*

 
dossier

Archief

'Jongleren is de kunst van het loslaten'

ESTHER DE WOLF − 24/01/98, 00:00

In het hartje van Amsterdam, aan de Kloveniersburgwal, is sinds enkele maanden een 'Juggle Store' gevestigd. In de smalle winkel met hoog plafond aan de gracht is alles verkrijgbaar wat een jongleur maar nodig kan hebben; jongleerballen in allerlei kleuren en formaten, kegels, diabolo's en zelfs een éénwielfiets.

“Er zit een spirituele kant aan”, poneert David Marchant, eigenaar van de 'Juggle Store'. “Jongleren is een metafoor voor het leven en hoe je ermee omgaat. Je moet de dingen kunnen loslaten, van je afzetten. Niet bang zijn om de ballen te laten vallen, dat moet je niet zien als falen.”

Marchant, die ook jongleerlessen geeft, doet voor hoe het moet. “Kijk, in het begin volgen je ogen de bal. Later kijk je naar één punt en voel je aan waar de ballen zullen neerkomen”, zegt hij terwijl de kleurige balletjes razendsnel rouleren. “Iedere hersencel is met jongleren bezig. Het eist je volledige aandacht. Je hoofd is helemaal leeg als je de ballen omhoog gooit en opvangt.”

“Voel maar eens.” De jongleur reikt een rood-wit-blauw balletje aan. Het voelt zacht aan. “Dit is van kunstleer en wordt door ons met de hand gemaakt. De balletjes zijn gevuld met schelpenzand.” Marchant laat de jongleerbal op de houten vloer vallen en met een plof blijft hij stil liggen.

Een volgende bal is fel geel. “Deze is van pastic en voelt daardoor wat plakkerig aan, voor een beginner is dit niets.” Als hij de jongleerbal laat vallen, rolt die over de houten vloer richting de deur. Duur is jongleren niet. “Zo'n set met drie beginnersballen en een gebruiksaanwijzing kost nog geen vijftig gulden”, vertelt Marchant.

Van achter uit de smalle winkel komt Jules tevoorschijn. De jongleur uit Engeland staat dagelijks in de winkel en adviseert klanten met de aanschaf van attributen. Met mandarijnen laat hij zien dat je geen ballen nodig hebt om de jonleerkunst te beheersen. Handig gooit hij het fruit omhoog totdat de mandarijnen op de grond terechtkomen. “Net, buiten voor de fotograaf, ging het beter”, zegt hij lachend.

Als even later de deur van de winkel opengaat, komt er een groepje Engelssprekende jongeren binnen. Druk pratend grijpen ze naar de voorwerpen in de winkel en in een mum van tijd vliegen de balletjes door de lucht. “Zoals je ziet is de winkel een sociaal gebeuren. Een ontmoetingsplek voor jongleurs”, zegt Marchant tevreden.

Op de televisie, halverwege de winkel, verschijnt een groep jongleurs. “Kijk Jules, daar ben jij!” schreeuwt een van de bezoekers. De videoband die wordt afgespeeld is opgenomen tijdens een festival voor jongleurs in Azië.

'Typische jongleurs' bestaan niet, zegt Marchant. Maar wiskundigen en computerdeskundigen zijn vaak heel goed in het opgooien en vangen van balletjes omdat het concentratie vergt, die zij gewend zijn op te brengen. In Nederland moeten volgens hem zeker dertigduizend jongleurs zijn.

Met de 'Juggle Store', een eigen winkel, is een wens in vervulling gegaan. Zonder jongleren zou hij niet kunnen maar, zo zegt hij: “Het is geen verslaving. Ik kan er zo mee op houden als ik dat zou willen.” Hij kijkt langs de wanden van de winkel, langs de gekleurde balletjes, kegels en diabolo's en knikt overtuigend terwijl hij zegt: “Het is een passie.”

mailIcon print |