*

 
dossier

Archief

Penshonado-regeling en andere lucratieve Antillen-routes in nieuwe wet aangepakt

WILFRIED VAN DER BLES; INEKE NOORDHOFF − 23/01/96, 00:00

DEN HAAG - “Geen land wil een belastingverdrag afsluiten met de Nederlandse Antillen zolang het een belastingparadijs is. Nederland sluit ook nooit verdragen met belastingparadijzen. Deze Belastingregeling voor het Koninkrijk ligt er uitsluitend omdat we rekening houden met de koninkrijksband.”

Staatssecretaris W. Vermeend heeft gisteren de Belastingregeling voor het Koninkrijk naar de Tweede Kamer gestuurd en daaruit blijkt dat de Antillen een belastingparadijs blijven, zij het dat misbruik en oneigenlijk gebruik eruit zijn gehaald. Papieren verhuizing van renteniers om belasting te ontgaan, wordt niet meer getolereerd. Wie stil wil gaan leven op de eilanden, betaalt de eerste vijf jaar het Nederlandse tarief.

Daartoe komt er informatie-uitwisseling tussen de Belastingdiensten op de Antillen en die in Nederland. Ook worden de gekunstelde constructies om belasting te ontgaan ingeperkt. Vermeend: “Ik heb een praktische benadering. Als er dan toch belastingvlucht is, dan heb ik liever dat het geld in het Koninkrijk blijft dan dat het erbuiten terecht komt.” Vanuit die praktische benadering noemt hij het “een evenwichtig verdrag dat misbruik en oneigenlijk gebruik inperkt”.

De Nederlandse Antillen zijn een belastingparadijs in twee opzichten: voor emigranten is er de penshonado-regeling. Wie deze renteniers-status verwerft, hoeft slechts 5 procent belasting te betalen. De mogelijkheden daartoe worden beperkt. Daarnaast is er de off-shore-industrie: een financieel circuit waarbij geldstromen, vooral dividend, via de Antillen wordt gesluisd om de belastingafdracht te drukken.

Er is in toenemende mate kritiek op die paradijs-tarieven. Vanuit Nederland, maar ook vanuit landen waarmee Nederland een belastingverdrag sluit. “Toen bekend werd dat Steffi Graff gebruik maakte van de Antillenroute, werden direct in Duitsland vragen gesteld over de route via Nederland”, schetst Vermeend het belang van de wet.

Nederland heeft met meer dan vijftig landen belastingverdragen. “We hebben een van de mooiste verdragen-netten ter wereld”, vindt de staatssecretaris. En dat maakt Nederland tot een aantrekkelijke vestigingsplaats voor multinationals, doceert hij. “Maar onze verdragspartners hebben steeds meer moeite met de Antillen. Die zeggen: We willen wel een verdrag met Nederland, maar niet met de Antillen.”

Met de nieuwe Belastingregeling voor het Koninkrijk hoopt Vermeend de ergste weerzin van partners te hebben weggenomen. De niet bonafide off-shore, financiële zaken die niets met de Antillen te maken hebben, worden afgesneden, zo is zijn bedoeling. Dat betekent echter ook: minder inkomsten voor de Antillen.

Vooral de verkleining van de dividendstromen gaat geld kosten. Via allerlei constructies wordt nu vaak geprobeerd om de belasting op uitgekeerd dividend via een Antillenroute te verlagen van 25 tot 5 procent. De nieuwe wet beperkt die mogelijkheden.

Ook komt er minder ruimte om te rentenieren. Het gaat hier om directeuren/grootaandeelhouders die uit een bedrijf zijn gestapt en met de opgepotte winst mee verhuizen naar de Antillen. Vaak wonen ze er maar tijdelijk, meent Vermeend, en benutten ze hun adres ter plaatse alleen voor het lucratief verzilveren van die opgepotte reserves. “Ik heb van mensen ter plaatse gehoord dat acht van de tien huizen van renteniers een groot deel van het jaar leegstaan. Zo heel veel profijt hebben de Antillen er nu ook niet van”, relativeert hij het belang van de penshonado's voor de lokale economie. Afgesproken is dat de Antillen een strakkere definitie zullen maken van wie de renteniers-faciliteit mogen benutten.

Bij de dividend-betalingen via de Antillen, een aanzienlijk omvangrijker probleem dan de renteniers, wordt de bewijslast omgekeerd: niet de fiscus moet aantonen dat het Nederlandse tarief van toepassing is, maar de betaler moet bewijzen dat hij onder Antilliaanse tarieven valt. Verder zijn de mogelijkheden om via constructies de Nederlandse fiscus te ontgaan, ingeperkt.

De nieuwe regels hebben nogal wat schrik veroorzaakt in het Antilliaanse circuit van renteniers en adviseurs. Vooral die informatie-uitwisseling viel niet goed. Vermeend reageert er laconiek op: “De aanpak van misbruik en oneigenlijk gebruik valt bij fiscale trapezewerkers uiteraard niet goed.”

Kritiek van de Raad van State wimpelt hij af: “Er zijn dan misschien veel kanttekeningen bij het wetsvoorstel geplaatst, de uiteindelijke conclusie van de Raad van State is mild.” Het feit dat de wet een jaar later ingaat dan de bedoeling was en hij herhaaldelijk terug moest voor overleg, doet hij af met: “De wetstekst is hetzelfde gebleven. Alleen de memorie van toelichting is na aanvankelijke bezwaren wat aangepast. Er waren wat kleurverschillen. Maar dat is helemaal niet interessant.”

mailIcon print |