*

 
dossier

Archief

Fatigatio: ode aan moe zijn

Sytske van Aalsum − 28/08/99, 00:00

Op vermoeidheid rust een maatschappelijk verbod. Moe zijn op je werk, dat mag niet: je bent maar moe in je eigen tijd. Maar vermoeidheid kan ook troosten of de mens tot nieuwe inzichten brengen. Als ode aan de vermoeidheid, fatigatio, spreekt Willem Dijkhuis dit weekeinde in salon De Koperen Tuin te Leeuwarden 24 uur lang onafgebroken over vermoeidheid. Te gast zijn onder anderen Gerrit Noordzij, Koos van Zomeren, Philip Mechanicus en Elfstedentochtwinnaar Jeen van den Berg.

,,We doen net of er geen vermoeidheid is. Maar schoffel het niet weg! Wie geen weet heeft van vermoeidheid, kent ook geen vitaliteit.'' Willem Dijkhuis (57) uit Anna Paulowna kijkt doordringend als hij dat zegt. Dijkhuis, docent bedrijfskunde aan de Erasmusuniversiteit, liep al tien jaar rond met het plan een marathon - hij spreekt liever van extravaganza - te houden over het onderwerp vermoeidheid.

Vanmiddag om vier uur is het zover. Dan begint Fatigatio, om morgen op hetzelfde tijdstip te eindigen. Dijkhuis koos voor de Latijnse benaming, omdat die de complexheid van het begrip vermoeidheid het dichtst benadert.

Het idee werd geboren in 1989 bij de viering van het vijftienjarig bestaan van de Amsterdamse schrijversvakschool 't Colofon. Dijkhuis werd gevraagd iets te doen dat de school wat meer bekendheid zou brengen. Hij koos voor het voorlezen van het gedicht 'Een winter aan zee' van Adriaan Roland Holst. Dat deed hij 24 uur achtereen, een uitputtingsslag. ,,Aan het eind dacht ik: arm gedicht, de dichter heeft zich niet eens kunnen verweren.''

,,Het zette me wel aan het denken: als ik het nog eens over zou doen, wat zou dan een mooier onderwerp zijn? Natuurlijk de vermoeidheid zelf! Uiteindelijk moet je de vermoeidheid belichamen. Of, zoals een van de grootste filosofen van deze eeuw, Wittgenstein, zei: 'Je kunt de waarheid niet kennen, je kunt haar alleen belichamen'.''

De praktische uitvoering liet tien jaar op zich wachten. Afgelopen voorjaar werd Dijkhuis benaderd door Erik van Veenstra. ,,Dat is de man die destijds het Friesch Dagblad uit de rode cijfers heeft gehaald. Hij vond dat het idee maar eens moest worden uitgevoerd.'' De plek was gauw gekozen: salon De Koperen Tuin in de Prinsentuin te Leeuwarden.

En zie, toen eenmaal het weekend van 28 en 29 augustus was vastgesteld, viel alles op zijn plaats. Want schreef Vestdijk niet precies vijftig jaar geleden zijn roman 'De koperen tuin'? En speelde dat verhaal zich niet exact honderd jaar geleden af in diezelfde Prinsentuin?

Dijkhuis stuitte bij zijn voorbereidingen op meer toevalligheden. Hij zal voorlezen uit beroemde briefwisselingen, van Gustave Flaubert en Louise Colet bijvoorbeeld. ,,En wat ontdekte ik? Opvallend veel brieven die op 28 en 29 augustus geschreven werden, gaan over vermoeidheid. Dat is geen toeval meer. Dat is het lot.''

Waar komt Dijkhuis' fascinatie voor het onderwerp eigenlijk vandaan? ,,De grootste ontdekkingen door de wetenschap zijn niet gedaan in een toestand van totale fitheid. De grote wiskundige en wijsgeer Pascal bijvoorbeeld kreeg het ultieme inzicht juist in een toestand van grote vermoeidheid. Iedereen heeft dat wel. Ook ik heb dingen verzonnen op dat soort momenten. Vermoeidheid brengt je tot een vervoering en verrukking die je 's ochtends bij je eerste kopje koffie niet hebt. Dat ene inzicht, die flits.''

