ROTTERDAM - Zwaar, loodzwaar is het nieuwste programma met drie premières dat het Scapino Ballet Rotterdam donderdagavond in de Rotterdamse schouwburg presenteerde. De creaties van Keith Derrick Randolph, thans balletmeester bij dit gezelschap, het duo Andrea Leine en Harijono Roebana en de Oostenrijkse debutant Georg Reischl doen niet voor elkaar onder in diep denkwerk over. . . ja over wat eigenlijk? Hier wordt dans gepleegd die om lange programmateksten ter uitleg vraagt.
Ik beken ruiterlijk dat ik na 'New Cycle' van Randolph en 'No' van Leine en Roebana het spoor in het hedendaagse dansonderzoek zo goed als bijster raak. Wat beweegt jonge choreografen toch om zo goed als geen rekening meer te houden met het toch zo legitieme theatergegeven, dat het publiek visuele en auditieve aanknopingspunten verlangt?
In de tweede pauze hielden veel toeschouwers het gortdroge, hamerende beroep op hun intellectuele bereidheid voor gezien. Jammer, want het beste ballet, 'Located Behaviour, shaped in attitude' was tot het laatst bewaard. Wat een discipline, geduld en liefde werd gevraagd om zich dan nog voor de serene, heldere motoriek open te stellen waarmee Reischl de vier dansers in sobere grijszwart kostuums in het vizier van een zwart vierkant op de witte vloer en een wit doorschijnend plateau in de lucht liet opslaan.
De avond begon zo opgewekt, vol pure danslust. Keith-Derrick Randolph vergeleek het jachtige stadsleven met de menselijke bloedsomoop en ademhaling, de bron van alle dans. Daartoe liet hij twaalf dansers in simpele rode kostuums in een zwart toneelkarkas opdraven en op twaalf rechthoekige hoge stoelen plaatsnemen. De stoelen zijn de gewrichten van waaruit en waarmee de twaalf elkaar in steeds nieuwe groepsformaties en een enkele verbindende solo of duet recyclen. In vijf 'secties' tonen zij hun klassieke herkomst: voor de vrouwen veel gekunsteld spitzenwerk en voor de mannen de nodige bravoure in sprongen en pirouettes. New Cycle lijkt vooral een hulde aan de Amerikaans vrijheid-blijheid stijl uit de jaren '60, ditmaal op muziek van Steve Reich (City Life).
Maar waar de Amerikanen de kunst verstonden om muziek en beweging een bezielde swing en sfeer van niet te temmen plezier te geven, liet dit ballet het geheel afweten. Zo gekunsteld New Cycle uitpakte, zo weinig kon ook het dansonderzoek van Leine en Roebana opwinden. Het duo, dat zich rekent tot de 'deconstructie-discipelen', verwerpt de idee dat dans een harmonieuze kunst is en schaart. Door verschillende ledematen tegelijkertijd te laten bewegen genereren zij complexe vervormingen. Het lichaam is in elk geval geen ondeelbaar en dus betrouwbaar geheel meer. Wat Roebana en Leine nu interesseert is de vraag hoe dat opgesplitste lichaam weer tot een eenheid te herleiden is. In hoeverre dat dramatisch gezien interessant is, blijkt weinig ter zake doende. De reconstructie of restauratie is al bij voorbaat tot falen gedoemd: de som der opgesplitste delen pakt altijd anders uit dan het ooit in zijn totaal was. De optredende vervormingen in de fragmenten, flarden en vlakjes zijn een voldongen feit. Ter illustratie werd een danser in een hoeveelheid rode en roze toneelvodden gehuld. Negen dansers in het zwart bestoken hem als een stel militante marionetten en nemen ieder kortstondig een deel van zijn kostuum over. Onder toeziende blik van een enorme gemonteerde foto van een man met adelaarsblik en met hulp van een verrijdbare geluidswal met vervormende perspex-ramen proberen de tien bewegers hun gedeelde dansverleden samen te stellen. Tenminste. . . als ik het allemaal begrepen heb, wat ik betwijfel.
'No' riep vooral mededogen met deze fantastische dansers op, die allerminst vertrouwd leken met al dat vloeiende gestuip. Ook de beoogde integratie van hun knip-en-plakwerk met de pentafonische klankvervormingen van Soundpalette kon mij niet boeien, de toneelaanwezigheid van violist Frans van de Putte en slagwerker Michel Grens ten spijt.
Nee, dan was Georg Reischls poging om het aangeleerde sociaal gedrag van onze gelaatsuitdrukkingen zo abstract mogelijk op bewegingen voor het hele lichaam over te zetten een verademing van rust en ritme. Zijn compositie voor vier Spaanse-Zuid-Amerikaanse dansers deed aan filigrijn smeedkunst denken, waarbij met veel gevoel voor stijl, beheersing en ritme een transparante vorm van dans ontstond. Maar ook hier: geen spatje humor of relativering. Of het Scapino Ballet met dit uitputtende programma ook het publiek aanspreekt dat artistiek leider Ed Wubbe in de afgelopen vier jaar wist op te bouwen? Ik vrees het tegendeel.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.