*

 
dossier

Archief

Sorgdrager (1)

Door: redactie − 12/01/96, 00:00

Heeft minister van justitie Sorgdrager de politieke doodzonde begaan door tegenover de Tweede Kamer het ware motief voor het ontslag van de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck te verzwijgen? Het ochtendblad de Volkskrant meldde gisteren dat het motief niet was diens falen in het ressort Amsterdam, maar het streven van Sorgdrager en de voorzitter van het college van procureurs-generaal, Docters van Leeuwen, om dit college terug te brengen van vijf naar drie leden als onderdeel van een grootscheepse reorganisatie van het openbaar ministerie. Het onvermogen van Van Randwijck in zijn door de IRT-affaire geteisterde ressort orde op zaken te stellen zou alleen maar zijn aangegrepen om hem, zij het tegen een hoge prijs, de nekslag te geven. Het ware motief zou zijn geweest het doordrukken van de reorganisatieplannen.

Als deze lezing zou kloppen, kost dat de minister ongetwijfeld politiek de kop. Maar het is nog maar de vraag of deze uitleg van de feiten, op basis waarvan het CDA-Kamerlid Van der Heijden gisteren al direct de geloofwaardigheid van de minister in het geding bracht, juist is. Een feit is in elk geval dat de minister in het Kamerdebat van oktober vorig jaar over de gouden handdruk aan Van Randwijck wel degelijk een verband legde met de reorganisatie van het OM. Het is ook waar dat ze zich daarover in vage termen uitliet. Maar dat kan de Kamer haar nu niet voor de voeten werpen. Dan hadden de Kamerleden toen maar moeten doorvragen.

De minister verklaarde in dat debat trouwens ook dat haar in de eerste maanden van het vorig jaar duidelijk was geworden dat Van Randwijck niet de man was die in het Amsterdamse orde op zaken kon stellen. Hoewel zij hem daarvoor niet alleen verantwoordelijk hield, antwoordde ze op een vraag van het GroenLinks-Kamerlid Rosenmöller of Van Randwijck op dat moment niet de juiste man op de juiste plaats was, bevestigend. Met andere woorden, mocht in april 1995 de reorganisatie van het OM al een motief zijn geweest om deze procureur-generaal weg te werken dan kan zijn functioneren daarvan niet los hebben gestaan. Het was klaarblijkelijk zowel het een als het ander.

Sorgdrager (2)

Een andere vraag is wat in april precies aan Van Randwijck zelf is voorgehouden. In het oktoberdebat sprak Sorgdrager tegen dat zij of iemand anders met hem heeft gesproken over disfunctioneren, maar tegelijk vertelde ze dat sinds dat gesprek pogingen zijn ondernomen de procureur-generaal van zijn post te ontheffen en naar elders over te plaatsen. Op welke grond? En is die grond ook aan de procureur-generaal meegedeeld? Of gebeurde dat pas veel later? Ook op dat punt hebben de Kamerleden onvoldoende doorgevraagd en door interrupties zelfs de minister niet de kans gegeven daarop in te gaan.

Zo wond de minister er destijds geen doekjes om dat met de reorganisatie van het openbaar ministerie, zoals voorzien in het plan van aanpak, vanaf 1 januari 1995 een begin was gemaakt. Daarin werd, zij het omzichtig, gesuggereerd het college van procureurs-generaal tot drie leden in te krimpen. De Kamer was daarvan tijdens het debat in oktober op de hoogte, sommige fracties hadden daartegen tijdens een overleg daarover eerder dat jaar, bezwaren gemaakt. Maar in het debat over het ontslag van de procureur-generaal kwam geen van de fracties daarop uitdrukkelijk terug.

Het lijkt erop dat de Kamer in het Van Randwijck-debat te gefixeerd was op de hoogte van de afkoopsom, zodat zij op enkele essentiële punten niet alert genoeg is geweest. Dat neemt niet weg dat desondanks nu de vraag kan worden gesteld of de minister de Kamer destijds juist en volledig heeft geïnformeerd. Er is zeker een nadere verklaring van de bewindsvrouw gewenst. Om vooruitlopend daarop al haar geloofwaardigheid in het geding te brengen, zoals gisteren vanuit de CDA-fractie gebeurde, is voorbarig en werkt onnodig een verruwing van het politieke klimaat in de hand.

De verklaring van de minister kwam gisteravond laat. Daarin bestrijdt ze met klem het parlement verkeerd en onvolledig te hebben geïnformeerd. Het kan geen kwaad als Sorgdrager die verklaring in het parlement alsnog zou toelichten. Dat zou na de hijgerigheid die gisteren omtrent haar positie ontstond de koninklijke weg zijn.

mailIcon print |