*

 
dossier

Archief

WIELEK

WILLY WIELEK − 27/01/96, 00:00

Komt het gevaar van de lauwen? Welnee. Als iedereen lauw was, zouden we wel in een saaie, maar niet in een gewelddadige wereld leven. Saaiheid kun je binnenskamers best wat opfleuren, maar tegen gewelddadigheid, halsstarrigheid, hypocrisie en intolerantie is weinig kruid gewassen.

Ik ben van de week toch zo kwaad geworden. Een vertegenwoordiger van de bond tegen het roken, of hoe het ding mag heten, fulmineerde dat de tune van radio 1 'Gute nacht, Freunde' nu maar eens afgeschaft moest worden omdat de man in het liedje het lef had een sigaretje te roken. De antirookman was zo kwaad dat hij schier uit elkaar barstte: je zag zijn rooie kop door het toestel heen. Eerst wist ik niet goed wat hij bedoelde, toen drong het tot me door en mijn woede evenaarde de zijne. Want dat is mijn liedje! Elke avond om elf en twaalf uur ren ik naar de radio en dan luister ik met nauw verholen ontroering. Ze wilden me dat afnemen omdat een sigaret niet mag! Pa!

Die rookengerd had het, als ik het wel heb, ook nog over oude films waarin maar raak werd gepaft omdat ze toen nog in zalige onwetendheid verkeerden omtrent de kwade gevolgen van hun lievelingsbezigheid. Censuur, censuur! Geschiedvervalsing, net als bij de Stalinisten!

En toen hoorde ik wat van de EO niet mocht. Geen seks voor het huwelijk, geen relaties tussen gristenen en niet-gristenen, geen liefde tussen mensen van hetzelfde geslacht. Want, zo zeiden ze, dat vindt God niet goed. Hebben ze bij God op de kleuterschool gezeten? Een mooie God zeg, die dag en nacht door de spleten van de gordijnen gluurt om te zien of niet hier, daar of ginder op door hem ongewenste wijze de liefde wordt bedreven. Als die God bestond, zou ik hem toe willen roepen: 'Hee, hebt gij niets beters te doen? Zoudt gij niet liever ergens anders gaan kijken, op de slagvelden bijvoorbeeld? Zoudt gij daar niet eens kunnen interveniëren, het weken achtereen laten donderen en bliksemen bijvoorbeeld, tot iedereen horen en zien vergaat en ze geen zin meer in moorden hebben? Waarom maakt u zich toch zo druk over die liefde? In negen-tiende van de lichamelijke liefde, welke liefde dan ook, al is het maar voor een varken, zit tederheid, zit innigheid, zit kortom liefde, wist ge dat niet? Je zou toch zeggen dat die u welgevallig moet zijn. Wees zo goed en laat uw macht gelden waar bloed spuit uit kogel- en machete-wonden, niet waar speeksel en ander lichaamsvocht vloeit.'

