*

 
dossier

Archief

Media en politiek verslonzen de democratie

WILLEM BREEDVELD − 25/01/97, 00:00

Jos van Kemenade zou willen dat journalisten politici op scherp houden. Per slot van rekening moet de burger weten welke belangen er in het geding zijn, welke keuzen er worden gemaakt en vooral ook door wie, zodat er wat te kiezen valt. In plaats daarvan zijn de media en de politiek samen in een gevaarlijke maalstroom terecht gekomen van incidenten en boe-geroep en wordt de burger essentiële informatie onthouden. Tijd voor een bescheiden kruistocht, vindt de commissaris van de koningin in Noord-Holland.

Van Kemenade: “Verdorie. In Belgrado gaan dagelijks tienduizenden demonstranten de straat op voor een stukje democratie. Maandenlang alweer. Maar hier vinden we democratie inmiddels zo vanzelfsprekend dat we denken ons de luxe te kunnen veroorloven er lichtzinnig mee om te springen. Politici en journalisten mikken op incidenten en conflicten, in de verwachting de aandacht te trekken van een publiek dat zodoende slecht of half geïnformeerd wordt en van de weeromstuit vervalt tot een ieder voor zich, maar dan zonder een God voor ons allen.”

Vandaar dat de vroegere minister van onderwijs en thans commissaris van de koningin in Noord-Holland deze januari-maand gebruikte voor een bescheiden kruistocht. In zijn nieuwjaarsrede waste hij eerst de media duchtig de oren. Vervolgens schetste hij voor een gezelschap leden van de rechterlijke macht van Alkmaar en Haarlem de rampzalige gevolgen van een door regels en beroepsmogelijkheden aan alle kanten 'gekooide overheid' en gisteren ten slotte vatte hij zijn verontrusting op een congres van het Nederlands Studiecentrum samen in onheilszwangere trefwoorden als 'verwording van de politieke democratie' en 'ontmanteling van de overheid'.

Om met die lichtzinnigheid te beginnen: is het echt zo bar? “Dat vind ik wel. Neem mijn nieuwjaarsrede. Daarin schetste ik een beeld hoe de media vanwege hun focus op incidenten en conflicten essentiële informatie achterhouden. Maar wat denk je? Waarin was het Vara-radioprogramma 'Spijkers met koppen' geïnteresseerd toen ze mij over dit onderwerp aan de tand voelden? Juist, of ik voor of tegen de uitbreiding van Schiphol was. Interessante kwestie natuurlijk. Maar alleen als ik ook in staat zou worden gesteld uit de doeken te doen wat er aan zo'n keuze vast zit. Maar dat was niet de bedoeling. Dat kostte teveel tijd. In een paar soundbites wilden de programmamakers alleen maar het voor of tegen horen. Daarmee krijg je wat Marcel van Dam, geloof ik, genoemd heeft het autoriteiten-debat. Alleen de standpunten van de autoriteiten worden bij elkaar opgeteld en van elkaar afgetrokken en tegen elkaar uitgespeeld. Zo krijg je een aardig wedstrijdje, zonder dat de burger er veel mee opschiet. Die wil weten wat de gevolgen zijn van de ene of de andere beslissing en wat de alternatieven zijn. Maar daarover geen woord.”

“Of neem de 'Vijf Uur Show' van RTL 4. Discussie over de vraag: kunstgebit wel of niet in het ziekenfondspakket. Zielige verhalen van mensen die het niet betalen kunnen. Drama. Maar niets over de financiële consequenties, de gevolgen voor de ziekenfondspremie. Wat moet de kijker met zo'n discussie? Ik durf daarom de stelling aan, dat wie voor zijn informatie uitsluitend op de tv is aangewezen niet goed weet wat er te koop is. 'Den Haag Vandaag' blijft teveel steken in het conflict, het incident, met een minimum aan aandacht voor de achtergronden. 'Netwerk', 'Nova' en 'Buitenhof' spitten dieper, maar het is ontoereikend.”

“Echte journalistiek informeert de burgers, laat de in het geding zijnde belangen zien en maakt de achtergronden en de context van beleidskeuzen duidelijk. Ze legt de vinger op de zere plekken, onthult wat dreigt te worden toegedekt en dwingt overheden expliciet te maken wat hen beweegt en confronteert hen met de eigen uitgangspunten en standpunten. In de kranten vind ik dat nog wel terug, maar ook daar rukt het incident, de snelle primeur, het per se willen scoren op.”

