AMSTERDAM - Eigenlijk willen de kiezers in Guatemala ex-dictator Rios Montt als president. Maar hij mag niet meedoen. Wie het dan wel wordt? Op de lijst met 19 kandidaten staan onder meer een wegens corruptie ondergedoken oud-rechter van het hooggerechtshof, een voormalig minister van buitenlandse zaken die in Amerika veroordeeld is wegens schending van de mensenrechten en een zakenman die ervan verdacht wordt drie staatsgrepen in de jaren '80 gefinancierd te hebben.
Makkelijk hebben de kiezers in Guatemala het dus niet bij de verkiezingen van komende zondag. Bovendien kiezen ze behalve de president ook in één klap alle 80 leden van het parlement, 332 burgemeesters en de gemeenteraden.
Maar de strijd spitst zich vooral toe op het presidentschap. Rios Montt is uitgesloten omdat hij dictator van Guatemala was in het begin van de jaren tachtig. Volgens de grondwet is deelname aan democratische verkiezingen hem daarom niet toegestaan. Zijn dictatuur gold als zeer bloedig, maar Guatemalteken laten zich daar niet door afschrikken. Ze willen een sterke leider die een einde maakt aan de onstabiliteit. Toch heeft zijn populariteit recentelijk geleden onder een afluisterschandaal. Montt liet de telefoons van zijn opponenten afluisteren en dat strookt niet met zijn imago van bijbelgetrouwe wedergeboren christen.
Generaal buiten dienst Montt kwam in maart 1982 aan de macht na een staatsgreep door een groepje jonge, rechtse officieren. Aanvankelijk probeerde hij Guatemala te democratiseren, maar de linkse guerrillastrijders sloegen zijn aanbod tot amnestie af, ze vertrouwden hem niet. Montt veranderde drastisch van koers: hij riep de staat van beleg uit en het leger begon zijn tactiek van de verschroeide aarde.
Dorpen die door het leger verdacht werden van banden met de guerrillabeweging werden platgebrand, de voornamelijk indiaanse bewoners verjaagd of vermoord. Tegelijk probeerde Montt de indianen te paaien met fusiles y frijoles, geweren en bonen.
De regering gaf de indianen te eten maar ze moesten in ruil daarvoor dienst nemen in een speciaal leger, de burgerpatrouilles ofwel Pac's. Die bestaan nog steeds en worden verdacht van veel moorden en verdwijningen. Alleen in naam is deelname vrijwillig, in de praktijk moeten alle mannen boven de zestien jaar verplicht lid worden. Wie weigert, krijgt bezoek van soldaten of een doodseskader.
De politiek die Montt voerde, stuitte op steeds meer verzet van rechts en eind 1983 werd hij volgens goed Guatemalteeks gebruik weer afgezet. Staatsgrepen zijn in Guatemala al sinds de onafhankelijkheid in 1838 de gewoonste zaak van de wereld. Voor 1954 nam het leger bevelen aan van opeenvolgende dictators, vanaf dat jaar namen de militairen de teugels zelf in handen.
Ze regeerden in harmonie met de rijke elite van het land, die tweederde van alle grond in haar bezit heeft. De indianen, die zestig procent van de bevolking uitmaken, hebben de beschikking over de minst vruchtbare grond en geen enkel vooruitzicht op een beter leven.
Eind jaren vijftig kwam er dan ook een verzetsbeweging op maar die was aanvankelijk te verdeeld om een echt front te vormen tegen het leger. Veel sympathie onder de bevolking was er niet voor deze linkse guerrillastrijders, zij konden de indianen immers ook niet beschermen tegen het leger en de paramilitaire groeperingen. In de strijd die volgde, vielen meer dan 100 000 doden, verdwenen een kleine 50 000 mensen en sloegen zo'n 45 000 mensen op de vlucht.
Bij het leger ontstond langzaam maar zeker het besef dat een militaire regering niet zaligmakend is. In 1986 werden voor het eerst weer verkiezingen toegestaan, maar eerlijk waren die niet: links mocht niet meedoen. Het leger bleef en blijft de belangrijkste machtsfactor in Guatemala.
Ook de daders van moorden en ander geweld gaan nog steeds vrijuit, maar langzaam is er politiek wel iets veranderd. Een staatsgreep in mei 1993 door president Jorge Serrano liep op niets uit; leger en parlement trokken zich niets van zijn decreten aan. Serrano werd zelf afgezet en het parlement wees Ramiro de Leon Carpio aan als zijn opvolger.
Carpio is iemand die zijn sporen heeft verdiend als ombudsman voor de mensenrechten. Hij heeft altijd gezegd dat hij voor het einde van zijn ambtstermijn in januari 1996 een vredesverdrag wilde hebben. Zijn regering onderhandelt met de rebellen, die zich hebben verenigd in de Guatemalteekse Nationale revolutionaire eenheid, de URNG. Maar de besprekingen onder leiding van de Verenigde Naties verlopen moeizaam doordat de landeigenaren bang zijn hun macht te verliezen. Inmiddels hebben ze een aanklacht ingediend tegen Hector Rosada, die onderhandelt namens de regering. Hij zou de belangen van de grootgrondbezitters verkwanselen door concessies aan de opstandelingen te doen. De landeigenaren zijn vooral bang dat er een herverdeling van de grond komt.
Ondanks de trage onderhandelingen roepen de rebellen de bevolking nu op te gaan stemmen. Ze hebben zelfs voor het eerst in dertig jaar eenzijdig een staakt-het-vuren afgekondigd dat samenvalt met de verkiezingen. De verkiezingen staan open voor alle partijen maar er lijkt geen alternatief voor de vele rechtse kandidaten. Links is niet sterk vertegenwoordigd. De URNG steunt het pas opgericht Guatemalteekse Nieuw democratisch front.
Deze partij bestaat uit diverse oude rebellengroeperingen en hun kandidaat, Jorge Luis Gonzales Del Valle, is een voormalig manager van het Internationaal monetair fonds. Hij maakt niet veel kans, het Front heeft geen echt verkiezingsprogramma en kibbelt intern.
Rios Montt en zijn ultra-rechtse partij het Guatemalteeks Republikeins front hebben een stroman naar voren geschoven, nu hij zelf niet mee mag doen. Hun kandidaat is de econoom en advocaat Alfonso Portillo Cabrera.
De enige echte kanshebber is de oud-burgemeester van Guatemala-stad, Alvaro Arzu. Hij komt uit de conservatieve Nationale vooruitgangspartij en staat bekend als een goed bestuurder die van wanten weet. Hij kan momenteel rekenen op zo'n 30 procent van de stemmen, maar veel Guatemalteken hebben hun definitieve keus nog niet bepaald.
Als geen van de kandidaten in de eerste ronde meer dan de helft van de stemmen krijgt, is er op 7 januari een tweede ronde tussen het tweetal dat de meeste stemmen kreeg. Of er daarna ook een nieuwe president is, staat niet vast.
Rios Montt heeft namelijk al anarchie beloofd als zijn kandidaat de overwinning niet behaald. En anarchie in Guatemala betekent meestal een nieuwe staatsgreep.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.