*

 
dossier

Archief

Ajax kan geen show maken

Johan Woldendorp − 17/09/99, 00:00

Onder het dak van de Arena hangen vaandels die herinneren aan de veertien landstitels en de diverse Europa Cups, die Ajax sinds 1919 heeft gewonnen. Dat waren de 'good old days', toen de Amsterdammers clubs als Dukla Banska fluitend op nederlagen met dubbele cijfers tracteerden.

Gisteravond werd het tegen de verliezende bekerfinalist van Slowakije 6-1. Het halen van de tweede ronde in het Uefa Cuptoernooi is een eitje. De return in wat volgens de VVV-folder het 'pittoreske' mijnstadje Bystrica heet, kan ook per e-mail worden afgedaan.

Coach Jan Wouters noemde Dukla Banska vooraf een club die slechts in de middenmoot van de eerste divisie mee zou kunnen komen. De trainer van Ajax noemt de dingen graag bij zijn naam. Menig collega zou de Slowaakse equivalent van pakweg Emmen vol respect een geduchte tegenstander hebben genoemd. Op Wouters' kwalificatie viel niets aan te merken. Dukla kon er in de amper halfvolle Arena werkelijk niets van. Wouters bevroedde alleen niet dat het huidige Ajax zelfs tegen dit kaliber anti-ploegen geen wervelende show kan opvoeren. Dat er tegen de Dukla's van deze wereld geen eer valt te behalen, is een slap excuus.

Europees voetbal is op die manier een farce. De Uefa-beker, vroeger nog liefdevol een troosttoernooi genoemd, is als vergaarbak van clubs, die te slecht zijn voor de gedevalueerde Champions League, en winnende en verliezende bekerfinalisten tot een soort Losers Cup verworden. Het zegt en passant veel over de eredivisie, waarin het internationaal ondermaatse Ajax, spelend met acht Nederlanders maar zonder Nederlandse internationals, zowaar een hoofdrol kan opeisen.

Vooraf droomde Ajax van een klinkende overwinning, zoals het die al een paar keer in eerste rondes van Uefa Cuptoernooien had geregistreerd: 8-0 tegen Glentoran Belfast (1975), 14-0 tegen het Luxemburgse Red Boys Differdange ('84) en 9-1 tegen Maribor, nog maar twee jaar geleden. Dat zat er gisteren geen moment in.

Traag en fantasieloos trachtte Ajax in eerste aanleg de menselijke Dukla-muur te slechten. Het hele scala van breed gelegde balletjes en doorzichtige steekpassjes leidde lange tijd tot niets, zelfs niet tot een schot. Op een manier waarvoor zelfs een tweede klasser bij de amateurs zich zou generen, keek de thuisclub na een kwartier zowaar tegen een achterstand aan. Een volstrekt ongevaarlijke voorzet van Kovac werd door Verlaat in eigen doel gekopt.

Het was een slechte kennismaking met Europees bekervoetbal voor Fred Grim, die de actie van de meest ervaren verdediger van Ajax onmogelijk kon voorkomen. Na een moeizaam gewenningsproces lijkt de vroegere bankzitter achter Van der Sar zijn plekje te hebben gevonden. Ook in slechtere doen zou hij niet voor zijn plaats hoeven vrezen. Stand-in Menzo is door een meniscusblessure zeker vier weken uitgeschakeld.

Zes minuten na zijn fout mocht Verlaat hem goed maken. De in een kansloze positie gemanoeuvreerde Wamberto lokte handig een strafschop uit. De Kroatische scheidsrechter Siric trapte met ogen open in de val en Verlaat accepteerde het cadeau gretig. Een minuut later brak Ajax het verzet van de onbeholpen voetballende Slowaken definitief. De vrijstaande Reuser kopte een voorzet van Wamberto in. Het was voor het eerst dat de huurling van Vitesse bij zijn oude club in de basis stond. De vorige week kreeg hij in de competitiekraker tegen Feyenoord zijn eerste speelminuten.

Met een fluitconcert maakten de Ajacieden zich na de eerste helft op voor de donderspeech van Wouters. En zowaar, in de tweede periode kweet de ploeg zich nog heel behoorlijk van de taak het amusementsgehalte dat van een trainingspartijtje te laten ontstijgen. Eerst pikte Knopper koppend zijn doelpuntje mee en daarna mocht de voor 19 miljoen gehaalde topschutter Machlas ongekende tijden beleven. De Griek, die in de competitie nog maar één keer scoorde, maakte er 4-1 en 5-1 van.

Het vierde doelpunt van Ajax had overigens nooit mogen worden toegekend. Wamberto zette de bal voor, nadat die voor iedereen zichtbaar (behalve voor Siric en zijn assistent) de achterlijn was gepasseerd. De uitblinkende Braziliaan bepaalde ruim een kwartier voor tijd de eindstand op 6-1.

mailIcon print |