Een Franciscaan luidt als welkom de kerkklok, de drie koningen rijden in een treintje rond. Water klatert van de bergen en ergens in de verte kijken Maria en Jozef elkaar verliefd aan. Tevreden monstert pastoor Jacques Hanoulle zijn creatie. “Mooi hé”, glimlacht hij. “Deze kerststal is mijn levenswerk”.
We zijn in Helkijn, klein dorpje tussen Doornik en Kortrijk, op de Belgische taalgrens. Als de kerkgangers erom vragen spreekt Hanoulle tijdens de mis zowel Frans als Vlaams. In een normaal weekeind komen er gemiddeld honderd mensen naar het Romaanse kerkje. Maar in december loopt het storm. Geduldig wachten ze dan buiten in de rij om het wonder te aanschouwen: Hanoulles kerststal, die zo ongeveer de hele kerk beslaat.
Lange tafels zijn volgestouwd met oude en hedendaagse figuren en taferelen. “380 Personen, 50 meter rails, een hemel met 1300 lichtjes, 800 gekleurde lampjes”, meldt het door de pastoor verspreide persbericht, voor wie niet overtuigd is van het immense werk.
Lady Di staat er, op het eiland waar ze vorig jaar werd begraven. Haar begraafplaats wordt omgeven door het water waardoor Vlaanderen dit jaar diverse keren werd gekweld. Midden-Amerika trouwens ook. Grote panelen op de muur, geschilderd door de plaatselijke artiest John, laten zien hoe de orkaan Mitch daar heeft huisgehouden.
Van dichter bij huis is Semira Adamu, de asielzoekster die eerder dit jaar om het leven kwam toen de rijkswacht probeerde haar het land uit te zetten. Het kussen dat de oorzaak was van haar dood zit onder haar arm geklemd.
Achter haar staat een oudere vrouw, symbool voor de honderden dwaze moeders van Argentinië die wekelijks opheldering eisen over het lot van hun verdwenen mannen en kinderen. “En zo zijn er natuurlijk ook veel vrouwen in Chili die willen weten wat er onder Pinochet is gebeurd”, maakt Hanoulle het beeldje heel actueel.
De 71-jarige priester, die eigenlijk eerder dit jaar met pensioen is gestuurd maar wegens een tekort aan opvolgers nu zichzelf vervangt, is een kerststal-fanaat. Van huis uit meegekregen. “We waren thuis met vijftien kinderen. Rond kerst gingen we met zijn allen in Kortrijk van kerk naar kerk om alle stallen te bekijken. Thuis gingen we zelf aan het werk en we hadden altijd de mooiste van de hele omgeving.” Na het seminarie werd hij ziekenhuisaalmoezenier. In die functie werd hij ook de baas van de kerststal.
“Bij de eerste de beste gelegenheid”, grijnst Hanoulle - grijze lange haren, dunne grijze baard - “gooide ik Jozef eruit. Hij was naar het stadhuis, zei ik, om het kind aan te geven.” De nonnetjes konden de ongehuwde moeder maar matig waarderen.
Hij laat foto's zien waaruit blijkt hoe hij het kersttafereel langzaam transformeerde. “Ik wilde het steeds meer in de actualiteit plaatsen.” Bij de eerste maanlanding zette hij een kosmonaut naast Maria en Jozef, 'als symbool van de techniek'.
Op de achtergrond begroef hij kindertjes in het stro. Vooraan plaatste hij, 'als symbool van de macht', een dikke, met goud behangen moeder-overste. Bij haar stond een leeg bord met een houten lepel. Hanoulle: “Het was de tijd van Biafra. Mijn boodschap was: als de wereld van de macht en van de techniek elkaar de hand zouden reiken, zou de armoede zo bestreden zijn.”
Want Hanoulle wil niet zomaar een leuk tafereeltje bieden. Kerstmis is tenslotte geen kermis. “In de kerststal kan ik mijn filosofie uitleven over hoe ik het leven en de godsdienst zie”. Zo staat er in de stal een mini-versie van de kerk van Helkijn, waar asielzoekers welkom zijn. Voor de deur staat een aantal illegalen dat een luchtje schept. Enkele autochtone bewoners wenden hun hoofd af. “Dat zijn de kwezels”, aldus Hanoulle, “die zich gescandaliseerd voelen en van de vreemdeling niets willen weten.” In de buurt van het kindje Jezus zijn tientallen schapen opgesteld. “Vier verschillende rassen”, glundert Hanoulle, “om te laten zien dat iedereen welkom is”.
Het politiek engagement van de priester laat zich niet moeilijk raden. Niet voor niets hangt in de rommelige pastorie een portret van Che Guevara. Als pop staat hij ook in de kerststal, samen met Martin Luther King, koning Boudewijn en president Kennedy. Allemaal mensen, aldus Hanoulle, die geloofden in een betere wereld, “ook al waren het niet allemaal heiligen”.
“Geloven”, zegt hij, “is niet het vroom prevelen van gebeden. Het gaat om barmhartigheid en respect voor iedereen, dus ook en vooral de kleine mens”. Die is in de stal dan ook ruim vertegenwoordigd. Het halve dorp is er terug te vinden. De voetbalclub bijvoorbeeld, dit jaar opnieuw als laatste in de competitie geeindigd. En schilder John met zijn maat. “Ze drinken nogal graag”, legt Hanoulle uit, “vandaar dat ze zijn uitgebeeld met een fles.”
Lodewijk XIV staat er ook, samen met een maîtresse, voor een Helkijnse hoeve. “Hij heeft daar vaak gelogeerd”, verklaart Hanoulle de aanwezigheid van een vroegere Franse koning in de uitstalling. “Hij was er juist ook toen in 1694 soldaten van hem deze kerk in brand staken. Hij had toen zoveel spijt dat hij de kerk weer heeft laten restaureren op eigen kosten. Nou ja, laat ons zeggen staatskosten.”
Sinds Hanoulle in 1977 in Helkijn werd beroepen heeft hij, samen met een aantal lokale vrijwilligers en kunstenaars, veel werk van de kerststal gemaakt. Op twee jaar na, toen 'ie dacht dat het wel genoeg was. “Maar ja, toen drongen de mensen toch weer aan”. Voorlopig ziet hij geen reden om er mee op te houden. “Mijn kerststal is een optocht van mensen, klein en groot, goed en slecht. Het gaat over kleine en grote gebeurtenissen. Het stelt vragen. En dat is goed.”
Kerststal in Helkijn (tussen Kortijk en Doornik), toegang 150 Belgische francs voor volwassenen, 25 voor kinderen van 5 tot 14 jaar. Iedere woensdag, zaterdag en zondag te bekijken van 14 tot 18 uur tot en met 2 februari 1999. Tel 00-32-2-56.455174
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.