De auteur is hervormd predikant en voorzitter van het operationeel team van de Raad van Kerken Amsterdam.
De transformatie van de 'meerderheidskerken' van gisteren naar de minderheidskerken van de geseculariseerde wereld, heeft geleid tot een verminderde kerkelijke vraag naar predikanten en priesters. Dit heeft weer geleid tot de opheffing van vele instellingen voor theologische studie. De kerken stonden hierin ook onder druk van de overheid, die verantwoordelijk is voor de financiën.
Inmiddels heeft de rooms-katholieke kerk deze 'reorganisatie' voltooid. Vele kerkelijke seminaries zijn opgeheven en universitaire opleidingen zijn geconcentreerd op enkele lokaties. De Nederlandse Hervormde Kerk zal nu ook moeten komen tot een concentratie van het aantal lokaties van haar predikantsopleidingen.
Leiden Op 22 januari beslist de synode van deze kerk over een voorstel de theologische opleiding in het westen des lands te concentreren in Leiden en de kerkelijke opleiding aan de theologische faculteit van de Universiteit van Amsterdam op te heffen.
Wanneer dit voorstel wordt aangenomen, heeft dit vergaande culturele en kerkelijke gevolgen. Tot nu toe is de primaire functie van een theologische faculteit het opleiden van kerkelijke voorgangers. Valt deze functie weg, dan verliest een theologische faculteit veel van zijn betekenis. Aangezien verwacht wordt dat er in het westen op termijn plaats zal zijn voor één protestantse theologische opleiding, brengt het vertrek van de hervormde opleiding de andere theologische opleiding, die van de Vrije Universiteit, ook in gevaar.
Nadat tien jaar geleden de Katholieke Theologische Universiteit Amsterdam verliet (om maar te zwijgen van het eertijds verloren gaan van de joodse schriftgeleerdheid in deze stad) zou zo de theologie geheel uit deze stad kunnen verdwijnen. Ook zouden de huidige theologische studiecentra door vertrek van de kerkelijke opleiding kunnen veranderen in centra voor geestes- en godsdienstwetenschappen waarin de christelijke theologie op de achtergrond raakt.
In breder kring (breder dan de kerken) worden vragen gesteld als: kunnen we onze cultuur begrijpen zonder kennis van het christendom? Kan onze cultuur zonder enig besef van transcendentie, zonder enige oriëntatie door een (bijbels) concept van een geschiedenis van heil?
Als dergelijke vragen weer gesteld worden, is het van belang dat er centra blijven, waar deze kennis en oriëntatie bewaard blijven en publiekelijk toegankelijk zijn. Theologische faculteiten aan de openbare universiteiten kunnen in dit tijdperk belangrijk worden, ook als publiekelijke instellingen waar de samenleving terecht kan, wanneer zij zich op dergelijke vragen wenst te bezinnen, binnen en buiten de kerken.
De kerken zijn er medeverantwoordelijk voor dat de theologische instellingen gevestigd blijven in de belangrijkste culturele centra van dit land. Als de hervormde synode beslissingen neemt die leiden tot het verloren gaan van de theologie in Amsterdam - een centrum van cultuur - is dit in strijd met de publieke verantwoordelijkheid van deze kerk voor het geheel van onze cultuur.
Men mag van de Nederlandse kerken (de rooms-katholieke en de traditionele protestantse) verwachten dat zij ten aanzien van de lokaties van hun grotere theologische instituten een gecoördineerd beleid voeren waarbij niet alleen de eigen behoeften, maar ook de belangen van onze cultuur in dit tijdperk meespelen. Elke beslissing die genomen wordt, moet uiteraard passen in de ontwikkelingen die in onze cultuur en kerken gaande zijn.
De klassieke protestantse kerken - met voorop de hervormde, gereformeerde en de lutherse kerk - groeien snel toe naar een Verenigde Protestantse Kerk. Op het grondvlak is deze protestantse kerk op vele plaatsen al gerealiseerd.
Dit betekent dat de verschillende kerken ten aanzien van de theologische opleidingen van de toekomst alleen nog gecoördineerde beslissingen kunnen nemen. De indruk bestaat dat de hervormde synode van plan is op eigen houtje te willen beslissen over theologische centra. Zij zou daarmee haar huidige en toekomstige partners in die ene protestantse kerk in-wording ernstig frustreren.
De hervormde theologische opleiding is na de oorlog in Amsterdam ontstaan op initiatief van de burgerlijke gemeente. Ook nu ondertekende burgemeester S. Patijn brieven aan de kerken met het verzoek de theologische opleiding in deze stad te handhaven. Ook de Universiteit van Amsterdam en de plaatselijke kerken pleiten voor het behoud van de theologie in de stad. Ieder vertrouwt er bovendien op dat de theologische faculteiten van de Vrije Universiteit en de Universiteit van Amsterdam bereid zijn - de concurrentie voorbij - hun krachten te bundelen om gezamenlijk te komen tot één protestantse predikanten-opleiding. Deze zou zoveel mogelijk gebruik moeten maken van alle aanwezige theologische faciliteiten en ook van de mogelijkheden die deze stad biedt als proefveld van de hedendaagse samenleving.
Sinds de apostel en theoloog Paulus het belang zag van publieke presentie van de theologie in centra van cultuur, behoren de kerken en de overheid hiermee rekening te houden bij het maken van een keuze over vestigingsplaatsen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.