*

 
dossier

Archief

Muzikale kwaliteit en veel aandacht voor het visuele aspect cabaret

FRANK VERHALLEN − 05/02/98, 00:00

AMSTERDAM - Een mengeling van popchansons in de stijl van Raymond van 't Groenewoud en absurdistische sketches à la Kamagurka, zo lieten de eerste twee theatervoorstellingen van het Vlaamse broersduo Kommil Foo zich het beste karakteriseren. Met 'Bek' slaan Raf en Mich Walschaerts een nieuwe weg in.

Basis voor de eerste twee theaterprogramma's van Kommil Foo waren een aantal afzonderlijke nummers, die met losse steken tot avondvullend geheel waren gebreid. Voor 'Bek' is, met behulp van regisseur Wim de Wulf, een omgekeerde weg gekozen: een hecht en doorlopend verhaal, opgebouwd uit thematische liedjes en sketches. Met alleen hun muziekinstrumenten (zoals viool, gitaar en piano), wat kleine attributen (zoals een sigarenkoker en een bosje bloemen) en een multifunctionele stalen constructie (die dienst doet als onder meer vliegtuig en doodskist), schetsen zij op humoristische wijze het verhaal van hun grootvader Louis. Die was in de oorlog schilder van legervliegtuigen, maar had daarnaast een groot verlangen zijn beperkingen te ontstijgen en een hogere vlucht te nemen, zowel in letterlijke als figuurlijke zin. Beiden stappen om beurten in de rol van deze Louis en de familieleden om hem heen, waarbij Mich zich de beste typeur toont, terwijl Raf aangenaam voor vaart zorgt door als verteller op te treden.

Is de programma-aanpak nieuw, als vanouds is de grote muzikaliteit van het duo - dat zijn afwisselende solo's en tweestemmig gezongen liedjes deze keer aanwendt om de gebeurtenissen en verhaalkarakters nader te duiden - de ene keer poëtisch, dan weer zeer cabaretesk. Ook die muzikale kwaliteit en de aangename aandacht die het duo opnieuw (naar Vlaamse traditie) heeft voor het visuele aspect, maken 'Bek' tot een van de mooiste van de cabaretprogramma's die op dit moment in de Nederlandse theaters te zien zijn.

mailIcon print |