wat.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.