ALMELO - Voor de voormalige Almelose rechercheur Frans Wittenhaar is het dossier na bijna twaalf jaar eindelijk gesloten. Met het bijwonen van het proces tegen Thomas Quick, vorige week in Zweden, heeft Wittenhaar een belangrijke episode in zijn carrière als politieman afgesloten.
Wittenhaar hoorde de officier van justitie levenslang eisen tegen de 45-jarige vermoedelijke moordenaar van het echtpaar Stegehuis uit Almelo. De dubbele moord op Jannie en Martin Stegehuis gold in Zweden, na de moord op premier Olav Palme, als de meest geruchtmakende in de criminele geschiedenis van het land. Geruchtmakend omdat het hier om toeristen ging die op ongekend brute wijze waren afgeslacht.
Frans Wittenhaar doet zijn verhaal over het proces tegen de vermoedelijke moordenaar van het echtpaar Stegehuis uiterlijk onbewogen, maar bij vlagen verraadt de trilling in zijn stem dat de moordpartij ook bij hem sporen heeft nagelaten. “Het is een van de zwaarste zaken die ik bij de recherche heb gedaan”, zegt Wittenhaar, die inmiddels is overgestapt naar de afdeling asielzaken van de politie Almelo.
Wittenhaar moet in juli 1984 de familieleden van het echtpaar Stegehuis het bericht brengen dat Jannie en Martin nooit van vakantie zullen terugkeren. De echtelieden zijn dood aangetroffen in hun tent, die ze niet ver onder de poolcirckel in het natuurgebied Appojaure hebben opgezet. De moordenaar heeft, door het tendoek heen, al met al zo'n 60 keer ingestoken op de echtelieden.
Direct na de ontdekking van de moord verblijft Wittenhaar al een maand in Zweden om collega's van de moordbrigade uit Stockholm, die vanwege de ernst van het delict zijn opgetrommeld, bij te staan. Een jaar later gaat hij nog eens voor twee maanden naar Güllivare, de stad die het dichtst bij de plaats van het delict ligt, om te assisteren. Maar ook Wittenhaar kan niet voorkomen dat het onderzoek muurvast komt te zitten.
Er ligt al een laag stof op het dossier als in het najaar van 1994 de in een psychiatrische kliniek voor delinquenten verblijvende Thomas Quick tegen zijn psychiater begint de praten. Quick, die is aangehouden wegens gijzeling van een bankdirecteur, biecht tien moorden op. In acht gevallen gaat het om lustmoorden op jonge jongens, de andere twee moorden betreft het echtpaar Stegehuis.
“Dat zij het slachtoffer zijn geworden, is puur toeval”, zegt voormalig rechercheur Wittenhaar. “Jannie en Martin Stegehuis waren de eerste mensen die Quick tegen kwam toen hij in een toestand van razernij verkeerde. Hij had zich eigenlijk aan een jonge fietser willen vergrijpen, maar dat was hem niet gelukt. Zijn woede en frustratie daarover heeft hij op het echtpaar Stegehuis botgevierd.”
Thomas Quick hield tijdens de rechtzitting vol, dat hij de moorden had gepleegd met een andere gedetineerde misdadiger. Maar de officier van justitie en ook Wittenhaar hechten aan dat verhaal weinig waarde. Voor Thomas Quick doet het oordeel, dat de rechtbank over twee weken uitspreekt, er overigens niet veel toe. Hij is in verband met andere zaken al veroordeeld tot levenslange dwangverpleging.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.