Van een onzer verslaggevers ROTTERDAM - De schulden onder Rotterdamse uitkeringsgerechtigden zijn zo onrustbarend hoog, dat bijzondere financiële handreikingen noodzakelijk worden. “Ik hoop dat de Tweede Kamer er aanleiding in zal zien voor een debat over de sociale zekerheid”, zei gisteren de Rotterdamse wethouder van sociale zaken Simons.
Hij signaleerde dat 10 000 huishoudens in de gevarenzone verkeren. Zij zijn gedwongen tot lenen en kopen op afbetaling. Daarnaast lopen 5 000 tot 10 000 huishoudens het risico in die gevarenzone te belanden. Simons bepleitte een meer op het individu gerichte toepassing van de bijstand.
De wethouder deed dit tijdens de presentatie van 'Rond of Rood? -'94'. In dit rapport van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid wordt de financiële positie van Rotterdamse huishoudens met een bijstandsuitkering geanalyseerd.
De eerste periodieke peiling van de situatie van bijstandsgerechtigden in Rotterdam werd gehouden in 1992. De nu gepubliceerde peiling (1994) onthult dat de gemiddelde schuld (leningen en betalingsachterstanden) is gestegen met 41 procent. De gemiddelde schuld aan de Rotterdamse Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid steeg zelfs met bijna 60 procent. Het gaat vooral om mensen die langere tijd op bijstand zijn aangewezen.
Het rapport toont aan dat huishoudens met een bijstandsuitkering in twee jaar tijd door koopkrachtdaling verder uit balans zijn gebracht. “Van die huishoudens zegt 35 procent structureel geld te kort te komen”, aldus het rapport.
De belangrijkste oorzaak van de financiële problemen is het voortdurend stijgen van de vaste lasten. Hoge woonlasten - zoals huur, energieheffingen en reinigingsrecht - en schoolkosten van de kinderen, hoge schuldaflossingen en stijgende, onvergoede ziektekosten veroorzaken een negatieve balans. Een groot deel van de ondervraagde groep is al lang afhankelijk van een uitkering en kan gerekend worden tot de harde kern van de bijstand. Er zijn vaak geen financiële reserves meer en een onvoorziene uitgave leidt al gauw tot problemen.
Simons zei een landelijk beleid van op individuele nood gerichte, permanente handreikingen nodig te achten. “Er is bij de uitvoering van de bijstandswet een te mechanische praktijk ontstaan.” Hij zei het niet verwonderlijk te vinden dat sommigen hun heil zoeken in fraude. Zij zijn daartoe gedwongen, denkt Simons, doordat ze buiten hun schuld in financiële problemen komen. “Zeker met opgroeiende kinderen ontstaat de schuldenproblematiek.”
De uitweg is volgens Simons niet het opkrikken van de bijstand in het algemeen, vanwege de (politieke) consequenties. Het is wel mogelijk recht te doen aan de huishoudens die dat het meeste nodig hebben, waarbij strenge selectiecriteria moeten gelden.
In het 324 pagina's tellende rapport concludeert E. Czyzewski, directielid van de Dienst Sociale Zaken: “Het lijkt erop dat voor grote groepen Rotterdammers de grenzen van de armoede zijn bereikt of al overschreden.” Armoede en verschulding blijken structureel in de harde kern van de bijstand. Decentralisatie zou gemeenten volgens hem de ruimte moeten geven voor een individuele benadering van bijstandsgerechtigden. Vernieuwing van het sociale vangnet is hard nodig. Aan de versnippering van voorzieningen, wetten en regels moet een einde komen. Voor mensen met een niet te overziene schuldenlast bepleit Czyzewski versoepeling van de voorschriften voor terugvordering bij de gemeentelijke sociale diensten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.