Maar is het niet zo dat iedere democratie de media krijgt die zij verdient? Zelfs als journalisten zich zo 'slecht' gedragen als u schetst, dan doen ze dat omdat politici zelf hun bedrijf als het ware inrichten op het genereren van zulke effecten en dat misschien ook wel moeten doen, omdat een breed publiek niet zit te wachten op het ingewikkelde Van Kemenade-verhaal.

“Dat is ook waar. Politici zijn geen heiligen en anders dan vroeger kunnen zij voor hun beleid niet meer terugvallen op een vanzelfsprekend draagvlak van verwante organisaties en een stevige politieke partij, die in staat was uiteenlopende opvattingen te integreren. Politici staan oog in oog met mondige, geëmancipeerde burgers, wat op zichzelf positief is, maar die samen wèl een versplinterd beeld oproepen. Een politicus is als het ware permanent op zoek naar een draagvlak. Ik begrijp daarom wel dat ze op alle mogelijke manieren de aandacht van de media proberen te trekken, maar de manier waarop ze dat doen keur ik niet goed. Zij denken de media te moeten behagen met incidenten, met over elkaar heen tuimelende, vaak ondoordachte snelle reacties.”

“Komt nog bij, dat het eigenlijke politieke handwerk dank zij een krankzinnige hoeveelheid regelgeving ingewikkelder is dan ooit. De politiek is in de greep geraakt van een technisch-bureaucratisch complex. Onder zulke omstandigheden valt het niet mee een kiezer uit te leggen waar je eigenlijk mee bezig bent. Maar het moet wel. Juist daarom zou ik willen dat de media meer tegenspel zouden bieden. De autoriteiten zouden dwingen uit de doeken te doen waarom ze handelen zoals ze handelen. Maar in plaats daarvan nemen zowel de media als politici maar al te gretig hun toevlucht tot het incident. Een ingewikkeld vraagstuk als de IRT-affaire, waarin de democratie geconfronteerd wordt met het dilemma welke opsporingsmethoden in een rechtsstaat wel of niet geoorloofd zijn, wordt herleid tot de apetijtelijke kwestie: barbertje moet hangen. Om vervolgens hard 'boe' te roepen als barbertje niet hangt.”

Ho even. Ik begrijp best dat u het op wilt nemen voor de Haarlemse hoofdcommissaris van politie, Straver. Een prima vent wat mij betreft. Maar in de IRT-affaire ging het er ook om dat de bazen, de verantwoordelijke autoriteiten, van toeten noch blazen wisten over de gehanteerde opsporingspraktijken. Het is daarom niet zo gek dat het parlement er op aandrong hem met zijn neus op die verantwoordelijkheid te drukken.

“Echt, een gouden vent die Straver. En wat zijn verantwoordelijkheid betreft: natuurlijk moet hij daarop aangesproken worden. Minister Dijkstal had daarom moeten zeggen: dat was een ernstige fout van Straver, maar voor het overige sta ik vierkant achter hem. Desnoods had hij ook kunnen zeggen: dat was onvergeeflijk, weg met hem. In plaats daarvan kregen we een ingewikkeld debat over de stevige rechtspositie van ambtenaren en een nog ingewikkelder debat over het personeelsbeleid van topfunctionarissen die in een caroussel zouden moeten plaatsnemen. Een technisch-bureaucratisch debat, dat de politiek zo ongeloofwaardig maakt. Daar hadden de media best wat krachtiger doorheen mogen prikken.”

Blijft lastig als politici van die rare spelletjes spelen. Denk aan het debat over de HSL-lijn en de Bos-variant. Geen touw aan vast te knopen wat de PvdA bezielt, maar de journalist wordt wel geacht verslag te doen van wat er gebeurt, ook al is het kronkelig en onbegrijpelijk.

“Ik begrijp eerlijk gezegd ook niet wat PvdA-woordvoerder Van Heemst bezield heeft. Ik denk dat hij met zijn verrassende voorkeur voor de Bos-variant gewoon met een groot nummer in de publiciteit wilde komen. Ik zou dat nog kunnen begrijpen, als onderdeel van een politiek spel waarin je met het uitspreken van zo'n voorkeur meer geld wilt binnenhalen om het tracé door het Groene Hart, waar het kabinet voor gekozen had, van meer of langere tunnels te voorzien. Maar als je je eenmaal bij de voorkeur van het kabinet neerlegt (en daar zag het van meet af aan naar uit) dan moet je die acceptatie ook durven verdedigen als een aanvaardbaar compromis. Het is een beetje onzinnig dan toch hard te blijven roepen dat de Bos-variant voor jou nog steeds heilig is en voor het overige in het midden te laten of je wel of niet voor een machtswoord van het kabinet door de knieën bent gegaan. Waar staat de PvdA dan, is op zo'n moment de terecht vraag van de kiezer.”

