*

 
dossier

Archief

Ammerlaan intiem en toch swingend muziek

KEES POLLING − 03/02/98, 00:00

GRONINGEN - Als de Third Streamschool, die de Amerikaanse componist en dirigent Gunther Schuller in de jaren vijftig opzette, zoveel swing had gehad als de 'songs' die de Groninger jazzbassist en -componist Gerard Ammerlaan nu presenteert onder het kopje 'Third Stream, First Love', dan was Schuller vast geslaagd.

Schuller beoogde een synthese tussen het klassieke idioom en jazz. De meeste proeven waren nogal academisch van opzet, interessant als experiment, maar te weinig doorbloed om enige warmte uit te stralen. Het academische is Ammerlaan evenmin vreemd, maar warmbloedig is zijn muziek ondertussen wel degelijk.

Helemaal eerlijk is de vergelijking tussen Schuller en Ammerlaan niet. In Schullers tijd was het muzikale spectrum nog niet zo groot. Klassieke (hedendaagse) muziek en jazz waren nog volstrekt tegenovergestelde werelden. En hoewel een aantal jazzmusici destijds al veelvuldig speelden met musici uit Latijnse orkesten, bestond er nog geen 'wereldmuziek'. Anno 1998 kan iedereen overal muziek horen uit praktisch alle windstreken van de aarde. De opkomst van de 'wereldmuziek' is daarvan het resultaat, maar ook meer gerichte fusies, zoals die van Ammerlaan, zijn nu gemakkelijker te realiseren en beter te onderbouwen.

Na een try-out in Maastricht presenteerde Ammerlaan zondag in het Groninger Grand Theatre de première van zijn programma 'Third Stream, First Love'. Hij componeerde daarvoor een aantal songs op teksten van Jo Willems, de tekstdichter van zijn opera 'Ontstaan In Grote Nood' (1995). In die opera werkte Ammerlaan voor het eerst met de mezzosopraan Lucia Meeuwsen. In zijn nieuwe programma zet hij haar klassiek geschoolde stem tegenover de ongewone instrumentatie van zijn jazzseptet. De sopraansaxofoon van Paul Stocker en de altsax van Jan Willem van der Ham vormen samen met Ammerlaans basgitaar en de (vaak scheurende) elektrische gitaar van Piet Hoeksma nog een tamelijk gewone bezetting. Maar samen met Wim Timmermans' hoorn, Willem Jansens 'afriminikit' en Hans Hasebos' midimarimba staat er al een heel ander septet. Zodra Stocker dan nog eens voor de basklarinet kiest en Van der Ham excelleert op zijn fagot, dan staat er een groep die met geen enkele andere is te vergelijken.

En datzelfde geldt ook voor de muziek. Het Ammerlaan Septet en Lucia Meeuwsen brachten in het Grand Theatre twee sets van zinderende stukken, waarin elementen uit het modern klassieke idioom, jazz, improvisatie, rock, funk, soul en etnische (Afrikaanse) klanken een buitengewoon spannend huwelijk aangingen. Het eindresultaat heeft het meest van moderne kamermuziek, maar dan aangevuld met een natuurlijke vorm van 'swing', die soms zelfs even tot dansen uitnodigde.

mailIcon print |