*

 
dossier

Archief

A. Vollebregt, KAVB, Vereniging voor Bloembollencultuur

Door: redactie − 09/12/97, 00:00

“Ik heb erover gelezen in de krant, ja, dat onderzoek van de Rijksuniversiteit Leiden. Het zal wel kloppen dat een aantal boeren te veel bestrijdings- of gewasbeschermingsmiddelen gebruikt. Ook in de bloembollenteelt. Onze sector moet absoluut aan de milieuvoorwaarden blijven voldoen, maar de huidige methoden veranderen is best moeilijk.

De bloembollenteelt is erg veelvormig. Alleen al de grote verscheidenheid aan rassen maakt het ingewikkeld. Bij het ene ras moet je meer spuiten dan bij het andere. Ook de ligging van het bedrijf is van grote invloed. De zandgrond in de bollenstreek is wat gevoelig voor bodemziekte, terwijl je op klei en zavel meer aandacht moet besteden aan de preventie van ziekten in het blad. En het moet rendabel zijn. Want bloembollentelers die volgens de normen produceren, maar vervolgens failliet gaan, daar heb je niks aan.

We hebben al veel kennis op het gebied van spuiten. De hoeveelheid gebruikte gewasbeschermingsmiddelen lag in 1995 al zo'n 40 procent lager dan in 1987. Op het moment hanteren we een 'spuitvrije zone' langs de velden van anderhalve meter om drift naar de sloot te voorkomen. Die moet je behouden, maar de drie meter waar in de akkerbouw over wordt gepraat, lijkt me overdreven. Je kunt het beter zoeken in technische oplossingen. Een 'overkapte beddenspuit', bijvoorbeeld, waarbij de vloeistof precies daar neerkomt waar het nodig is. Het invoeren van nieuwe technieken kost een tijdje. Aan de productiemethoden is wel wat te verbeteren, maar de benodigde kennis daarvoor is nog te veel geconcentreerd in de proefcentra. Niet bij echte bedrijven, dus. Daarom starten we het project 'Bollenteelt 2000' om bollentelers te helpen binnen drie jaar aan alle milieunormen te voldoen die in de volgende eeuw aan de sector worden opgelegd. Sterker: ze zullen aan milieunormen voldoen die verder gaan dan het Meerjarenplan Gewasbescherming en de normen voor fosfaat- en stikstofaanvoer in 2002. Dat gebeurt onder intensieve begeleiding van een aantal deskundigen. In eerste instantie gaan 24 bedrijven deelnemen. Maar het gaat natuurlijk om het opbouwen van ervaring voor de hele sector. Van een inhaalslag op het gebied van het milieu zou ik niet willen spreken, maar veel bollentelers kijken de kat uit de boom. Tja, bollentelers zijn ook gewone mensen.''

mailIcon print |