*

 
dossier

Archief

Van Mengelberg tot Renes

FRANZ STRAATMAN − 23/03/95, 00:00

Een simpel telefoontje dinsdagavond van de persman van het Koninklijk Concertgebouworkest. Riccardo Chailly is nog steeds ziek; er is een vervanger gevonden voor de concerten op woensdag- en donderdagavond in het Amsterdams Concertgebouw. Zijn naam: Lawrence Renes. Hij neemt het geplande programma over: Concert voor orkest van Béla Bartók en 'Ein Heldenleden' van Richard Strauss. Renes krijgt er één repetitie voor.

Terwijl ik dit tik, op woensdagmorgen, werkt de net 25 jaar geworden Noordhollander met een mediterraan uiterlijk dankzij een Maltezer moeder, hard aan een debuut waar alle jonge dirigenten van dromen: een maëstro wordt ziek, een wanhopige orkestdirecteur reist telefonisch de wereld af op zoek naar een vervangende maëstro, maar komt terecht bij jou, maëstro-in-de-dop.

Op het moment dat u dit leest, is dat debuut achter de rug, en zitten recensenten (want reken maar dat iedereen dit spectaculaire debuut verslaat) hun oordeel uit te schrijven. Vanavond en morgenochtend blijkt of de belofte die Renes uitstraalt, verder is ontloken in dat fantastische orkestprogramma dat hij in de schoot geworpen kreeg, of dat de belofte in de knop is gebroken.

Voor dat laatste hoeven we niet te vrezen. De musici van het Concertgebouworkest zullen er wel voor uitkijken om het de jonge invaller moeilijk te maken. Beide geplande stukken behoren tot de traditie van het orkest; de huidige musici kunnen ze dromen in allerlei expressies, overgenomen van allerlei dirigenten. 'Ein Heldenleben' zelfs al sinds 1899 toen de 28-jarige Willem Mengelberg het werk introduceerde.

Mengelberg-Renes. De combinatie flitste door mijn hoofd tijdens dat telefoontje; ik was net terug van de opening van de tentoonstelling 'Mahler in Amsterdam, van Mengelberg tot Chailly'. Zowel op de tentoonstelling (Gemeentearchief Amsterdam, Amstel 67, dagelijks tot 11 juni) als in het prachtige boek met cd onder dezelfde titel (Uitgeverij Thoth Bussum/Gemeentearchief Amsterdam; 134 pp, veel foto's) komt Mengelberg ter sprake, uiteraard, want hij kneedde het orkest tot een medium waar Mahlers symfonisch werk ideaal kon gedijen; 'Das Orchester ist vortrefflich und sehr gut studiert', schreef Mahler al in 1903 bij zijn eerste bezoek aan het orkest.

Tentoonstelling en boek herinneren ook aan het feit dat Willem Mengelberg in 1895 werd aangesteld tot 'muziek-Directeur van de Naamlooze Vennootschap 'Het Concertgebouw'. Mengelberg was toen 24 jaar! Vier jaar later kon hij de bewondering oogsten voor zijn werk als dirigent/orkesttrainer van Richard Strauss die zijn 'Ein Heldenleben' aan orkest en diens leider opdroeg. Mengelberg toen 24, Renes nu, net 25.

Mengelberg kwam destijds bij een orkest dat in zeven jaar tijd door Willem Kes tot een stevig ensemble was getraind. Een jong, maar ambitieus orkest; zou het zo hebben gespeeld en geklonken als het nu bijna tien jaar bestaande Nederlands Philharmonisch Orkest? Daar trad Renes vorige week als gast op, driemaal in het Concertgebouw, eenmaal in Vredenburg. Twee recensenten die de eerste avond in het Concertgebouw bijwoonden, stonden bijkans op hun achterste benen, zo'n grote indruk maakte Renes met vooral 'Till Eulenspiegel' van . . . Richard Strauss. Zelf beluisterde ik Nedpho en Renes op hun tweede avond in Vredenburg, waar ik niet overtuigd uitkwam. Zijn sterke punt: hij tacteert op het voorbeeldige af; zijn zwakke punt: hij bleef aan de oppervlakte van de muzikale inhoud. Een ander sterk punt (gehoord vanuit het Nedpho): hij weet met musici om te gaan.

Reden om nog een keer te gaan luisteren: vorige vrijdag in het Concertgebouw. Renes, tenger, veel jonger ogend, daalde met ontspannen zelfbewustheid de lange trap af. Het werd de opmaat voor een alleszins goed concert waarin hij duidelijker zijn stempel drukte op de muzikale voortgang dan in Utrecht, expressiever dirigeerde, en weer met de lustige streken van Uilenspiegel de hoogste ogen gooide.

Helaas kon ik hem gisteravond niet wederom die trap zien afdalen, nu voor een confrontatie met de superdivisie in het wereldmuziekleven. Al was Willem Mengelberg zelve uit de hemel neergedaald om Chailly te vervangen, voor een zoon, 15 jaar, die op het schooltoneel Malcolm en nog wat kleins speelt in 'Macbeth', in dit geval vrij naar Shakespeare, wijkt alles. De moraal: met kunstbeoefening kun je niet vroeg genoeg beginnen.

mailIcon print |