*

 
dossier

Archief

Hulp voor kritische ambtenaren

Eric de Macker − 04/03/99, 00:00

Volgens premier Kok moeten ambtenaren zich niet belemmerd voelen hun mening te geven over het overheidsbeleid. Voor ambtenaren die dat niet direct durven zijn er verschillende alternatieven. Niet alleen de vertrouwenspersoon, maar ook de vakbond en ondernemingsraad kunnen helpen misstanden aan te pakken.

In het hoofdredactioneel commentaar van Trouw van 23 februari wordt het wuivende perspectief geschetst van een vertrouwenspersoon op ieder ministerie, bij wie ambtenaren terecht kunnen met door hen gesignaleerde misstanden.

In geen enkele werkorganisatie is het gewenst dat medewerkers de vuile was buitenhangen. Nergens wordt het gewaardeerd als bij een verschil van mening een medewerker in de media een negatief verhaal uit de doeken doet. Dat geldt voor een koekjesfabriek, voor een vakbond en natuurlijk ook voor een ministerie of een andere overheidsorganisatie. Maar er is wel een verschil. Overheidswerknemers hebben met een politiek bestuur te maken en hun grondrechten, als vrijheid van meningsuiting, worden bij wet ingeperkt. Dat maakt een verschil met de markt. In het Weberiaanse model mogen ambtenaren nooit uit de school klappen en kunnen ze alleen hun mening kwijt bij hun direct leidinggevende.

Dit staat echter ver van de realiteit. In Nederland kennen we nu eenmaal mensen die luisteren naar de naam Nordholt of Van Wijnbergen, respectievelijk de Amsterdamse oud-hoofdcommissaris van politie en de secretaris-generaal van het ministerie van economische zaken. Kort nadat deze laatste in de media een standpunt had geuit dat afweek van dat van de minister, is er een missive met een 'aanwijzing voor externe contacten rijksambtenaren' gepubliceerd. In deze brief van premier Kok wordt bepaald hoe de contacten behoren te verlopen, en wordt aangegeven hoe die inperkingen van de grondrechten wordt vormgegeven. Maar eigenlijk valt die inperking wel mee. Kok schrijft dat 'In een democratische rechtsstaat het van belang is dat ambtenaren zich niet onnodig belemmerd voelen om hun mening te geven over onderwerpen die het overheidsbeleid betreffen.'

In de Ambtenarenwet staat dat de ambtenaar zich moet onthouden van het geven van zijn mening als dat het functioneren in de openbare dienst zou belemmeren. De wet biedt alleen ruimte door de formulering 'voor zover deze in verband staat met zijn functievervulling'.

Kortom, in de regelgeving is de inperking van grondrechten niet zo groot dat het in de uitwerking erg afwijkt van de normale bedrijfsvoering in andere bedrijfstakken. Een bevelhebber mag zijn minister niet afvallen, zoals generaal Couzy destijds deed. Hij mag bijvoorbeeld best een mening hebben over andere beleidsterreinen, bijvoorbeeld de maximumsnelheid.

In de discussie over ambtenaren - en andere werknemers - als klokkenluider komt regelmatig de vergelijking met de Whistleblower Protection Act aan de orde. Dit is een wet die in de Verenigde Staten ambtenaren beschermt die het als hun burgerplicht zien misstanden in de bureaucratie aan de orde te stellen. In een cultuur van angst is wettelijke bescherming misschien nodig. In Nederland wordt wettelijk de vrijheid van meningsuiting weliswaar ingeperkt, maar niet op een manier, die afwijkt van de normale werkwijze in het bedrijfsleven. Als de overheidsorganisatie normaal omgaat met kritiek in het eigen apparaat is een dergelijke wet dus niet nodig. Minister Peper schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer van 7 oktober over preventief integriteitsbeleid. Een verwarrende titel, maar de minister geeft aan dat er veel gebeurt en dat er op vele ministeries al vertrouwenspersonen zijn ingesteld. Als de ambtenaar niet in de directe lijn zijn opmerkingen kwijt kan, zoals in het geval van RIVM-medewerker De Kwaadsteniet, die in Trouw kritiek uitte op het milieuonderzoek van dit instituut, dan staat deze lijn open. Verder is er ook de lijn van de ondernemingsraad. Op hoog niveau kan deze altijd het onderwerp aan de kaak stellen. Een andere mogelijkheid is natuurlijk het onderwerp via de vakbond aan de kaak stellen. Was het niet de CNV-bond 'Marechaussee-vereniging' die als goede klokkenluider in de zaak Srebrenica de verantwoordelijkheid van de overheid aan de orde stelde?

De klokkenluider in de overheidssectoren wordt op zich goed beschermd en er zijn verschillende lijnen, die kunnen helpen de klok én de klepel te vinden. Maar als de ambtenaar nergens gehoor vindt, kan hij altijd de klok zelf nog luiden. Dat levert herrie op, maar een verantwoordelijk ambtenaar die overtuigd is van zijn zaak hoort daar niet van te schrikken.

mailIcon print |