Maar op vermoeidheid rust een maatschappelijk verbod, constateert Dijkhuis. ,,Moe zijn op je werk, dat mag niet; je bent maar moe in je eigen tijd. Want wij zijn allemaal jong en dynamisch, en wij leven gezond. Als ik tegen mijn baas zeg: 'Hier staat een klassiek geval van burn-out voor u', dan vraagt hij: 'Wat doen we eraan'? Er is niemand die zegt: 'U bent moe, hoe zit dat eigenlijk, wat gebeurt er precies'.'' Vermoeidheid moet uit dat verdomhoekje, vindt Dijkhuis, om te beginnen tijdens Fatigatio.

Het wordt zeker geen Endemol-achtige gebeurtenis waar het sterft van de Bekende Nederlanders. Dijkhuis: ,,Wij werken niet low-budget, maar no-budget. Ik heb geen flauw idee hoeveel mensen er komen en hoelang ze het uithouden. Maar al zit er aan het eind nog maar één iemand, dan ben ik er ook nog.''

In ieder geval één bezoeker heeft zijn komst aangekondigd. ,,Er belde een man uit Arnemuiden, die had gelezen waar ik mee bezig ben. Hij was van kanker genezen, maar zal zijn hele leven moe blijven. Hij wil er meer van weten. Hij zei: 'Ik wil weten hoe het zit, al moet ik daarvoor helemaal naar Leeuwarden reizen'.''

Dijkhuis is van huis uit wis- en natuurkundige, maar noemt zichzelf een 'dwangmatige generalist'. Hij houdt van de schone kunsten en van poëzie in het bijzonder. Zijn hele leven al leert hij gedichten uit het hoofd. Aan het voordragen beleeft hij nu eenmaal veel plezier.

Zijn lievelingsgedicht, 'De ballade' van Leo Vroman, zal Dijkhuis tijdens Fatigatio om drie uur 's nachts voordragen. Dat neemt zo'n drie kwartier in beslag. ,,Of mensen in slaap zullen vallen? Natuurlijk doen ze dat. Maar dat kan allemaal. Je kunt zo in slaap vallen, om een kwartier later weer wakker te worden. Ik zal bezoekers trouwens ook naar eigen ervaringen met vermoeidheid vragen. En als iemand zijn zegje wil doen, dan kan dat ook. Ik laat me graag verrassen.''

Het is een bonte stoet aan gasten die vandaag en morgen het plankier in De Koperen Tuin betreden. Publicist Koos van Zomeren komt praten over vermoeidheid bij koeien, fotograaf/schrijver Philip Mechanicus buigt zich over het fatigeren van sla, oftewel het aanmaken van de juiste saus. En graficus Gerrit Noordzij vraagt zich hardop af of het schrijven op papier vermoeiender is dan het hakken van graniet.

Elfstedentochtwinnaar (1954) Jeen van den Berg draaft zelfs twee keer op: om zes uur 's morgens, het tijdstip waarop hij destijds aan zijn tocht begon, en om tien minuten over twee, het moment waarop hij - toen nog in de Prinsentuin - over de finish gleed.

Muziek is er ook. Pianiste Ellen Dijkhuizen vertolkt Bach-sonates en Dijkhuis zelf speelt op elk heel uur een van de 24 akkoorden die Simeon ten Holt speciaal voor Fatigatio schreef. En om de twee uur leest Dijkhuis voor uit Prediker.

Dijkhuis: ,,Eigenlijk is het een soort millenniumfeestje. Mensen zoeken het steeds meer in extremen, het verleggen van grenzen. Daarom zijn extreme sporten ook zo populair. Zo kun je dit ook zien. Het is extreem, het is het zoeken en verleggen van grenzen. Ik vind het sprookjesachtig mooi. En als er daarna een gat valt, dan zie ik wel hoe ik dat vul.'' Eén ding weet hij nu al: ,,Er is een bestaan vóór Fatigatio en een bestaan na Fatigatio.''

mailIcon print |