JERUZALEM - De bevalling was niet eenvoudig, de zwangerschap duurde langer dan bij olifanten: drie jaar. Maar volgende week komt het dan eindelijk op het scherm, een nieuwe aflevering van Sesamstraat.
Alleen heet Pino in deze serie Kippi en eten de Palestijnse Chanien en de Israëlische Dafi samen falafel, leren ze elkaar tellen in het Hebreeuws en Arabisch, en ontdekken ze dat hun woorden en gebruiken niet eens zo enorm van elkaar verschillen. De Israëlische zeetiem (olijven) zijn de Palestijnse zeitoen, en batsal (ui) is basal. Kortom, Sesamstraat op z'n Israëlisch én z'n Palestijns, met Karim de haan, Oem Nabil de winkelierster, Moisje Oefnik, de Israëlische versie van het monster, en Maski de immigrante uit Ethiopië.
Het is een unieke co-productie, alsof de vrede al is 'uitgebroken'. Toch, ondanks de innige samenwerking, zijn het op Palestijns verzoek twee afzonderlijke straten gebleven: de Israëlische Soemsoemstraat en de Palestijnse Simsimstraat.
De Israëliërs hadden al eerder afleveringen van Sesamstraat gemaakt, maar het geld was op. De Palestijnen beschikten nog amper over een eigen televisiestation, laat staan ervaren producers, spelers, apparatuur en rekwisieten om een eigen programma te maken. Fondsen uit onder meer Amerika en Nederland (368 000 gulden uit het potje voor kinderen in conflictsituaties van het ministerie van ontwikkelingssamenwerking) brachten de partijen drie jaar geleden samen.
Op dat moment begon ook de verdeeldheid. Al op de eerste bijeenkomst kwam de vraag aan de orde wat voor straten beide partijen wilden en waar ze elkaar zouden ontmoeten. De Israëliërs stelden als ontmoetingsplaats een park voor, tussen de straten. “Maar van wie is dat park dan?”, vroegen de Palestijnen. “Van niemand”, antwoordden de Israëliërs. “Dat kan niet”, reageerden de Palestijnen, “want bij ons denken ze dan meteen dat het van jullie is.”
De Palestijnen wilden een hek in het park. De Israëliërs wilden geen hek, dat was geheel in strijd met de filosofie van Sesamstraat. Maar voor de Palestijnen golden juist de duidelijke grenzen als opvoedkundig. “Wij vonden dat zelfs een symbolische muur om ons territorium af te bakenen noodzakelijk was”, zegt de Palestijnse producer Daoed Kattab. “Voor ons is Sesamstraat deel van het creëren van onze eigen Palestijnse identiteit. Wij wilden een gevoel van trots scheppen dat dit onze eigen straat is en dat degenen die daar komen onze gasten zijn.”
De uiteindelijke oplossing mondde dan ook uit in twee aparte straten, waarbij de bewoners af en toe bij elkaar op bezoek gaan. Zelfs de eerste ontmoeting is voorzichtig geënsceneerd. Amal, een Israëlische Palestijnse arts, neemt Kippi (Pino) mee naar haar neef die in de Simsimstraat woont. Kippi leert daar Karim de haan kennen, en leert een eerste zinnetje Arabisch: 'ana bidi boezet vanil, ik wil een vanille-ijsje'.
-Vervolg op pagina 5
Sesamstraat niet al te rooskleurig VERVOLG VAN PAGINA 1
Tijdens de drie jaar durende productie laaiden bij elke politieke gebeurtenis de spanningen op. Terwijl de programmamakers bijeen waren, bombardeerden de Israëliërs in Libanon Kafr Kana. Honderd vluchtelingen werden gedood. De Israëliërs putten zich uit in verontschuldigingen.
Op de eerste dag van het filmen werd een aanslag gepleegd in Tel Aviv. Opnieuw sloeg de verslagenheid toe. Nu trokken de Palestijnen het boetekleed aan. Kort daarop leek de productie in gevaar te komen. De Israëlische uitgaansverboden maakten het de Palestijnen onmogelijk de opnameset te bereiken.
Ook nu nog zet producent Daoed Koettab kanttekeningen bij de hele onderneming. “Drie jaar geleden, toen we begonnen, koesterden we nog de hoop dat als we deze productie af zouden hebben, het vredesproces al een eind op weg zou zijn. Maar onze hoop en dromen zijn vervlogen.” Koettab heeft er al die tijd voor gewaakt dat de afleveringen te rooskleurig zouden zijn, omdat “we dan aan geloofwaardigheid verliezen”. “Maar als we te realistisch zijn, dan zouden de afleveringen te gewelddadig zijn en hun doel voorbij schieten”, zegt hij.
Dr. Cairo Arafat (geen familie) fungeerde als opvoedkundig adviseur voor de Palestijnse productie. Ook zij benadrukt dat de afleveringen niet een al te mooie droomwereld moeten voorstellen. “Je kan niet Israëlische en Palestijnse kinderen met elkaar laten spelen alsof er niets aan de hand is.”
De ontmoetingen met de Israëliërs zijn voor de Palestijnen een beperkt onderdeel van de serie. Arafat zag de serie als een unieke gelegenheid om juist op Palestijnse zaken in te gaan, op de eigen cultuur, het uitgebreide familieleven, de gebruiken, de taal, kleding, de gastvrijheid; maar ook het leven in de vluchtelingenkampen. “We doen hier hetzelfde met Sesamstraat als in alle andere landen”, zegt ze. “We laten zien dat er verschillende culturen zijn en dat we trots kunnen zijn op onze eigen Palestijnse cultuur.”
Cairo Arafat zorgde er ook voor dat de vrouwen er niet te slecht van afkwamen. Zo is de Israëlisch-Palestijnse arts een vrouw, maar ze is wel getrouwd, juist om het stigma van de eenzame carrièrevrouw te doorbreken. Als tweetalige Israëlische Arabier doorbreekt ze ook de taalbarrière. Ook de Palestijnse straat heeft een leraar die vloeiend Hebreeuws spreekt - geleerd in de Israëlische gevangenis. “De manier waarop dat doorgaans gebeurt”, zegt Koettab.
Over het bereik van de serie twijfelt niemand. De helft van de Palestijnse bevolking is onder de achttien, en in haast elke Palestijnse woning staat een tv-toestel. “Juist de kinderprogramma's zijn van groot belang voor de natie in wording”, zegt Koettab. “De televisie is een medium dat elke slimme leider moet benutten.”
De Israëliërs op hun beurt hebben de afleveringen aangegrepen om hún 'realiteit' te schetsen. Met de religieuze Sjaron, die boeken en kranten verkoopt, en de Ethiopische en Russische immigranten. Ook voor hen is de ontmoeting met de Palestijnen slechts een deel van de serie.
“We doen niet aan politiek”, zegt kinderheld Gai Friedman, de Israëlische Pino, “maar hebben wel een ideologische boodschap. We zijn dan wel twee volken, maar we wonen naast elkaar en hebben veel gemeen. Al moet ik eerlijk zeggen dat hun falaffel lekkerder is.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.