De zeesla, die regelmatig opduikt in het Veerse Meer in Zeeland, blijkt te kunnen overwinteren. Onderzoekers van het Nederlands instituut voor oecologisch onderzoek ontdekten hoe de plant dat doet: hij wordt door zwanen en ganzen begraven in de bodem.
Zeesla werd tot nu toe beschouwd als een eenjarige plant, die zich voortplant door middel van sporen. In het voorjaar ontstaan uit die sporen kiemplantjes op harde opppervlakken als mosselschelpen en steen. Bij het groter worden laat de sla los en ontstaan de karakteristieke groene 'flappen' die in de Zeeuwse wateren zo algemeen zijn. In het najaar sterft de plant door de invallende kou.
Dat laatste geldt alleen voor de zeesla in het water, ontdekten de onderzoekers. Waar zwanen en ganzen de bodem op zoek naar voedsel omwoelen en flarden zeesla bedekken, en de stroming van het water die niet voor het voorjaar tevoorschijn spoelt, overleeft de plant. In laboratoriumproeven werd duidelijk waarom: zeesla blijkt ongevoelig voor koude in het donker.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.