Van onze correspondent MOSKOU - Voor even waren de rode oorlogsvlaggen terug op het Rode Plein, compleet met hamer en sikkel, toen vijfduizend veteranen daar gisteren paradeerden voor de 50ste herdenking van de Sovjet-overwinning op nazi-Duitsland. Voor even stond de leider van het Kremlin weer bovenop het Lenin-mausoleum.
Verder was alles anders dan in het communistische verleden. “Hij heeft opperbevelhebber Josef Stalin niet eens genoemd”, mopperde Gennadi Zjoeganov, aanvoerder van de parlementaire communisten, over Jeltsins toespraak. “En hij zei ook niets over de bijdrage van het communisme in de overwinning op het nazisme.”
In plaats van die plichtplegingen uit het verleden betuigde Jeltsin zijn respect voor de bijdrage van de westerse geallieerden, wier tegenwoordige leiders voor het eerst aan de voet van het mausoleum stonden om een parade bij te wonen. Vertegenwoordigers uit ruim vijftig landen gedachten de 27 miljoen Sovjet-oorlogsdoden (de telling is nog niet voltooid, aldus Jeltsin).
“Wij gedenken de ongehoorde prijs die moest worden betaald om de wereld te redden uit de afgrond van het fascisme”, zei Jeltsin tot de veteranen. De Britse premier John Major herinnerde er later aan dat alleen al bij de blokkade van Leningrad meer doden zijn gevallen dan de verliezen die de Britten in de hele oorlog hebben geleden.
Ondanks alle uitingen van wederzijds respect waren er gefronste wenkbrauwen bij de westerse gasten toen bleek dat ook soldaten van gevechtsleeftijd meemarcheerden met de veteranen. Op aandrang van de Amerikanen, die president Clinton niet in nabijheid wilden brengen van manschappen en materieel dat dienst doet in de Tsjetsjeense oorlog, hadden de Russen beloofd de militaire parade te scheiden van de veteranenoptocht.
Gealarmeerd door een krantebericht dat er toch commando's uit Tsjetsjenië zouden meelopen, hebben westerse ambassades tot maandagavond laat om opheldering gevraagd bij het Kremlin. Het resultaat daarvan was niet geheel duidelijk, maar toen waren Clinton en andere leiders al op weg naar Moskou.
Respect
De Nederlandse premier Kok, die ook ergens bij de muur van het mausoleum stond, zei later dat hij zich 'in de huidige omstandigheden niet erg op zijn gemak had gevoeld'. “Maar het eerbetoon moet overheersen. Ik ben hier uit respect voor de offers die het Sovjet-volk heeft gebracht, ook al loop je het risico dat de aanwezigheid hier verkeerd wordt uitgelegd.” Kok heeft niet de illusie dat het wegblijven van de militaire parade effect heeft gehad. “Dat was ook niet de bedoeling. De Russen zullen, vrees ik, niet zo snel van hun stuk te brengen zijn. Het belangrijkste was dat we niet door onze aanwezigheid bij de militaire parade de schijn hebben gewekt dat wij de normen die we zelf stellen niet serieus nemen.”
Zonder het te willen kwamen de westerlingen later toch heel dicht in de buurt van de militaire parade, die enkele kilometers van het Rode Plein werd gehouden. Op weg naar de opening van een oorlogsmonument annex museum moesten de 'parade-weigeraars' in hun limousines wachten, terwijl de tanks, raketten en straaljagers passeerden.
De honderdduizenden Russen die langs de route stonden, genoten echter van de militaire optocht. Speciale vliegtuigen hadden dreigende wolken chemisch behandeld, zodat een warme voorjaarszon de overwinningsdag feestelijk maakte. Wandelende veteranen die rinkelden van de vele medailles die ze bij vorige optochten hadden verzameld, kregen van voorbijgangers gelukwensen en bloemen. De oorlog in Tsjetsjenië zat alleen in de hoofden van de westerlingen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.