*

 
dossier

Archief

KPMG: er blijft genoeg concurrentie over

Door: redactie − 21/10/97, 00:00

Van onze redactie economie AMSTELVEEN - Hoe fuseer je twee bedrijven die eigenlijk niet bestaan? Deze en aanverwante vragen willen de bedrijfsadviseurs van KPMG en Ernst & Young beantwoord hebben alvorens zij in maart volgend jaar hun maatschappen kunnen laten opgaan in 's wereld grootste adviesgroep.

De mondiale nummers drie en vier op het gebied van accountancy, belastingadvies en consultancy bevestigden gisteren een fusie te zullen onderzoeken. 'Zullen onderzoeken', want de plannen zijn nog kersvers en het onderzoek moet nog beginnen.

Een maand geleden stond de fusie zelfs nog niet op de agenda. Maar nauwelijks hadden de concurrenten Price Waterhouse en Coopers & Lybrand half september bekend gemaakt dat zij de krachten willen bundelen, of de toplieden van KPMG en Ernst & Young vonden het hoog tijd worden dat ook maar te gaan doen. Andersen Worldwide, tot voor kort marktleider met een omzet (in 1996) van 9,5 miljard dollar (19 miljard gulden), degradeert zo in korte tijd naar de derde plek in wat nu nog een mondiale top-4 is. KPMG/E & Y (een nieuwe naam is nog niet bedacht) komt met 15,9 miljard dollar fier op kop, Coopers-Price wordt (na slechts één maandje nummer één) nummer twee met 11,8 miljard.

Hekkensluiter was en blijft Deloitte & Touche met 6,5 miljard aan omzet. De afstand tot de marktleider is voor D & T nu wel erg groot en dus lijkt een volgende fusie, van D & T met Andersen, een kwestie van tijd. Maar het rommelt intern bij Andersen, wat op z'n minst een van de redenen is geweest voor Ernst & Young en KPMG om voor elkaar en niet voor Andersen te kiezen. Dat meldde althans gisteren op een Nederlandse persconferentie topman J. den Hartog van Moret, Ernst & Young, zoals het bedrijf in Nederland heet.

Den Hartog en zijn collega bij KPMG R. Koedijk zijn sinds welgeteld een week met elkaar in gesprek over de aanstaande fusie. Al zijn zij niet de hoogstgeplaatsten in hun beider organisaties, van enig belang ontbloot is de uitkomst van hun gesprek allesbehalve. De twee accountantskantoren bestaan wereldwijd namelijk slechts als een federatie van redelijk onafhankelijke maatschappen, 'partners' in het Engelse jargon. Op wereldschaal fuseert er straks eigenlijk niets; het zijn de verschillende maatschappen die, per land, twee-aan-twee in elkaar moeten opgaan. Daarbij zouden partners kunnen afhaken en naar een concurrent kunnen overstappen. Bij een eerdere fusiegolf in de branche, rond 1990, is dat ook wel gebeurd. Dit keer verwachten de twee organisaties geen afhakers. “Zaterdag zijn de fusieplannen op een partnerbijeenkomst zeer enthousiast ontvangen”, aldus Den Hartog.

Onder de afzonderlijke landenorganisaties speelt Nederland geen ondergeschikte rol. Voor beide kantoren is Nederland de op drie of vier na belangrijkste markt. Het mondiale hoofdkantoor van de nieuwe advies-grootmacht komt mede daardoor niet in New York of Londen maar in het karakteristieke KPMG-kantoor langs de A9 in 'Amsterdam', zoals de twee organisaties Amstelveen in verband met de internationale uitstraling maar noemen.

De twee groepen verwachten geen problemen met de monopolie-autoriteiten van de VS en de Europese Unie. Op deelmarkten hebben zij dominante posities: in de VS bijvoorbeeld hebben ze 68 procent van de grote banken als klant en in Nederland beheersen ze samen zo'n 40 procent van de accountancy-markt. “Maar onze positie moet je internationaal beoordelen. En met ons totale pakket komen we in Nederland nog niet aan 25 procent marktaandeel. Er blijft ook hier nog genoeg concurrentie over”, aldus KPMG'er Koedijk.

Een behoefte aan schaalvergroting om de klanten beter te kunnen bedienen enerzijds en voor grote investeringen in onder andere automatisering anderzijds, is volgens Koedijk en Den Hartog de belangrijkste drijfveer geweest voor de fusieplannen. Maar aangezien die plannen pas ontstonden na het nieuws over Coopers-Price, lijken defensieve motieven minstens zo belangrijk te zijn.

Ook in ander opzicht heeft Coopers-Price misschien al een voorbeeld gegeven wat de volgende stap in de ontwikkeling kan worden. Coopers-Price neemt een fors belang in Philips' automatiseringsdochter Origin. Automatisering is tegenwoordig zo bepalend voor bedrijfsprocessen dat adviezen daarover meer en meer ook adviezen over bedrijfsstructuren worden. Omgekeerd kan een advies over bedrijfsvoering niet meer zonder een plan voor de automatisering van een concern. De grote automatiseerders, als Cap Gemini en Origin, en de grote consultants komen elkaar steeds vaker tegen. Nu KPMG/E & Y op zijn traditionele markt al veruit de grootste wordt, lijkt voor verdere schaalvergroting de automatiseringsmarkt een voor de hand liggende keus.

mailIcon print |