AMSTERDAM - De tegenstanders van woningbouw in het IJmeer hebben de weergoden niet mee. Grijze wolken jakkeren boven de Amsterdamse huizen, er staat een forse wind, en vooral 's morgens zijn er forse regenbuien. Niet echt uitnodigend weer dus om te gaan stemmen voor het referendum.
Op veel stembureaus zitten de drie leden er wat verveeld bij. De een bladert nog maar eens door de ochtendkrant, de ander kijkt verwachtingsvol naar de deur of er nog een kiezer aankomt, en een derde tikt nog maar op z'n rekenmachine in hoe hoog de opkomst intussen is.
In de Daltonschool aan de Verbindingsweg in stadsdeel De Pijp heeft om kwart over één 18 procent van de kiezers gestemd. Bij de stadsprovincie lag dat hoger, zegt de voorzitter. Of ze de veertig procent van vorige keer halen, betwijfelt hij. “Of mensen moeten nog na hun werk komen. Het was erg slecht weer vanmorgen.”
Wat later vertelt een Marokkaanse man dat hij tegen het bouwen in het IJmeer heeft gestemd. “Ik wil natuur. Kinderen moeten kunnen spelen. En als je in De Pijp woont, heb je geen natuur.” Morgen gaat hij daarom een nieuwe woning bekijken in de westelijke tuinsteden. Twee van zijn kinderen hebben astma, net als z'n vrouw. En daar is het groener. “Natuur is belangrijk, gezond voor iedereen. In juni gaan we altijd naar het park, het Amsterdamse bos, of naar 't Twiske in Noord.”
Even verderop, in de Berlage-scholengemeenschap, is de opkomst al even laag: 17 procent. Volgens de voorzitter is het grote verschil met het referendum over de stadsprovincie dat nu mensen nauwelijks vóór hun werk zijn gaan stemmen. “Die hausse is een beetje uitgebleven vandaag. Anders hadden we wel op de 25 procent gezeten. Het was vanmorgen ook niet zulk best weer.” Een medestembureaulid wijt de lagere opkomst aan de kiesdrempel, waarbij de nee-stemmers de doorslag geven. “Niet stemmen is instemmen met IJburg in dit geval.”
Net als in de Daltonschool zijn ook hier allochtonen de grote afwezigen. Maar dat kan komen door de nieuwe opkomstregels, oppert het derde stembureaulid. Mensen die korter dan vijf jaar in Nederland zijn, mogen niet meedoen, zelfs als ze een verblijfsvergunning hebben. Heel wat Turken en Marokkanen die nog mochten stemmen over de stadsprovincie, mogen nu niet meedoen. Bovendien is de doorsnee woning die op IJburg verrijst, niet voor hun portemonnaie weggelegd. “Het zijn toch betrekkelijk dure woningen in een wijk die in feite buiten Amsterdam ligt.”
In de centrale hal van de school in Amsterdamse Schoolstijl loopt een jong stelletje langs van rond de dertig, de groep voor wie IJburg straks gebouwd wordt. Ze hebben tegen gestemd, zoals de meeste van hun vrienden, vertelt zij. “Ik ben bang dat, als dit eenmaal dichtgestopt wordt, andere gebieden ook volgestopt zullen worden.” Hij hecht aan het natuurgebied. “En een leuke optie vind ik wel dat bouwen boven de ringweg A-10.” Zou hij zelf boven auto's willen wonen? “Ja hoor! Als ik ze maar niet hoor.”
Op de katholieke basisschool Sint Catharina in de Rivierenbuurt heerst Mokumse gezelligheid. De stembureauleden trakteren de kiezers op drop en koffie en zijn in voor een praatje en een geintje. Ook hier valt de opkomst tegen in vergelijking met de stadsprovincie: 20 procent tegen 45 procent. Vooral 'jonge gezichten' komen op het IJburg-referendum af, vertelt een vrouwelijk stembureaulid. Of dat allemaal milieu-liefhebbers zijn, betwijfelt ze. Het volkstuincomplex aan de rand van het stadsdeel kan opgeofferd worden als IJburg niet doorgaat, en dat baart veel bewoners zorgen. De stembusvoorzitter moppert een beetje op de gemeente, die te weinig voorlichting heeft gegeven. Het is nu niet duidelijk wat er gebeurd als de woonwijk in het IJmeer er niet komt.
Voor het volgende referendum, in juni over de metrolijn van Amsterdam-Noord naar Zuid, zal het wèl storm lopen, voorspelt de stembusvoorzitter. De Rivierenbuurt is falikant tegen de metro. Vooral de oudere bewoners vrezen voor opheffing van de twee tramlijnen in de buurt. “Dat raakt de mensen rechtstreeks!”, loopt hij nu al warm.
De bewoners van het chique Amsterdam-Zuid komen wel massaal op voor het IJburg-referendum. Aan de 1e Montessorischool De Wielewaal is het een komen en een gaan. Het stembureau leunt tevreden achterover de tafel: half vier en ruim eenderde heeft al gestemd. “En tussen vier en vijf gaan er nog veel mensen nog gauw even stemmen.”
Een moeder van begin veertig heeft voor IJburg gestemd, hoewel ze een verwoed zeilster is. “Omdat ik vind dat Amsterdammers een plek moeten hebben waar ze goed kunnen wonen. Anders houd je alleen maar van die getto's over. En de kinderen die ik ken, gaan op vakantie in de Dominicaanse republiek. Die gaan niet kijken naar die paar eendjes in het IJmeer.” Al vindt ze wel dat de gemeente te weinig heeft verteld over de woningen die op IJburg gaan komen. Want, “,met een nieuwe Bijlmer zijn we goed zuur.” Eigenlijk is ze tegen het referendum. “Het kost ook nog een verdomde hap geld. Wat heeft Natuurmonumenten wel niet uitgegeven?! Ik ben er al twintig jaar lid van, maar ik denk er hard over om m'n lidmaatschap op te zeggen.”
In Amsterdam-Oost is het in de openbare basisschool Aldoende 'redelijk druk'. De opkomst is vergelijkbaar met die van de stadsprovincie. De groep tussen 25 en 55 is in de meerderheid, meldt een stembureaulid. En over de opkomst van Surinamers, Turken en Marokkanen heeft hij geen klagen. Annelies (23), studente aan de Hogeschool van Amsterdam, heeft tegen gestemd. “Altijd maar dat volbouwen, daar ben ik een beetje tegen. Ze kunnen beter vervallen industrieterreinen bebouwen, van oude kantoorpanden leuke appartementen maken en van de Bijlmer een leuke wijk maken. En nu moeten ze land maken waar geen land is.”
Maar ook na uitbreng van haar stem wordt ze verscheurd door twijfel. Ze zucht hardop: “Ik heb heel lang moeten zoeken naar woonruimte.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.