*

 
dossier

Archief

Bomhoff valt CPB weer aan

Van onze redactie politiek − 11/10/02, 00:00

DEN HAAG - De LPF-ministers Bomhoff (volksgezondheid) en Heinsbroek (economische zaken) twisten met elkaar over de cijfers van het Centraal Planbureau (CPB). Bomhoff heeft een klemmend beroep op zijn collega van economische zaken gedaan de rekenmodellen van het CPB, waarmee effecten van economisch beleid worden berekend, door te lichten.

Heinsbroek voelt daar weinig voor. Hij heeft geen reden te twijfelen aan de kwaliteit van het CPB, liet hij gisteren weten. De kwestie komt op terwijl beide ministers al ruziën over de koers van de LPF. De twee ontbraken gisteren bij het wekelijkse bewindsliedenoverleg. Hun relatie is tot het nulpunt gedaald, bleek zaterdag bij een LPF-bijeenkomst.

Bomhoff ageert al jaren tegen de rekenmodellen van het CPB. Deze voorspellen de economische effecten van overheidsingrijpen niet goed, vindt hij. Ook hekelt hij het monopolie van het CPB. Daarom heeft Bomhoff vóór zijn ministerschap het concurrerende onderzoeksbureau Nyfer opgericht. Het kabinet maakt zijn begroting op basis van CPB-cijfers.

Na zijn aantreden als minister heeft hij Heinsbroek twee keer gevraagd de rekenmodellen onder de loep te nemen. Die zou er ook zelf belang bij hebben, omdat de effecten van extra lastenverlichting voor het bedrijfsleven bij aangepaste rekenmodellen gunstiger voor de dag komen.

Maar Heinsbroek houdt voet bij stuk. Hij verwijst naar een onderzoek van onafhankelijke internationale economen in 1997, waaruit blijkt dat het CPB goed werk levert. Bovendien staat voor volgend jaar een wetenschappelijke visitatie van vooraanstaande hoogleraren op het programma.

De oppositiepartijen GroenLinks en Leefbaar Nederland willen van premier Balkenende en beide bewindslieden opheldering over de zaak. Leefbaar Nederland vraagt zich af of er nog wel sprake is van eenheid van kabinetsbeleid. Vendrik (GroenLinks) vindt de kritiek van Bomhoff verdacht: ,,Het lijkt erop alsof hij alleen maar zijn gram wil halen.'' Vendrik vindt aan de andere kant een tweede onderzoeksinstituut niet slecht, bijvoorbeeld opgezet door de economische faculteiten van universiteiten. Vendrik: ,,Met tien miljoen euro ben je af van de monopoliepositie van het CPB.''

mailIcon print |