VOLENDAM - Precies achtenzeventig minuten duurde de rentree van nieuwbakken FC Utrecht-speler John van Loen gisteren in en tegen tegen Volendam (0-1). Resultaat: een gele kaart, een lichte blessure aan het linkerbovenbeen en drie punten.
Het was acht jaar geleden dat de rossige spits een wedstrijd voor FC Utrecht speelde. De eerste de beste tegenstander was FC Volendam. Een ploeg waarvan Van Loen nog nooit verloren had, niet met Utrecht, niet met Feyenoord en niet met Roda JC.
Ook gisteren maakte Van Loen deel uit van de gelukkigste partij. Met saai, ongeïnspireerd voetbal vocht hekkesluiter Utrecht tegen een al even fantasieloos Volendam. Het geluk, waar het de club van de vierde stad van Nederland in de eerste competitie-helft vaak aan ontbrak, kwam tegen Volendam wel bovendrijven. Ondanks een aggresief slotoffensief van de thuisclub (bal op de paal en op de lat, schot van de lijn gehaald) hield Utrecht stand. En Van Loen lachte: “De eerste punten zijn binnen.”
De lange spits stoorde, maakte slidings, protesteerde (wat hem een gele kaart opleverde) en trok gaten. Echt gelukkig met zijn acties was hij niet. Twaalf minuten voor het eindsignaal werd hij er licht geblesseerd uitgehaald, maar het eerste succesje is binnen.
Tien maanden geleden verhuisde een gebroken John van Loen van Feyenoord (overbodig en te duur) naar Sanfrecce Hiroshima, Japan. Voor de Utrechter was het spelen voor de Rotterdamse club in verschillende opzichten onmogelijk geworden. Zo kon de dertig-jarige bij de fans geen goed meer doen. Volgens eigen zeggen had zijn voormalige werkgever een anti-stemming gekweekt. “Het woord parasiteren werd door voorzitter Van den Herik genoemd. Ik voelde me aangesproken. Ik vond het verschrikkelijk dat zoiets over mij gezegd werd want ik geef me altijd honderd procent. Natuurlijk maak ik ook wel eens een geintje. Dat ligt in mijn aard. Maar het betekent niet dat ik de kantjes er van af loop.”
In Japan vond Van Loen zijn draai. Hij speelde regelmatig, scoorde, en vond het respect waar hij naar op zoek was. Eind december liep zijn contract af en wilde Van Loen terug naar zijn eerste profclub.
Dat de spits na zijn uitstapje naar Japan uitgerekend koos voor de club die na één seizoenhelft stijf onderaan staat, is opmerkelijk (hij gaat er qua salaris zestig tot zeventig procent op achteruit), maar niet toevallig. “Utrecht is mijn oude liefde. Het is een gevoelsbeslissing geweest. Niet echt goed uit te leggen. Bovendien is het maar voor een half jaar, een soort investering dus. Er was overigens wel interesse van andere binnenlandse en buitenlandse clubs, maar mijn gevoel zei Utrecht.”
Het leek een paar maanden geleden onwaarschijnlijk dat Van Loen naar Utrecht zou komen. Het bestuur zag niets in de routinier maar meer in een jongere spits. Desondanks werd hij tijdens de nieuwjaarsreceptie als een verloren zoon in de armen gesloten door Jan van de Kant. De voorzitter van de club realiseerde zich ook dat veertien treffers een magere score is in achttien wedstrijden.
Huiverig
Het contact met de club is volgens de speler altijd gebleven. “In eerste instantie was ik wat huiverig, omdat er nogal wat problemen zijn. Nee, ik heb niet echt voorwaarden gesteld. Het enige wat ik wilde weten, was hoe de situatie binnen de club er voor stond. Dat vonden ze raar. Maar na een goed gesprek met Nol de Ruiter ben ik tenslotte toch overstag gegaan”
De problemen die zich de afgelopen maanden bij FC Utrecht hebben afgespeeld, zijn voor een groot deel aan Van Loen voorbij gegaan. Inmiddels is hij door zijn nieuwe collega's aardig bijgepraat. “Er zijn goede afspraken gemaakt: meer discipline, zoveel mogelijk problemen binnenskamers oplossen en weer alleen aan voetbal denken. Ik weet dat dergelijke afspraken vaker zijn gemaakt maar tot nu toe gaat het goed.”
“Utrecht heeft goede spelers. Al schrok ik me in het begin rot. Iedereen schold elkaar stijf tijdens de oefenpotjes. Dat was niet meer normaal. Ook daar zijn afspraken over gemaakt. We moeten zorgen dat we een team zijn zodat de tegenstander weer respect voor FC Utrecht krijgt. De laatste tijd kwamen clubs naar Utrecht met de instelling: 'ha, weer drie punten meenemen'. Dat was ooit wel anders. Vroeger stond de club garant voor een heet avondje, ploegen stonden met de stront in de broek in Nieuw Galgenwaard.”
In Utrecht wordt Van Loen geconfronteerd met hoge verwachtingen. Niet alleen het bestuur maar ook het publiek hunkert naar enig succes. Gisteren bleek dat de fans Van Loen nog niet vergeten waren. Regelmatig scandeerden de 1500 meegereisde supporters zijn naam. Na Kistemaker is 'Johnnie' voorlopig de nieuwe held
Van Loen: “De druk is natuurlijk groot. Als wij degraderen is dat een debâcle voor de club. Dat realiseert het bestuur zich ook. Maar ik blijf gewoon mezelf. In het begin van het seizoen werd er voornamelijk met lange ballen gespeeld. Tegen Volendam zag je dat er meer opbouw in het spel is. Er zal alleen meer gescoord moeten worden en wie dat nu doet, maakt mij niet uit. Nu was Hans Visser de grote man. Ik misschien de volgende wedstrijd.”
Bij elke club waar Van Loen speelde, was hij geliefd of gehaat. “Ik snap dat zelf ook niet. Als ik presteer ben ik de held, speel ik slecht dan ben ik een klootzak. Bij mij gaat dat in extremen. Ik zal als het slecht gaat wel altijd het pispaaltje blijven. Maar vandaag scandeerden ze mijn naam. Ik heb al heel wat meegemaakt in mijn loopbaan, maar elke keer weer als ze mijn naam roepen komt het kippevel opzetten. De eerste stap is gezet. Zoals het er nu voorstaat ga ik de tweede helft van het seizoen met een goed gevoel tegemoet. Ik heb heel erg veel vertrouwen in mezelf en in Utrecht.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.