Is het probleem in dit soort situaties niet dat volstrekt onduidelijk is wie er met enig gezag namens de kiezer meent te kunnen spreken. Formeel is dat het parlement. Maar ik kan me voorstellen dat Wim Kok in zo'n situatie zegt: ho even, meneer Van Heemst. Als het daarover gaat leg ik heel wat meer gewicht in de schaal. Bovendien ben ik straks weer de lijsttrekker.

“Daar zit wat in. Je ziet ook dat iemand als Bolkestein, omdat hij als politiek leider in het parlement zit, heel wat makkelijker in staat is op een herkenbare manier het debat te voeren dan Wallage of Kok. Je kunt het met de VVD-leider eens zijn of niet, hij ziet tenminste nog kans het debat uit te tillen boven het incident, los te weken ook uit het technisch-bureaucratische complex waar de anderen in gevangen zitten. Zo zou het moeten. In een democratie hoort een debat plaats te vinden over de hoofdzaken, over de dilemma's waarmee een land wordt geconfronteerd. De kiezer heeft er recht op te weten wat de keuzen zijn, welke posities politieke partijen innemen, zodat er ook daadwerkelijk wat te kiezen valt en verkiezingen meer om het lijf hebben dan de toevallige uitstraling of het charisma van een politiek leider.”

Hoe hebben we het nu? Een geheide PvdA'er met een lofzang op VVD-leider Bolkestein?

“Waarom niet? Ik ben het vaak niet eens met zijn keuzen. Maar hij zwengelt wel het debat aan en geeft daarmee de democratie haar onmisbare forumfunctie. Wim Kok is wat dat betreft meer gehandicapt. Die is er primair voor de jongens en meisjes in het kabinet. Hij moet de boel bij elkaar en op orde houden. Wallage zou daarom het debat moeten voeren. Bij vlagen doet hij dat ook. Hij zou het ook goed kunnen, maar in alle objectiviteit: we zitten wat dat betreft een stuk moeilijker dan de VVD.”

Meer referenda. Misschien is dat een oplossing. Want je ziet dat met ieder referendum het debat losbarst. Doodgewoon omdat er dan tenminste wat te kiezen valt. Wel of niet bouwen in het IJmeer. Zo simpel is het.

“Op zichzelf ben ik voor referenda. Zoals je zegt, je haalt het debat in huis en het instrument werkt ook nog eens als een stok achter de deur. De gekozen politicus wordt als het ware gedwongen inzichtelijk en aanspreekbaar zijn standpunten kenbaar te maken. Want hij weet: doe ik het niet, dan loop ik het risico met een referendum onderuit gehaald te worden. Maar het is een aanfluiting zoals er nu referenda worden gehouden. Wat is dat voor vraag: wel of geen woningbouw in het IJmeer? Dat is de werkelijkheid herleiden tot de logica van een fruitautomaat. Kern van de zaak is dat we een volkshuisvestingsprobleem hebben. De vraag is hoe we dat oplossen. Waar en hoe er gebouwd moet worden.”

“Door die vraag te herleiden tot een digitaal ja of nee is het referendum in hoge mate vatbaar voor propagandistische beïnvloeding. In extreme gevallen kan het zelfs een kwestie van geld zijn wie het referendum wint. Ik kan me daarom wel voorstellen dat burgemeester Patijn van Amsterdam moeite had met de actie van Natuurmonumenten.”

Alsof in kwesties als de aanleg van de Betuwelijn of de uitbreiding van Schiphol niet evenzeer machtige lobby's met veel geld het besluitvormingsproces vergaand hebben beïnvloed.

“Zeker. Vandaar mijn nieuwjaarstoespraak. Ik vind dat een vrije pers het nodige weerwerk moet bieden. Die moet zulke ingrijpende besluiten kritisch tegen het licht houden en politici bestoken met de vraag: waar heb dat nou voor nodig? En vooral geen genoegen nemen met halve antwoorden.”

mailIcon print |