Van onze correspondent STRAATSBURG - Het debat over regels voor het lobbyen in het Europees parlement is gisteren in een complete chaos geëindigd. Terwijl in het Straatsburgse halfrond de verwijten over en weer vlogen, steeg in wandelgangen een bulderend gelach op.
Het Europees parlement zou nu, na jaren, eens bepalen hoe er met lobbyisten moet worden omgegaan. Lobbyisten zijn in Straatsburg vaak talrijker dan leden van het parlement zelf. Het zijn vertegenwoordigers van regeringen, bedrijven, brancheorganisaties en vakbonden, maar ook van milieugroepen, mensenrechtenorganisaties en kerkelijke instanties.
De socialisten, die verreweg de grootste fractie vormen, pleitten voor een registratie van lobbyisten. En die lobbyisten zouden dan jaarlijks moeten opgeven welke - financiële - middelen zij hebben gebruikt om leden van het parlement van hun gelijk te overtuigen.
Dat slaat nergens op, riepen de christendemocraten. Want daarmee zeg je: omkopen mag, als het maar geregistreerd wordt. Wij, christendemocraten, pleiten voor een verbod op alle giften en vergoedingen aan europarlementariërs. Ja, brulden de socialisten, maar jullie voegen daar aan toe “voor zover die giften van invloed kunnen zijn op het stemgedrag”; de achterdeur is groter dan het huis!
Niet alleen bij de socialisten, maar ook in de andere fracties leidde het debat over giften, vergoedingen en nevenfuncties tot een regelrechte botsing van verschillende politieke culturen.
Resultaat: geen van de voorstellen of amendementen werd aangenomen. De constatering dat het parlement zich moest schamen voor die wanvertoning werd unaniem ondersteund.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.