Stel nu eens, zo dacht ik, dat de EO en de antirokers de krachten bundelen. Lach niet, er zijn wel eens vreemdere liga's gesloten. Wat stond ons dan te wachten? Als jullie een idee willen krijgen, lees dan Margaret Atwoods 'The handmaid's Tale,' daar staat zo'n luguber fundamentalistisch toekomstvisioen luid en duidelijk in beschreven. In Amerika. Hoe zou het hier gaan? Allereerst moest de buit, lees de macht, worden verdeeld tussen de antirokers en de antiliefdes. Dat zou niet zo moeilijk zijn, verbieden is lekker, hoe meer hoe liever. Meteen werden alle oude films verboden, ook die waarin niet werd gerookt, want ze allemaal te keuren, daar was geen beginnen aan en je moet geen half werk leveren. De nieuwe films werden aan een strenge selectie onderworpen; kringelde er toch nog een sliertje omhoog, dan werd hij in het openbaar verbrand. Met busladingen vol werden de films naar de stads- en dorpspleinen gebracht alwaar de brandstapel dag en nacht brandde. Hetzelfde lot wachtte de boeken, daar kun je natuurlijk een heel boek over schrijven. Daarna kwamen de liedjes aan de beurt, ook geen geringe opgave. Denk maar eens aan de jaren dertig en veertig, al die mooie Amerikaanse songs. 'Here we are, out of cigarettes,' 'The smoke of my cigarette floats through the air,' 'Cigarettes and whiskey and wild, wild women.' Er zijn er vast honderden. Welnu, de EO-ers deden ijverig mee. Die oude films, daar hadden zij niet zoveel op tegen, maar ieder het zijne. Zij richtten zich meer op de nieuwe films waarin waarachtig echt werd gevrijd en op de nieuwe literatuur natuurlijk, hoewel er in de oude ook veel ongerechtigheid school (streekromans mochten blijven). Voor de zekerigheid en de secuurderigheid verbanden ze alle pop-, rock - en rapmuziek, dat tikte ook aardig aan. Iedereen moest verplicht elke maand op een EO-dag komen en daar gelukkig zijn en blij. Wie triest durfde te kijken, werd aan de schandpaal genageld, mocht in het gezicht gespuwd worden en bekogeld met van alles wat voor de hand lag. Niet met drek, het moest wel een beetje netjes blijven. Seks voor het huwelijk werd streng gestraft; als iemand spijt betuigde met tien, als de spijt uitbleef met honderd zweepslagen. Er werd op toegezien dat dit correct gebeurde, niet slapjes met de Franse slag. Overspel en gevrij tussen mensen van gelijk geslacht... o, daarvoor was alleen de doodstraf streng genoeg. De mannen werden eerst gecastreerd en de vrouwen? Waarschijnlijk werden ze naar goed oud gebruik gestenigd, een methode die geëigend lijkt voor individuen van het zwakke geslacht die zich niet wensen te houden aan de normen die door monsters zijn gesteld.

En dan hadden we Iran in Madurodam, niet met imams, maar met dominees, televisiebobo's en zeloten aan het hoofd. Natuurlijk waren er toch muiters en rebellen. Ergens waren oude films en oude liedjes verstopt, er werd een uitgebreide Huub Bals-selectie gevonden, je kunt het kwaad nooit geheel uitroeien. Dus kwamen de afvalligen bijeen in het huis van één hunner, in duisternis want het licht zou hen kunnen verraden. Daar werden dan de oude films vertoond met Humphrey Bogart, de held, die zijn leven had gegeven voor de sigaret. Hij was aan longkanker gestorven, is er groter offer mogelijk? Er werden liedjes gezongen waarin de rook kringelde en sliertte dat het een lieve lust was. En altijd werd begonnen met 'Gute nacht, Freunde...,' dat was gepromoveerd tot Geuzenlied.

De softcore liet het daarbij, die ging na een uurtje of wat met betraande wangen weer de kille maatschappij in, maar de hardcore... o la, la. Die pleegde overspel en sodomie, zoals het officieel heette en pafte zich zelfs tijdens de ingewikkeldste standjes de longen uit het lijf. Gingen er buiten voetstappen voorbij, dan begon hun hart te bonken maar als er iemand aan de deur kwam, viel er niets meer te verbergen: de rook sloeg naar buiten. Tja, en dan moesten ook zij de prijs betalen voor hun liederlijk leven: de brandstapels op de pleinen wachtten, die verbrandden niet alleen films en boeken. Er kwamen heel wat mensen op af, reken maar van yes.

Het was wel spannend natuurlijk als je je tot de ondergrondse kon rekenen. Overdag liep je dan met een stalen gezicht en gehuld in keurige, alles bedekkende kleren tussen dat enge, geniepige, gevaarlijke volk en 's avonds... Jammer dat branden zo'n pijn doet.

En dan te bedenken dat ik niet eens rook.

mailIcon print |